Wat was de vraag?

Oudejaarsdag ging verder gezapig voorbij.
Ik bakte wat flappen en fikste wat eieren die we om half zes bij mam gingen oppeuzelen.
Rem ging gezellig de verstopte afvoer van mam proberen te ontstoppen terwijl ik -just to make sure!- even snel een foto maakte van de juiste kerststalopstelling#Dat je het de volgende keer even terug kunt zoeken Rem: Kijk, zo heurt het nou!

IMG_6137.JPG

Half negen keken we thuis naar Guido Weijers. Persoonlijk waardeerden wij zijn optreden meer dan dat van Youp, waar we even later weer naar keken.
De rode draad was hetzelfde.
Voorspelbaar.
Wat ik allerminst negatief bedoel.
Hoewel de boodschap dat natuurlijk weer wel was.
Nou ja, je begrijpt me wel.

De katten waren natuurlijk bloedje nerveus. De kippen zaten al de hele dag zo’n beetje op of onder stok.
-Ben er een beetje flauw van dat de buurman al vanaf een uur of elf ’s morgens zijn kleinzoon van vijf leerde rotjes af te steken.-

Nou ja, ik kan het allemaal niet mooier maken dan het was: We lagen gewoon rond enen al in bed.
Saai hè?!
Ik was er gewoon klaar mee.
Rem ook geloof ik.
-Of met mij, dat kan ook hoor.
Echt gezellig was ik niet.
Kon nog net de neiging onderdrukken om op FB te vragen of iemand dat vuurwerk nou eindelijk eens af kon zetten.
Ik bedoel maar-.

Vandaag dus wel weer vroeg uit de veren.
Eerst maar eens een quote voor mijn vrienden
op het FB gesmeten – mijn FB vrienden zijn namelijk over het algemeen dol op quotes van anderen;-)

IMG_6143.PNG

Afbeelding dus van internet!

Daarna maar weer naar mam, deze keer met de trekveer -ja, die schijnen we te bezitten. De schuur van Malle Pietje is echt niets vergeleken met die van ons- want de verstopping zat behoorlijk diep. Aan de andere kant van de straat als je het mij vraagt.
Ik zat nog maar net achter de koffie of ik kreeg een apje van Linda van de thuiszorg. Na haar man (oktober) is nu ook haar broer van 52 overleden aan een hartstilstand vannacht.
Wat een vreselijk nieuws.
Lieve hemel, houdt het dan nooit op voor sommige mensen?
Hoeveel kan een mens dragen?
Waarom zij?
Waarom háár moeder die nu al haar derde kind verliest?
Ik weet niet wat ik haar zeggen kan.
Mam en Rem ook niet.
Sterkte?
Stèrkte??

Nadat we afscheid hebben genomen van mam rijden we naar het strand, de zee.

IMG_6148.JPG

IMG_6146.JPG

IMG_6144.JPG

IMG_6149.JPG

IMG_6155.JPG

IMG_6152.JPG

Ja.
Rem heeft een beetje last van tunnelvisie.
Ik meer van ongecontroleerde bewegingen, hier probeer ik zo’n beetje de dag te plukken.

IMG_6157.JPG

IMG_6164.JPG

IMG_6163.JPG

IMG_6160.JPG

Met een thee / cappuccino en een lekkere pannini kijken we naar spelende honden, kite surfers en andere durfallen.

IMG_6170.JPG

IMG_6168.JPG

IMG_6166.JPG

Vanachter onze drankjes kijken we naar de nieuwjaarsduikers.
Het is reuze gezellig.
Maar om kwart voor vier wordt het wel weer tijd om lekker naar huis te waaien.

IMG_6174.JPG
Hé, jij daar!

IMG_6176.JPG
Ja, dat is beter!

IMG_6179.JPG

Doe jij ook eens gezellig!

IMG_6179-0.JPG

Kom, snel naar huis, kaarsjes aan, wijntje drinken en boontjes eten.
En let’s play some darts dan, later on!

GELUKKIG NIEUWJAAR!

Advertenties

Wist-je-datjes

Vroeger, en dan heb ik het over mijn dagboeken periode, kon ik hele weken samenvatten door middel van een ‘Wist je dat- je’.
Dat ging dan ongeveer zo:
Wist je dat…
…Kylian maandag voor de uitslag van zijn mri naar de orthopeed moest?
…hij gewoon een hernia blijkt te hebben?
…ik al wekenlang tegen hem zeg dat hij zich niet zo aan moet stellen?
…dat wel behoorlijk ontaard is van mij?
…ik mij nu natuurlijk hartstikke schuldig voel?

