Flarden

De eerste gedachte die ik had toen ik zojuist wakker werd was dat ik nog iets moet uitleggen hier.

In mijn vorige blogje had ik nl. een link gezet naar een oud blogje, geschreven op 22-5-2013, de zeventigste verjaardag van mijn moeder: ‘We bellen’.
Ik ben die dag niet naar haar verjaardag geweest. Ik was boos. Boos omdat ze, sinds ik op 6 april opgenomen werd vanwege mijn nekklachten, niet eenmaal even waren langs gekomen. En ik was ziedend toen ze die zaterdagochtend Kyl zijn spulletjes kwamen terugbrengen niet even tien minuten tijd konden maken voor een kop koffie.
Ik was er helemaal klaar mee.
Pas op 2 juni kwamen mijn ouders bij mij langs. Op die dag hoorde ik pas van mijn vaders buikklachten.
‘Moet je horen Nadda, ik moet over twee weken naar de internist. Kan jij met me mee?’

Nee, mijn ouders waren niet van die hardlopers. Ik denk dat mijn moeder sinds die maandag 2 juni meer bij mij is langs geweest dan in al de jaren ervoor samen.
Mijn vader was zo iemand die eigenlijk nog het liefste zijn jas aan hield als hij langs kwam.
Als Rem er niet was deed hij dat ook gewoon hoor, want dan bleven ze toch niet lang.

Het gevolg is natuurlijk dat als jíj niet zo hard loopt voor andere mensen, deze mensen ook niet zo hard lopen voor jou.
En het gevolg dáárvan is weer dat de enige mensen die regelmatig bij mijn moeder langs gaan Lidy, Remco en ik zijn. En Yvonne -de h in de hhhh- natuurlijk op de dinsdagmiddag.
God, wat zijn we blij met haar!
Ik denk dat ze een van de beste ‘dingen’ is die ons de afgelopen anderhalf jaar zijn overkomen. Mam en ik kunnen er zelfs samen nog heerlijk van nagenieten als ze weer is geweest. ‘Weet je wat ze vandaag heeft gedaan? Dat ene kastje weet je wel?’ Iedere keer neemt ze wel even iets extra’s onder handen. Ik zou niet weten wat ik zonder haar had moeten beginnen.

Maar goed.
Voor de rest loopt het dus niet echt storm. En dat hoeft ook niet voor mijn moeder. Ze vindt het helemaal niet erg om alleen thuis te zijn. Mijn vader was ook het liefste gewoon thuis. Of met mam op de camping.
Het oude vertrouwde, daar hield hij van. En toen mam hem eindelijk mee naar Spanje kreeg, zijn ze ook alleen nog maar naar Spanje geweest.
Wel meer dan vijftig keer.
Tot het net zo vertrouwd was als hun eigen broekzak.

Pas toen mijn vader ziek werd zag ik duidelijk wat veranderingen met hem deden.
Ik nam zelfs de tv-gids mee naar het ziekenhuis, en andere ‘eigen’ dingetjes om het zo vertrouwd mogelijk voor hem te maken.

Ik zie hem nog zo liggen op die brancard op de eerste hulp, in die nacht waarin zelfs de Zaan zijn adem even in leek te houden. Hij had me gebeld. ‘Nadda, ik ben beneden maar ik voel me niet goed. Ik durf niet meer naar boven. En je moeder wordt maar niet wakker’.
Binnen tien minuten was ik daar.
‘Mam, wordt eens wakker? Niet schrikken, ik ben het, pap voelt zich niet zo lekker. We moeten van de dokter naar het ziekenhuis komen’.

Een klein uurtje na zijn telefoontje lag hij op dat brancard.
Zijn hoofd van links naar rechts, heen en weer, heen en weer. Zijn grote hand in de kleine van mam.
September 2013 was dat.
In februari 2014 zat ik er weer.
Toen met de zes gebroken ribben +sleutelbeen van mam.
‘Is het nou echt nodig dat ik opgenomen wordt dokter?’
Pas toen ik het op een akkoordje had gegooid met de chirurg dat we dezelfde avond om acht uur terug zouden komen ging ze akkoord.
Onder protest natuurlijk.
#Dat natuurlijk dan weer wel.

