‘Waar ga jij naar toe vandaag?’

Ergernissen in de trein.
Mishandeling van conducteurs.
Het is schering en inslag lijkt wel.
Niet dat ik hiervoor een excuus ga zoeken, er ìs namelijk geen excuus voor geweld, maar toch zijn er zo ontzettend veel ergernissen in de trein.

Het begint al met het instappen. Je weet niet wat je ziet.
Grote volwassen kerels die je gewoon opzij duwen.
Allemaal willen ze een plekje.
Allemaal zijn ze moe.
Allemaal op zoek naar een eigen plekje om even bij te komen na een lange dag.

Ik weet niet of u weleens in een Sprinter van de NS reist?
In dat geval zult u het met me eens zijn dat de voltallige pascommissie van de stoeltjes en wagonnetjes haast wel moet hebben bestaan uit Pichelmeetjes.
Ik zit namelijk altijd met mijn knieën tegen de knieën te bonken van degene die tegenover me zit.
Àls ik tenminste al kan zitten.

IMG_6781
Want soms zijn de treinen gewoon te vol. Lees: te klein.
En dan moet je staan.
-Weet u wat dat kost, zo’n enkel reisje?
Bijna vier euro!
En daar sta je dan.
Als je een beetje mazzel hebt nog naast een paal, waaraan je je samen met tien andere mensen krampachtig staande probeert te houden, en als haringen in een ton naar een beetje frisse lucht staat te happen op het moment dat de deuren even open gaan om nog meer mensen binnen te laten.
“Wil iedereen zoveel mogelijk doorlopen, er moeten nog meer mensen mee”, roept de conducteur dan.
Of, een andere conducteur weer op een andere keer:
“Dames en heren. We naderen zo direct de tunnel. Door de drukte in de trein kunnen wij helaas uw veiligheid niet garanderen”.

Een enkele keer wordt er op het Centraal station in Amsterdam al omgeroepen dat er ook plaats genomen mag worden in de eerste klas coupe’s.
Dat is wel aardig hè?
Maar alleen als het de NS uit komt hoor.
Denk erom!

Op een zomerdag in 2013 kwam ik met Kylian en Neef terug van Schiphol. Kylian was naar zijn vader in Engeland geweest.
Het was in de periode dat ik nog best ziek was. Ik kon amper lopen, en lang staan was helemaal een crime.
Helaas waren alle zitplaatsen bezet.
Ook op het balkon, waar ook de conducteur op een stoeltje zat.
En hij bleef daar ook zitten.
‘Vind u het goed als ik even in de Eerste klas coupé plaats neem, ik kan niet zo lang staan’.
Ik vroeg het aardig, en was er van overtuigd dat dit voor hem geen enkel probleem zou zijn.
Maar helaas.
Om een lang verhaal kort te maken, daar was geen sprake van. “Als u daar had willen zitten dan had u daar een kaartje voor moeten kopen”.
Hij maakte echt geen grapje hoor.
Ook stond hij niet op om zelf in de eerste klas coupe plaats te nemen.
Hij bleef gewoon zitten.

Nee.
Er is geen enkel excuus voor geweld.
Ook al haalt iemand expres het bloed onder je nagels vandaan, en geniet hij zichtbaar van zijn spelletje machtsvertoon.
Er is geen enkel excuus.

Dàt niet.
Nooit.

IMG_6783

Advertenties

Gezever over werktijden en trein rijden

Sinds kort hebben we een nieuwe dienst erbij op het werk. Een tussendienst van 11.30 tot 20.00.

Gister en vandaag werk ik deze uren.
Ik moet er nog erg aan wennen hoor. Als ik aankom zijn er al twee secretaresses achter de balie aan het werk.
Ik ga dan daar achter, in de back- office zitten en beantwoord de telefoon.
Op het moment is daar nog een collega administratie aan het doen. Ze is aan het reïntegreren en kan nog niet achter de balie.