…mijn moeder eindelijk een mobiele telefoon heeft?
…deze slechts vier keuzeknoppen en een SOS toets op de achterzijde heeft?
…we toch nog flink hebben moeten oefenen afgelopen zondag?
– we nu maar hopen dat ze hem daadwerkelijk bij zich houdt ‘ s nachts?

…onze nieuwe vaatwasser nog steeds niet bezorgd is?
…dat Kylian gister namelijk door de bel heen sliep?
…we de deurbel notabene in zijn slaapkamer hadden opgehangen?
…er bovendien nog een brief aan de voordeur hing met zijn mobiele nummer ook?
…die chauffeur dat niet gezien had?
…Rem nu ergens in Groningen rond tuft?
…hij gelukkig straks gaat bellen met de keukenloods?
…ze mij gister niet terug gebeld hadden?
…dat dat misschien wel kwam omdat ik vreselijk tegen ze te keer ben gegaan?
…het me gister misschien allemaal even te veel werd?
…ik maar hoop dat Rem dan wel zijn twee handen aan het stuur houdt?
…hij leeg terug moet over de afsluitdijk met die harde wind?

…Kylian gister totaal not amused was?
..dit kwam omdat hij van mij niet met de scooter naar Beverwijk mocht met deze storm.
…hij me om half twee vannacht een Whatsap stuurde?
…met de mededeling dat hij nooit en ten nimmer meer met de trein zou gaan?
…hij om elf uur al klaar was met werken?
…en nog steeds onderweg naar huis was?

…dat ik een vaag gevoel had dat er iets anders was dan anders toen ik net thuis kwam?
…dat ik er de vinger niet direct op kon leggen?
…het kwartje pas viel toen ik de kippen ging voeren?
…dat de boom van de buren namelijk gewoon is omgewaaid?

…ik gewoon zelfs te moe ben om te slapen?
…ik dit natuurlijk zelf ook een waardeloos blogje vind?
…nachtdiensten niet heel bevordelijk zijn voor mijn inspiratie?
…dit blogbericht wel zeer bevordelijk is voor mijn slaap?
…het trouwens prima slaapweer is?
…ik eens een oud wistje-datje op zal zoeken?
…ik niet weet hoe ik er nu netjes een eind aan moet breien?
…ik dus gewoon maar een foto plaats van de omgewaaide boom?
…je de leuke buurman met zijn zaag er zelf maar even in moet denken?

IMG_5262.JPG

Over een geslaagde zaterdag en maatjes 38

Zaterdag
Om twee uur pikken we met z’n drietjes mam op.
Vandaag gaan we ‘gezellig winkelen’ in Zaandam.
Als er iets is waar mijn moeder niet van houdt is het winkelen.
Pas nadat ik haar vorige week had beloofd dat we dan echt alleen naar de C&A zouden gaan, en direct aansluitend een gezellig verwarmd terrasje op de Dam zouden pikken wilde ze er wel over nadenken.
‘Mam, je hebt echt een nieuwe jas nodig’. Vorig jaar was het er ook al niet van gekomen omdat pap ziek was.
‘Weet je wat, dan ga ik ook gezellig mee, jij ook Kyl?’

Terwijl rem en Kyl in de Saturn rond struinen gaan mam en ik naar de C&A. Ze parkeert hem keurig voor een grote pas spiegel. Ik zie dat ze het nu al Spaans benauwd krijgt.
‘Blijf maar lekker zitten hoor’.
Het volgende uur loop ik af en aan met jassen. ‘En deze dan? Pas deze dan eens’.
Het valt me mee dat ze ze bijna allemaal wel wil passen als ik tenminste met de ‘juiste’ maat aan kom.
‘Ik heb maat 38 kind, een 36 is me echt veel te klein’.