Ik vraag me af hoe lang mijn moeder zich nog zal weten te redden. Ze is weer een beetje afgevallen ook. Misschien moet ik vanmiddag maar weer eens voorzichtig bij haar opperen dat de dokter weer eens eventjes bij haar komt kijken.

En die stomme Nutridrink. Die moet ik nu ook echt nu gaan regelen. Ze had dan wel de Nutridrinks van haar zusje gekregen, maar dat zijn sinaasappel Nutridrinks zegt ze.
-Nu pas!-
En die blieft ze dus niet.
De Nutrisoep ook niet trouwens.
De puddinkjes, de chocoladedrank en bananendrank zijn het lekkerst volgens mam. Die met aardbei, vanille en caramel-smaak drinkt ze alleen als er niets anders is.

Haar apotheek heeft geen contract meer met de zorgverzekeraar voor wat betreft de bijvoeding, en de andere apotheek in de buurt wil wel leveren maar wil graag dat mijn moeder ook met haar andere medicatie overstapt. Bovendien schijnt Nutridrink volgens deze apotheker sinds begin dit jaar alleen gratis verstrekt te worden als een diëtiste het heeft voorgeschreven.
Ik heb weinig zin om mijn moeder mee te gaan slepen naar een diëtiste.
Nu weet de apotheker wel een diëtiste ( in hetzelfde pand als waar hij zit) die wel even een recept wil schrijven, maar dat lijkt me niet de juiste gang van zaken. Een gevoel, zeg maar.
Daar moet ik eerst maar eens mee aan de gang straks.
-Iemand nog Nutridrink in de kelder staan?-

En daarna gezellig met Kyl naar de kaakchirurg om zijn tweede en voorlopig laatste verstandskies te trekken.

Jullie ook een fijne dag!

Advertenties

Een blokje om

Komende week ga ik iets doen waarvan ik nooit gedacht had dat ik zoiets ooit zou gaan doen.

Komende week ga ik iets doen waarvan ik inmiddels alweer bijna twee jaar geleden heb gezworen het te gaan doen, als ik het ooit eerst maar weer gewoon eens zou kùnnen doen.

Nee.

Ik ga niet parachute springen.

Of de Mont Ventoux beklimmen.

Komende week ga ik iets doen waar ik nu alweer bijna twee jaar geleden voor vreesde het nooit meer te kunnen doen, zonder bankjes onderweg, op een ‘normaal’ tempo en zonder pijn.

Het is nu zover.

Ja, Ìk werd gelukkig ‘beter’.

Het was geen reuma.

-Geen èchte reuma tenminste, als ze RA wel noemen. Ik heb poly artrose, waarvan je gewrichten ook van tijd tot tijd ontstoken kunnen raken-.

Maar sommige mensen worden nooit meer beter.

Sommige mensen moeten de rest van hun leven gewoon dealen met die vreselijke pijn die gewrichtsontstekingen je kunnen geven.

Ook kinderen!

Hèlse pijnen.

Die alleen maar iets dragelijk worden door het dagelijks slikken van zware medicijnen.

Nee.
Het spijt me:
De Ventoux kan ik niet beklimmen.

Noch zal ik uw waardering kunnen oogsten met een ander hoogstaand sportief staaltje.

Voor mij word het ‘slechts’ een wandeling door wat straten in mijn buurt.

Met zo’n groen busje, weet u wel?

En u wilt niet weten hoe blij en dankbaar ik ben dat ik dat gewoon weer kan!!!

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Het Reumafonds kan dankzij het collectegeld werken aan een beter leven voor mensen met reuma. In Nederland hebben bijna 2 miljoen mensen een reumatische aandoening. Genezing is nog steeds niet mogelijk.

Help mee!