Verder is de back office ook de werkplek van de paviljoen coördinator en werken de artsen en verloskundigen daar ook af en toe hun administratie bij.
Kortom: een kippenhok af en toe, en dat trek ik Zo Ontzettend Slecht af en toe…

Om drie uur komt er dan nog een collega secretaresse van de avonddienst. Om vier uur gaan de dagdiensten naar huis, en dan ga ik samen met de secretaresse van de avonddienst front office zitten.
Het is ook wel weer gezellig hoor, dat wel, en het was broodnodig ook, die tussendienst. Vooral tussen vier en zes kan het ontzettend druk zijn.

Gister was ik pas om tien uur thuis, ik was tot 20:15 gebleven en daarna nog een fikse vertraging.
Vandaag ook al weer een vertraging. Met de collega van gister afgesproken dat ik vanavond dan de trein van 20:17 neem. Hopelijk rijden de treinen dan weer normaal.

Wat een saai blog is dit geworden.
-Nou ja, voel me gewoon ook een beetje saai-
Hierna gelukkig een paar vrije dagen in het vooruitzicht.
Hopelijk blijft het van dit zalige zonnige weer.

Pinkeltje en Zwarte Piet…

Vanmorgen zag ik het boek weer liggen naast de magnetron.
O ja. Daar moesten we nog wat mee…

Vorige week had Kylian het in de trein gevonden. En natuurlijk had hij zijn nieuwsgierigheid niet kunnen bedwingen en het snel in zijn rugtas gepropt.
Eenmaal thuis kwam hij het daar weer tegen.

‘Kijk eens mam, wat ik nou gevonden heb in de trein.’
Het was de bedoeling dat hij van zichzelf en het gevonden boek op de vindplaats een foto maakte, en deze naar het Noord-hollands Dagblad stuurde.
‘Ja, zie je het voor je mam? Ik dacht het even niet!’

Nee. De boel bedonderen en net doen alsof ik het had gevonden wilden we ook niet.
Ondanks dat er een prijs aan vast zat die tegen inlevering van het boek op 23 november op het Dick Laanplein zal worden uitgereikt.
Dus vanmorgen even snel een Sint gedichtje in elkaar geflanst, het boek weer ingepakt en het op de Padlaan bij het standbeeld van de Kameleon neergezet.
‘Voor de eerlijke vinder. Groet, Piet’

We zullen het misschien binnenkort lezen in de krant.
‘Vinder Pinkeltje
-wint nieuwste Lambourgini.
-wint wereldreis
-wint…’

Of misschien ook maar liever niet…

20131118-144914.jpg

20131118-144929.jpg

20131118-144948.jpg

20131118-145011.jpg

20131118-151437.jpg

Vrijdag de dertiende

Station Krommenie 06:40
Shit.
Geen OV pas.
Had Kyl even geleend gister.
‘Stop je hem gelijk even terug in mijn tas?’
‘Even uitrusten mam, ik ben zoooow moe’.

Inmiddels in de trein.
We zijn bijna bij station Wormerveer.
Shit.
Daar heb je de conducteur
En door mijn boosheid op Kyl was ik zo afgeleid dat ik vegeten was in te checken in Krommenie.
‘Geeft niks hoor mevrouwtje, doet u nu maar even snel’.

Centraal station
Shit
Kan niet uit checken.
Wat nou weer?
‘Ach mevrouw, even zien.
U bent in Krommenie ingecheckt
en in Wormerveer weer uitgeheckt’.
We lachen samen.

Een aardige conducteur
Geld bespaart
en een aardige mevrouw van de service balie

Vrijdag de dertiende
Kom maar op
Ben er klaar voor!

Gek is dat

Gek is dat.
De trein reed niet vanmorgen.
Tussen Uitgeest en Zaandam.
Nou is dat op zich niet zo gek.
Dat gebeurt echt wel vaker.
En dan komt er gewoon een bus.
En dat is anders dan normaal.
En anders dan normaal schept denk ik een band tussen de mensen.
Gek is dat toch.

Ze kwam naast me zitten, een vreemde vrouw, maar sprong geschrokken weer op.
“Wacht even!”
Gehaast liet ze haar tas vol vertrouwen achter op de stoel naast de mijne, en rende terug naar buiten.
Het lag er nog. Ik zag haar bukken.
De chauffeur wachtte braaf.
Triomfantelijk stak ze een mapje als bewijs omhoog voor de chagrijnige trein/busreizigers, toen ze door het pad terug liep naar haar stoel naast de mijne in de bus die nu door haar schuld nog een minuut later aan zal komen in Zaandam.
Ja, door haar.
Haar schuld.