Na een poosje voegen Rem en Kyl zich bij ons.
‘Die is leuk oma!’
Ook Rem geeft haar een compliment. ‘Ja, die staat je hartstikke goed hoor!’
Het betreft een Camel kleurige jas met een tijgervelletjes voering. ‘Lekker zacht mam’.
Mam glundert.
‘Ja, deze is wel leuk. Waar is de kassa?’
‘Maar je wilde toch nog wat truitjes ook?’
Mam is er helemaal klaar mee.
‘Nee hoor, ik ben het zat’.
Onderweg naar de kassa pluk ik lukraak een lief truitje uit een rek. ‘Wat voor maat?’
’38 mam’.
‘Nou, doe maar dan’.
Even verder zie ik schattige camel kleurige bontlaarsjes staan.
‘Kijk nou, wat heerlijk mam, voor op je scoot!’
Rem en Kyl die ook een duit in het zakje.
‘Precies de kleur van je jas’
‘Lekker warm oma!’
Ik wurm de rechterschoen van mijn moeders voet en trek het laarsje aan.
‘Je hebt toch wel maat 38 Narda?’
Het zit als gegoten.
Eigenlijk wil ze ze gelijk wel aanhouden. En de jas ook.
‘Nou, dan laat ik de kaartjes er toch meteen uit knippen?’

Even later lopen we langs de Gedempte Gracht-die-niet -meer-gedempt-is naar de Dam. Mam kijkt haar ogen uit.
‘Best gezellig geworden toch?’
Bij de Koperen Bel is nog een fijn tafeltje onder de luifel vrij.
Er hangt zelfs een terraskacheltje boven.
Mam kan haar geluk niet op.
Er staat een asbakje klaar.
Ze hebben zelfs sherry.
‘Toch wel droge he?’
Zelfs droge.
In hele grote glazen.
En een bitterballetje lust ze ook wel ja.

Vandaag zelfs wel drie.

Even showen hoor!

Nou, dit is ‘m dan geworden: Onze keuken na de make-over.
We zijn er zelf heel erg blij mee, al moeten de kastdeurtjes onder nog wel vervangen worden. Voorlopig vinden we het zo best.
Ben ook erg tevreden met de hang rekjes en de kruidenrekjes.
En natuurlijk de planken.
Je begrijpt nu natuurlijk ook waar ik het keukentrapje voor nodig heb.
Wat past ‘ie goed in onze keuken, het trapje bedoel ik.
Het is bijna jammer dat ik niet zo goed kan koken.

Gelukkig heb ik twee keien van keukenprinsen;-)

image

 

 

image image image image image image image

Het mooiste krukje ooit…

‘Ja hoor, dat mag wel. Hij staat in de schuur. Ik kan hem toch niet meer tillen’.

Met het oude Brabantia keukentrapje onder mijn arm verlaat ik vorige week het huis van mam. Het voelt een beetje alsof ik uit ben op haar spullen. ‘Wel raar mam. Weet je het wel zeker?’
Ze kijkt een beetje weemoedig. ‘Ik had het al voor ons trouwen’.
‘Weet je nog dat zus en ik er altijd op zaten tijdens de afwas vroeger?’ Nou ja meestal zat ik. Zus was ouder, die mocht helpen. ‘Wat zal ik veel gezongen hebben op dit krukje, weet je nog?’
Mam knikt.
Er komen meer beelden voorbij.
1001 Peertjes koken van onze perenboom.
Mijn grote stoere zus van vier of vijf die via het trapje op het aanrecht klimt om dropjes te pikken.
‘Weet je nog dat we vaak boterkoekjes bakten?’
Ik weet het nog. Met mijn knietjes op de kruk
versierde ik de deegballetjes met een natte vork.
Daarna mochten we met onze vinger de kom uit likken.
‘Niet teveel hoor, daar krijg je wormen van!’
Nog meer herinneringen.
Mam die een pleister plakt, de zoveelste, op mijn kapotte knie. ‘Kusje erop, over!’
‘Weet je nog dat ik droog paardrijles op de kruk kreeg van zus?’

Mam ziet de beelden ook voor zich.
‘Neef en Kylian hadden er ook zo’n lol van. Weet je nog dat je vader met een gladde plank er een glijbaan van had gemaakt voor de jongens?’
Ik zat dan vast te buffelen op het werk. ‘Nee, dat weet ik niet’.
Mam vertelt lachend dat ze dan zo -ploeps!- in het schelpbadje met water gleden.
‘En een lol dat ze dan hadden!’
Zachtjes laat ze haar hand nog even over het krukje gaan.
‘Dank je wel mam. Ik zal er heel erg goed op passen’.

Rem is bijna klaar met de keuken als ik met het krukje thuis kom.
‘Ga je hem schilderen?’
Ik bekijk het krukje aandachtig.
Hier zit wat rode verf, dezelfde kleur als waar pap de mooie zwarte gietijzeren potten ooit mee heeft verknald.
Daar wat groen.
Groen van zijn boot.
Van de stoepen.
Een druppeltje bloed.
Wat wit, van wat later op het bovenste treetje.
Roest.
1000 krassen.
En 1001 herinneringen.
‘Nee. Natuurlijk niet’.

Kijk hem eens mooi zijn!

20140823-160821-58101225.jpg

Ziekenhuisavonturen en andere beslommeringen

Maandag
‘En waar zit de buikpijn precies?’
Dr. Spruitje is er nooit op maandag dus even later klopt beluistert en onderzoekt 1 van zijn vele collega’s mijn plofbuik dat het een lieve lust is. Je neemt waar, of je neemt waar, nietwaar? Als hij klaar is vertelt hij dat ik nog even bloed moet laten prikken. De assistente van het lab blijft zelfs even op mij wachten. ‘Dan bel ik u even tussen vier en vijf met de uitslag’.

Even na tweeën belt hij me wakker. ‘Uw bloed bevestigd dat er een ontsteking zit ergens, het is misschien toch verstandig dat u even langs de eerste hulp gaat. Ze weten dat u komt’.

In de wachtkamer is het aardig druk. Na een dik uur mag ik eindelijk op een bedje liggen.
De verpleegkundige brengt me twee voorverwarmde dekens.
Wat heb ik het koud.
Gelukkig hoef ik niet lang op de chirurg te wachten. ‘Waarschijnlijk heeft u divertuculitis, een ontsteking aan een uitstulping in uw dikke darm, maar het kan ook uw blinde darm zijn’. Mijn hele onderbuik is pijnlijk. Ja, raad dan maar eens waar het vandaan komt. ‘U wordt straks opgehaald voor een echo’.

De radioloog houdt ook niet van half werk. Secuur gaat hij mijn hele buik af. Voor mijn gevoel duurt het wel een half uur voor hij klaar is. ‘Ik denk dat de chirurg vanavond of morgen nog een ct scan zal willen laten maken’, zegt de radioloog.

Inderdaad. Ik moet blijven.
Even voor zeven wordt ik opgehaald en naar 4 zuid gereden. ‘Hoe krijgen we het voor elkaar. In september lag mijn vader hier, in februari mijn moeder en nu ik’. Ik wil alleen niet graag in de kamer waar mijn vader lag, zeg ik. Ze vraagt welke kamer dat was.
‘Nee hoor, je komt op een vierpersoonskamer. Er ligt nu alleen nog maar een wat oudere heer’.

Op de kamer ligt inderdaad een man.
Een oude man.
Stokoud als je het mij vraagt.
Hij laat ongegeneerd scheten.
En hoest alsof zijn laatste uur geslagen heeft.
Een heer zou ik het niet willen noemen.
‘Mag mijn bedgordijn misschien dicht?’
Ik wil liever niet naar hem kijken.

Na een halfuurtje komen Rem en Kyl. Ze zijn op de motor. De auto staat bij de Mac Donalds waar ik hem vanmiddag heb geparkeerd. ‘Lekker laten staan lief, ik kijk straks wel even’.
Kyl heeft bijna alles van het lijstje in mijn tas gedaan.
Behalve dan mijn slippers en mijn oplader. (Grrr…)
‘Dank je wel schat. Nee, het geeft niet hoor’.
Het is hem zo te zien prima gelukt om mijn alleroudste slips bij elkaar te scharrelen voor deze gelegenheid.
Eigen schuld, moet ik die zooi ook maar eens weggooien.

Rem heeft er die dag al twaalf uur opzitten. ‘Gaan jullie maar hoor, ik red me wel’. Ze moeten nog eten ook. Stakkers!
Even later krijg ik een nieuwe overbuurvrouw erbij.
Naast stokoud
is ze ook nog eens stokdoof.
‘Hèèèèè, Wat-zejjenouuuw?’
‘U krijgt straks van mij een Klys-Ma’.
‘Hèèèè?’
‘EEN KLYSMA schat’
Mij noemt ze geen schat.
Gelukkig.
‘Hèèè? O ja? Wasdaddan?’
De buurman laat weer een scheet. Voor de gezelligheid rochelt hij nog een beetje na.
Vergeefs zoek ik naar mijn oordopjes in mijn tas.
-This must be hell-
‘Nu moet u op uw zij gaan liggen, zo ja Schat…en dan gaan we zo heel snel naar het toilet samen.’
Mijn toilet bedoelt ze.
Straks maar niet vergeten mijn Birkenstocks aan te doen als ik ga poetsen.
Ik lig met mijn kop onder de dekens en mijn vingers in mijn oren te kokhalzen. En ik was al zo misselijk voordat ik aan die liter drank voor die ct- scan begon.
Men, wat trek ik dit slecht.