Het ontging haar volledig
dat ik de enige was die lachte
en zei: “Gelukkig maar zeg!”
Waarop zij weer iets aardigs antwoordde wat vervolgens ontaarde in een eenzijdig gesprek dat nogal abrupt eindigde op spoor 8 van het Centraal Station waar ik op het laatste moment nog net op tijd uit de trein stapte.

Een groet.
Een laatste zwaai.
Ik zie ik nog net hoe ze, als de trein zich weer in beweging zet, haar hoofd wat moedeloos tegen het raam laat leunen als ze zich beseft dat
haar hele leven in de notendop tussen Krommenie en het CS had
gepast.

Gek is dat.

Zwoele zomernacht

Poes Noes heeft een vriend. Ik vermoedde het al een tijdje maar sinds vanavond weet ik het zeker: Het Is Dik An!
Vanavond kwamen ze me samen tegemoet rennen toen ik na mijn avonddienst mijn auto inparkeerde, en gezamenlijk begeleiden ze mij naar de voordeur, waar ik Bram dan al pal achter weet.
Jawel, ik heb een zeer enthousiast en onvermoeibaar welkomstcomité!

Maar goed, de prille liefde moest natuurlijk gevierd worden. Daar was ik het wel mee eens. Een schoteltje met water aangelengde melk en wat brokjes leken mij hiervoor wel gepast. Eigenlijk niet goed voor ze die melk, ik weet het, maar hey, wees eerlijk, Champie is ook niet echt gezond, of wel?
Niet zeuren dus.
En ach, het was zo ontroerend lief om te zien hoe hij als een echte een heer betaamd eerst Noes haar buikje rond liet drinken. Daarna deed zij een paar stapjes terug, keek hem verleidelijk met haar scheve koppie aan, en liet hem de rest opdrinken.

Bram en Spook bekeken het tafereel met stijgende verbazing en dikke staarten aan vanachter het keukenraam.
Hoe durfde ik een vreemde vent zijn avances aan te moedigen (Blaas)? De brutaliteit van die kerel (Mooauw)! En nee, ze mochten niet naar buiten om die nozem mores te leren nee. Zo flauw van mij.
En dus gooit Spook nu uit pure frustratie en woede alle spullen van de tafel en is Bram is pisnijdig op en neer aan het stampen op de trap, terwijl ik dit stukje tik.

Ze heeft een vriend. Soooo romanties! Ik heb ff snel een kiek van hem gemaakt. Is ‘ie niet stoer? Kijk hem zitten dan op die motor.
Als je goed luistert kun je hem zelfs horen zingen: “Spring maar achterop bij mij’

Ik draaf weer een beetje door, ik weet het, ik weet het.
Truste!
,539703_434295246603793_3115876_n[1]

Colaboom

Lokatie: Metro
Traject: CS- Wibautstraat
Tijd: 14:45

Drie heren van de plantsoenendienst komen bij me zitten. Duidelijk herkenbaar aan hun felgele hesjes en hun vuilgrijpers. “Zo, morgen weer een dag mannen!”. Het komt er uit met een diepe zucht.
Man 2 neemt een laatste slok uit zijn blikje, knijpt deze vervolgens klein en vraagt aan zijn collega’s “Hé, weten jullie waar ze cola van maken?”
Man 1:” Ja,….nou moet je mij niet aankijken, hoe moet ik dat weten?”
Man 3: “Appelsientje maken ze van appels, sinaasappels en peren”.
Man 2 schudt vertwijfeld zijn hoofd: ” Da’s een merknaam ouwe, zo heet die fabriek. Maar dat zit er niet in hoor. Eggg nie!”
Man 3 denkt daar even over na: ” Maar sinas maken ze wel van sinaasappels, en daar doen ze dan luchtbobbels in”. Man 2 windt zich zichtbaar op over zoveel naïviteit :
” Denk je nou echt dat mijn IPad ook van appels is gemaakt?” Ik hoor het bijna kraken daarbinnen. Dan zegt 2 duidelijk de slimmerd van het stel: “Ik weet trouwens ook hoe je spinazie maakt…..” Dat weet man 3 ook wel.
” Duh…Gewoon in een pan en dan koken!!”
” Nee ouwe, van zaadjes! Je mag toch vijf planten in je huis?! Nou, dan kun je net zo goed spinazieplanten nemen”. Man 1 doet ook een duit in het zakje. Hij vraagt of iemand weet hoe je spruitjes maakt. “Nee, maar mijn moeder heeft me wel geleerd om ze op te eten”, zegt 3 droog. “Aardappels worden heel langzaam groot”, aldus man 2 ” O ja?” 1 kauwt peinzend op de onderkant van zijn afvalgrijper. Ik bijt op mijn tong om er niets van te zeggen. “Het zit er weer op mannen, morgen weer een dag”. Man 2 staat op. De anderen volgen. Deuren gaan open, deuren weer dicht. Ik kijk ze na als ze langzaam. richting uitgang Weesperzijde lopen. Naast elkaar. De grijpers in hun hand, de rugzakken om.
Morgen weer een dag.