De volgende morgen wordt ik al vroeg opgehaald voor de ct-scan. Als ik weer terug op zaal ben mag ik nog steeds niets te eten. Stomme vraag natuurlijk ook. In plaats van een ontbijt krijg ik ‘Klysma part two’ voor mijn kiezen.
‘Hèèèè? Alweer??’
Ze haalt me de woorden uit de mond. De verpleegkundige is onverbiddelijk. ‘Ik leg hier allemaal matjes op de grond en in bed en dan zetten we de po stoel hier naast het bed’. Het klinkt alsof ze een dagje Efteling voorstelt.
Naarstig zoek ik wederom in mijn tas naar Iets, Iets, of Iets.
Net op het moment dat ik overweeg gewoon maar die hele tas leeg te schudden en over mijn kop te trekken, vind ik een deo roller in het verste hoekje. Snel duik ik met mijn deo onder de dekens. Als mijn buurman een smerige boer laat besef ik pas dat
ik mijn oordopjes ben vergeten.

‘Mevrouw X? Hallo??’
Even later verteld de chirurg me dat ik nog een nachtje moet blijven. ‘Als alle controles en uw bloed morgen goed zijn mag u naar huis. Dan zien we u over een paar weken op de poli voor controle. Ook willen we nog een coloscopie maken’.
Omdat de darm eerst ontsteking vrij moet zijn duurt dat nog wel een week of zes gelukkig. Twee jaar geleden heb ik ook al een coloscopie gehad. Behalve een poliepje en heel veel scherpe bochten was daar toen verder niets op te zien. ‘Ook geen divertikels’.
Prikkelbaar Darm Syndroom was de conclusie.

‘Om een uur of twaalf wordt u opgehaald. Dan brengen we u naar afdeling Gynaecologie en Verloskunde’.
De hemel zij geprezen.
‘Wil u nu wat eten misschien?’
Neuh. Ik wacht nog wel even.

Boven kom ik weer op een vierpersoons. Er ligt slechts 1 vrouw bij het raam. Het gordijn is dicht. Ze mormelt een beetje in haar slaap.
Na een uurtje trekt ze het gordijn een stukje opzij. ‘Zullen we het open houden? Veel gezelliger toch?’
Hoewel ze een jaar of zestig moet zijn heeft ze een guitige kop. ‘Ik ben Agaath, zeg maar Gaat, en jij?’
Gaat is die ochtend geopereerd. Ze hadden al een keer een verzakking verholpen, toen hebben ze haar baarmoeder verwijderd. Nu zat er een bal darm in de weg. Ze verteld het allemaal luchtig.

Gaat en ik keuvelen tussen de visites door de hele middag en avond door. Naast Rem en Kyl (met oplader en slippers!) was ook Dais even gezellig langs geweest. Kijk, zo is het best uit te houden. Het infuus mag er alleen nog steeds niet uit.
Ik heb een rot infuus. Of hij gaat zo langzaam / not dat mijn bloed terug stroomt, of hij loopt zo snel door dat het nog net geen straal is. Drup-drup-drup. ‘Hoe snel gaat jouwe nou Gaat?’
‘Drup—drup—drup’, doet Gaat.
‘Zie je nou?’

De volgende ochtend voel ik me echt niet top. Veel minder dan gister. En ik wil nog wel naar huis. Ik heb hoofdpijn. Als de verpleegkundige (lieve Else) mijn controles komt doen heb ik een pols van zestig en een bloeddruk van 75 over 140.
Niet verontrustend maar
dat zijn niet echt ‘mijn’ controles.
Ik ben meer van de pols van 80 en een bloeddruk van 120 / 70.
Ze rommelt weer wat aan het infuus en erkent dat hij wel erg hard loopt. ‘Ik denk dat je je straks wel wat beter voelt’.

Gaat mag vandaag de postoel proberen nadat haar catheter en tampon zijn verwijderd.
Ze weet van mijn gruwel van de afgelopen dagen. ‘Ik ga wel even een blokje om hoor Gaat, trek je van mij niets aan’.

Om een uur of 1 komt de arts assistent chirurgie langs. Het is dezelfde arts assistent die voor mam zorgde.
Ik was later nog een beetje boos op haar, omdat ze in het ontslaggesprekje met geen woord had gerept over een ct-scan van de longen van mam. Die uitnodiging viel toen zonder enige uitleg op de mat. Slordig.

Ik begin er niet over. Wat heeft het voor zin? Maar ik heb nog wel een paar vragen voor haar.
Ze legt me vervolgens uit dat je op een ct scan wel aan de buitenkant kunt zien dat de darm ontstoken is, maar niet wat de exacte oorzaak daarvan is. ‘Gezien ook de voorgeschiedenis van je vader nemen we geen enkel risico’.
Ze is wel op de hoogte moet ik zeggen.
‘Als uw temperatuur boven de 38 komt moet u bellen hoor’.

Om half twee neem ik afscheid van mijn lieve gezellige buuf
‘T ga je goed Gaat, zet ‘em op hè?! Nu effe lekker poepen op die stoel en dan mag je morgen naar huis!’

Mijn auto staat nog keurig op het terrein van de Mac Donalds. Net als ik weg wil rijden gaat mijn voicemail. Het is Else. ‘Je hebt je tassen vergeten!’ Wat stom zeg.
Even later vergeet ik helemaal dat ik beloofd heb om niet over de provinciale weg terug te rijden maar binnendoor. Ik keer de auto.
Afspraak is afspraak.

Ik ben blij als ik thuis op de bank lig.
Van zus een sms.
‘Lag jij in het ziekenhuis?’
Zeker van haar buurvrouw Marjan gehoord, een FB-vriendje van mij.
Zus heeft al weken niet gebeld naar mijn moeder. En als mijn moeder haar belt neemt ze niet op. Ik ben boos op haar en laat haar dat weten.

Ook vrijdag lig ik bijna de hele dag op de bank.
Kyl en Rem gaan steeds om beurten even bij mam langs.
Ik bel haar om te vragen wat ze nodig heeft zodat Rem dat even langs kan brengen.
Het is noodweer.
Mam heeft alleen mentholshag nodig en sherry.
Vandaag geen yagultjes of cakejes met gele room.

Het gewone leven neemt zijn keer.
Tja. Wat doe je daar nou tegen?

Hollands blog

Kijk.
Moddervet ben ik natuurlijk niet.
Bovendien ben ik al aardig op weg naar de vijftig, dus ‘Duh!’ Wat wil ik?
Lief is ook niet dat je zegt echt moddervet.
Maar samen zijn we toch al gauw zo’n 20 kilo aangekomen sinds we gestopt zijn met roken.
En het sporten schiet er ook al zo bij in:
Terrasjes weer!
-Moet je net bij ons zijn.
Bbq’weer!
-Count us in!
En gefrituurde inktvisringetjes passen natuurlijk veel beter bij de zomer dan die spinazie met die droge kipfilet.
Zeg nou zelf?
Of Gamba’s ‘Pil Pil’.
-met stokbrood en een dikke laag aouli
om maar wat te noemen.

Dit alles ook nog onder het mom van:
‘Gezellig, pluk de dag’
En/of:
‘Oma moet aankomen!’
-Meestal is beiden wel van toepassing.

Een en ander wordt natuurlijk -gezellig!-weg geslobberd met een fruitig roseetje dan wel fris pilsje.

Ondertussen komt de weegschaal van mam nog steeds niet verder dan de 42 kilo grens.
“En een half hoor Narda!!!”
-En een half.

Nee, roken doen we niet meer.
In september zijn we twee jaar gestopt.
Soms mis ik het.
Ai-ai-ai!
Meestal missen we het dan net toevallig samen.
Nemen we gewoon een toostje.
Een pittig worstje
Een hartig kaasje.
Chips.
Nootjes.
Vanille-ijs met aardbeien en slagroom.
-En zo-

De weersvoorspellingen blijven voorlopig mooi.
Tja.

Onweer op komst?

Donderdag.
Het is nog prachtig weer als ik uit mijn werk kom.
Bloedheet. Nu schijnt de zon nog, maar later op de avond zal het vast gaan onweren.

Rem is vandaag ook redelijk op tijd thuis.
Ik besluit hem spontaan te ‘ontvoeren’ naar het terras van ‘Havenrijk’, aan het Uitgeestermeer.
Kan ik mooi meteen mijn rondje fietsen.