Ik verdwijn in de tunnel.
Zonder antwoord.

Op een gewone vrijdagmiddag

imageEen gewone vrijdagmiddag. In de trein. We rijden net weg uit Amsterdam en zijn op weg naar Uitgeest.
Hij: “Waar zit je dan?”. Dit is de laatst ontvangen zin van een nogal lang en onzinnig heen en weer ge-whatsup met mijn zoon over zijn nieuwe ‘super-vette’ schoenen dat ik je verder zal besparen. Hij was vanmiddag met twee vrienden in Amsterdam en uiteindelijk blijkt dat we in dezelfde trein terug naar huis zitten. Ik: “Ergens onderin en dan heeeeelemaal achteraan”. Mijn display zwijgt vervolgens dus als het graf. Voor mijn geestesoog zie ik ze nu met z’n drieën met hun volle kledingtassen en schoenendozen naar de voorste coupe’s sprinten. Schuifdeur open, schuifdeur dicht, en dan nog naar boven. “Snel!”
Ik ben dan ook zeer verrast als even later de mij zo bekende’ Jeks’-luchten vermengd met de geur van vers jongenszweet mijn neusgaten binnen dringen. “Hoi mam!” Drie lange slungels ploffen op de stoelen naast en tegenover mij. “We dachten: we komen gezellig bij jou zitten!’ Als alle knieën en voeten een plekje hebben veroverd worden de nieuwste aankopen geshowd. Daar zijn ze dan: de Schoenen! “Vet he?” En nee, ze hadden zich ‘mooi niet laten flessen’ bij de drogist. Triomfantelijk houdt zoonlief een flesje omhoog. Mijn hemel, nee toch? Bestaat er ook tegenwoordig ook zoiets als ‘Jeks’ aftershave? Daar zit ik dan. Moe, maar zo gezellig te kletsen met drie knappe knullen -in de geur van!-
Nee, nog geen idee wat ze die avond zouden gaan doen. Morgen? Ach, ze zouden wel zien! Beetje leren misschien.
“Toetsweek weet je wel?” Ja, het was wel goed gegaan vanmorgen. Met alledrie. Wie weet volgend jaar weer samen weer terug naar de havo? We delen dropjes en kauwen wat in stilte. Kijken maar het Guisveld dat ieder jaar wel weer mooier maar dan kleiner lijkt. De jongens zien er voldaan en tevreden uit. Alsof ze nu – met hun nieuwe aankopen op schoot -alles hebben wat ze in de rest van hun leven ook maar nodig zouden kunnen hebben. Ik had ze graag op de foto gezet. Gewoon, voor later. Maar “er zijn natuurlijk grenzen hè mam!’
En dus schrijft mam er maar een klein stukje over.
Opdat ze nooit meer zal vergeten
dat ze ooit eens toevallig samen in dezelfde trein zaten.
Op een gewone vrijdagmiddag.

Onbewust asociaal (Sire!)