Er is gelukkig nog net een tafeltje vrij. Rem neemt een biertje, ik een rosé. Wat is het lang geleden dat we zomaar iets leuks met ons tweeën hebben gedaan.
Zonder Kylian.
Zonder mam.
‘Heeft je moeder trouwens nog van die vreemde geluiden gehoord?’
Ik schud mijn hoofd. ‘Ze denkt dat het misschien ook wel eens een kauwtje geweest kan zijn’.
We hadden het ook nog even over de ‘spook’kat gehad. Volgens mijn moeder had hij -zeker weten!- grijze vlekken. En ik weet heel zeker dat hij spierwit was. Net als Spook.

We zitten zo lekker te kletsen en te eten dat we niet eens in de gaten hebben dat de mensen aan de tafeltjes om ons heen weg zijn.

Ik plaats wat foto’s op Facebook.
Gewoon.
Een biertje.
Mijn rosé.
Een zonsondergang.
Uiteindelijk gaan we zelf ook weg.
‘Moeten we vaker doen’.

De volgende morgen lees ik de reactie van een kennis op mijn Facebook. Ze wijst me op de vreemde foto van het bierglas.
‘Het is net of er een gezichtje in het glas zit’.
Ze heeft gelijk.
Nu zie ik het ook.

Het geeft me gelijk de kriebels.
Eerst al die kat, nu dit weer.
Wat gebeuren er toch een hoop vreemde dingen om me heen de laatste tijd.
Dit zijn dan nog maar twee voorbeelden.
Ik heb hier zo he-le-maal geen zin in.
Ben ik misschien gestrest?
Komt het misschien door het onweer in de lucht?

Ik weet niet eens of ik het wel wil weten.
Het was donderdag trouwens precies een half jaar geleden dat mijn vader is overleden.
Toeval of niet?

Denk dat ik maar wat meer ga tuinieren van de week.
Kan nooit kwaad.
Beetje aarden.
Stamppot eten.
Veel douchen.
Schone lakens.
Zonnige blogjes.
Op tijd naar bed.
Ik slaap trouwens ook weer als een krant de laatste weken.
Helpt ook niet echt mee natuurlijk.

Nou, het is wel een beetje een zeikblogje geworden. Het zij zo.
Laat ik dan maar met wat heel leuks eindigen:
Morgen komt Kylian weer thuis uit Llorret de Mar.
YEEH-HA!

20140712-172911.jpg

Onder een kacheltje en een dikke laag schuim

Woensdag
‘Goedemorgen, u spreekt met mevrouw W. Ik bel u even naar aanleiding van uw bericht over Sinthia. Wij vinden uw klacht terecht en daarom mag u voor het volledige aankoopbedrag een andere koffiemachine uitzoeken’.

Donderdag.
Hemelvaartsdag.
Het is koud.
Te koud voor de boot.
Te koud voor de motor
Te koud voor de tuin.
Het wordt de stad.
Wij hebben koffie nodig.
En Kyl een nieuwe oplader.
‘Twee weken geleden had ik er ook al 1 voor je gekocht?’
Was echt een koopje.
Op het plein.
5 euro maar.
‘Die stond gister in de fik mam!’

Vrijdag.
Terwijl Rem en ik naar het werk zijn speelt Kylian thuis voor magazijnchefje.
Hij heeft de dubieuze eer
Sinthia uit te mogen zwaaien.
We mogen haar uiteindelijk inruilen voor twee nieuwe grijze rolgordijnen, een ‘Krubs Les-presso’ apparaat + 100 euro aan gratis koffiecups, een spijkerbroek, twee kamelen poloshirts voor Rem en een t- shirtje voor mij.

Als ik ’s avonds thuis kom staat mijn verjaardagscadeautje al pontificaal midden in de woonkamer.
Het is een klein fijn zwart hoek lounge-setje.
Samen met Rem zet ik het op de veranda.
Wat een mooi cadeau.

Rem doet gezellig het kacheltje aan. Ik de kaarsjes en de olielampjes. Het was er al heerlijk, maar nu voel ik me helemaal de koning te rijk. Uit pure euforie klokken we binnen no time een fles rosé en een half krat pils naar binnen.
Spook en Bram komen er ook gezellig bij.
Innig tevreden kijkt Spook met toegeknepen oogjes van mij naar het kacheltje.
Hij kwijlt er zelfs van.
Om twaalf uur word ik gekust.

Zaterdag.
Gelukkig hebben we ook sterke varianten cups gekocht in de ‘Bij’.
De melkopschuimer werkt fantastisch. En zo makkelijk schoon te maken.
Verbluffend gewoonweg.
Ik bevind mij zaterdagmorgen afwisselend achter de Krubs, of achter de dikke laag melkschuim op mijn ‘lattes’ op mijn nieuwe zwarte loungebankje dat inmiddels natuurlijk al wit ziet van de kattenharen#Gelukkig hebben we de foto’s nog;-)

Zaterdagmiddag komen mam -je bent morgen toch eigenlijk pas jarig?-, mijn schoonouders -Je was gister toch eigenlijk jarig?- en mijn schoonzus en zwager om nectar feliciteren.
’46 toch? ‘
’48?’
Rustig, maar wel gezellig.
-Hoewel rustig?-

Zondag.
‘Motor rijden?’
Rond twaalf uur vertrekken we.
Het is prachtig weer om te rijden. Krommeniedijk, Uitgeest, Limmen. In Egmond binnen komen we een leuk restaurant tegen: http://www.nieuwwestert.nl/
Wat een leuk origineel terras. Zo gezellig, lange tafels beschut tegen de wind door hooibalen, leuke hoekjes her en der op het erf. En wat was de bediening vlot en aardig, en wat waren de broodjes lekker.
Ja, hier komen we zeker nog eens terug.

Na de lunch rijden we verder tussen de bloemenvelden en duinen door. Zilverkaarsen in lange rijen, bloeiende zuring, gele, blauwe en rode veldbloemen sieren de bermen. We passeren prachtige huizen met dito tuinen. Dit is zo heerlijk. Gewoon, het geluid van de motor, de zon, de wind, Rem en ik, met de kleppen dicht en de ogen open.
Zal het er misschien nog eens inzitten?
Een weekje weg met de motor?
Schotland of zo?

In Egmond drinken we nog wat op een strandterrasje.
Daarna keren we huiswaarts.
Gewoon, lekker even niets, in de tuin. Bink naar buiten, kippen een koekje, en langzamerhand de bbq maar eens aansteken.
Gewoon simpel.
Sla.
Fruit.
Gepofte aardappel, sateetjes en een stokbroodje met zelfgemaakte knoflookboter.
Een mooi wit gedekte tafel.
Blinkend bestek.
En een tweede glas rosé.
-Niet te warm-
Een witte waterval van rozen met piepkleine gele hartjes.
Buren geklonk.
Zachtjes.
Dan weer wat harder.
Gelach.
Een gitaar in de verte.
-maar behaaglijk-
Stemmen.
Wat getok en
een miauw.

Soms is alles gewoon even zoals je het bedoelt.
Dat is denk ik wat geluk betekent.
Voor mij althans.

Maandagmorgen.
Zes uur.
De melk is op.
K#T!

20140603-003320.jpg

20140603-003403.jpg

20140603-003422.jpg

20140603-003444.jpg

20140603-003458.jpg

20140603-003511.jpg

Mam?

Mam,
Met je groene ogen
Zwarte haren.
Lange haren.
Jij, Gypsie.
Jij.
Mooie vrouw.

Weet je nog?
Dat er ‘zeven rovers waren’?’
En hoe de eerste heette?
Weet je nog?
Van ‘wij in Suriname?’
De mannen om je heen?
Jij mooie vrouw?
Je zag alleen pap hè?

Mam?
Weet je nog?
Wij?
Zus ik en jij?
Wij?
Altijd wij?
Ons verbond?

Van Purdy.
In de hoek op de tv.
Onze tranen bij Black Beauty?
In zwart wit-
Het kleine huis?
En de slappe lach?
van jouw Sjors en Sjimmie?
Weet je nog?
Je kerstdiners?
Je verhaaltjes?
Wat we zongen?
Keken?
Samen?

Mam?
Weet je nog?
Jaren later?
Onze kerstboomjacht?
Jij voorop.
Ik
achterop?
-25 weken zwanger-
op je bagagedrager?

Weet je nog?
Ik huilend aan je voeten?
Die ene keer?

Mam?
Wat genieten we nog hè?
Van onze momenten samen.
Mam?
Morgen is onze laatste.
Jouw laatste:
moederdag.
-Hoogstwaarschijnlijk-

Wat moet ik je zeggen?
Wat kan ik je
-in Godsnaam-
nog geven?

Mam?
Mag ik nog even je kind zijn?
Zal ik maar gewoon wat asperges voor je maken?
Met ei?
En gewelde boter?
Mam?