(5 mei 2009)
Onbewust asociaal (Sire!)
IKKE?
Valt me idd op dat veel mensen onbewust asociaal gedrag vertonen. Anderen dus. Niet ik. Dacht ik tot gisteren. Laten we mijn ergernissen eens even op een rij zetten:
Allereerst erger me dood aan mensen die op zaterdag middag hun ‘kids’ met zo’n babyboodschappenkarretje door een volle AH laten cruisen, vreselijk! Doe dat op maandagmorgen ofzo… En dan die mensen in die invalidekarretjes. Die hebben gewoon eenpact gesloten met die vaders en moeders, kan niet anders want ze zijn er altijd op de momenten dat ik daar ook ben en het maakt niet uit hoe laat dat is… I hate it. (Maar misschien werken ze de rest van de week wel 40 uur, wie ben ik?) O, en dan heb je nog de ‘bieb’-moeders. Laat dat kind toch alleen het laatste boek erdoorheen jassen als er een rij van vijf achter je staat, en niet alle twaalf drie keer! En ja, dat zijn vast dezelfde moeders als die ik in de AH tegen het lijf loop!
(En ja, ik ben ook een moeder, en Nee, dat mocht mijn kind niet nee. Ook al zeurde hij nog zo erg!)

Wat ergert mij verder: Nou ja, het openbaar vervoer natuurlijk: MP3’s in de trein die zo hard staan dat het gewoon onmogelijk is om te lezen. Bellende mensen. Nee, niet zij die kort en bondig hun mobiel nuttig gebruiken, maar die totaal onzinnige gesprekken (in mijn oren dan)voeren. Of die vrouwen die met hun kennissen gaan praten en BLIJVEN praten terwijl ze toch net zo duidelijk als ik moeten kunnen zien dat die ander wil lezen. Echt een bord voor hun kop.
Of egoisme?
Ha, de auto:
De schuinparkeerders, kent u ze? Ook van die vreselijke typjes. Zetten hun auto zodanig neer dat ik er net niet meer tussen pas. De achteruit-inparkeerders idem! Hadden ze nog een halve meter naar achteren gereden, kon de mijne er nog precies tussen.

Maar goed, zelf schijn ik ook dus onbewust associaal te zijn. Gisteren kreeg ik een reprimande van de conducteur. Het was half drie, en bevond mij ALLEEN in de coupe. Leek me een prima momentje om nog even een kwastje over mijn nageltjes te strijken. Toch?
“Mevrouw, beseft u wel dat uw nagellak drie coupe’s verderop nog te ruiken is?” Persoonlijk vind ik de geur van nagelak te prefereren boven de zweet- en knoflookluchten waarin ik mij soms bevind. En dat is toch ook onbewust associaal, of niet dan?? De conducteur is in geen velden of wegen te bekennen als ik mij stoor aan die MP3’s enzo. En als hij of zij er al is dan wordt er niets van gezegd. Dat is nl. veel gevaarlijker dan mij aanspreken op mijn nagellakje, begrijp het best hoor.

Ach, onbewust asociaal, zijn we het niet allemaal?

Metroman

Zal ik jullie ‘es wat leuks vertellen? Ik heb een heuse eigen metroman. Al een tijdje. Pakweg twee jaar. En nu vraag je je natuurlijk af: ‘Narda, hoe kom jij aan een eigen Metroman’ ( of niet, dat kan ook) Eeuwen geleden – ik praat nu over de tijd dat station Wibautstraat nog open was- zat ik een keer verlegen om een vuurtje. En Metroman zat enorm verlegen om een sigaret. En natuurlijk help je elk
aar in zo’n noodsituatie, dus even later stonden we gezellig te roken en te kletsen. Een paar weken kreeg ik een sigaretje terug. Tja en dan ken je elkaar ineens hè!? Laatst Metroman voorgesteld aan man en kind toen we Metroman op weg naar Carre op station weesperstraat tegen het lijf liepen Uiteraard was Rem volledig van bestaan van Metroman (ook getrouwd, twee kindjes) op de hoogte. En kind kijkt nergens meer van op. Anyway, vanmorgen zag ik hem weer. Of liever, hij zag mij: ‘Hè dame, lekker gewerkt? Slaap lekker schat en doe de groeten aan je man’ Metroman en ik, ach, ouwejongeskrentenbrood;-)