IMG_6796

Start to Run met Renate Wennemars 1.7. Zucht.

IMG_6482
“Hai.
Als het goed is heb je de afgelopen vijf minuten stevig doorgewandeld en zijn je spieren lekker warm geworden.
Een goede warming up is belangrijk dus doe dit de komende week iedere keer voor je met de training begint,”

IMG_6478

IMG_6484
“Vandaag gaan we beginnen met een minuut dribbelen. We dribbelen niet harder dan een flink wandeltempo. Na het dribbelen heb je drie minuten wandelpauze. Wel stevig doorwandelen he?

IMG_6486

IMG_6491

IMG_6494
“Na de pauze gaan we dan nog een keer een minuut dribbelen en drie minuten wandelen. We eindigen dag met twee minuten dribbelen. “

IMG_6496

IMG_6499

IMG_6501
“Deze serie herhalen we vandaag twee keer.”

IMG_6502

IMG_6503
“Hou goed in de gaten dat je niet te snel van start gaat. Het gaat er niet om hoe hàrd je gaat, maar dat je je training kunt volbrèngen.”

IMG_6506

IMG_6504

IMG_6509

IMG_6508
“En we gaan begìnnen.
Drie twee één Start!”

IMG_6511

IMG_6519
“Heb je een lekker tempo te pakken?”

IMG_6523

IMG_6524
“We zijn er bijna. Nog tien seconden, drie twee één en stop.
Je mag nu drie minuten stevig doorwandelen.”

IMG_6523-0

IMG_6524-0

IMG_6525
“Rustig beginnen is reuze belangrijk. Het helpt je lichaam om je conditie op zijn eigen tempo op te bouwen.
-bla bla-“

IMG_6526

“Ojee het wandelen zit er weer op. We gaan een minuut hardlopen. En we beginnen Nú!”

IMG_6528
“Niet te hard hè?”

IMG_6530

IMG_6532
“Je bent op de hèlft!”

IMG_6535
“Goed gedaan je mag weer drie minuten wandelen terwijl ik een muziekje opzet.”

IMG_6536
“Heeje ben je blij dat je begonnen bent met hardlopen? Hardlopen is een van de snelste manieren om je conditie op te bouwen. Je zult zien dat je snel weer in vorm bent. Andere positieve effecten zijn dat je je fitter voelt, energieker, strakker in je vel gaat zitten. Misschien nog niet vandaag, maar echt, het kòmt!
Wees geduldig!”

IMG_6537
“Ben je klaar om twee minuten te gaan dribbelen?
Oké, daar gaan we, drie twee één.
Zet ‘m op!”

IMG_6537-0
“Ook jíj kunt dit!!”

IMG_6538
“En de eerste minuut zit erop. Hou vol!”

IMG_6525-0

Ooo, nog maar dertig seconden!

IMG_6546
“Drie twee één nul
You did it!”

Je eerste training zit er op.
Gefeliciteerd.
Hartstikke knap gedaan.
Wandel nog even rustig uit en dan zie ik je bij de volgende training.
Tot dan!

IMG_6542

Start to Run les 1.1

IMG_6264

Je raadt nooit wat ik vanmorgen heb gedaan.
-Nou ja, eigenlijk heb ik het al verklapt in de titel natuurlijk-.
Ik heb vanmorgen mijn stoute loopschoenen maar weer eens aangetrokken.
Kreeg er ineens weer zo’n zin in.
Zou ik het gewoon eens gaan proberen?
Heel langzaam.
Heel voorzichtig.
Als ik nou eens gewoon alle lesjes drie keer herhaal voordat ik doorga met de volgende training?
Dus 1.1 de eerste keer les 1, 1.2 de tweede keer les 1 enz.

Dan loop ik niet in zes weken 3km zonder te stoppen, maar in 18 weken.
Ja, dat is traag.
Heel traag.

Maar wat wil ik?
Wat kan ik?
Met welk doel wil ik lopen?
Vijf km dik onder de dertig minuten gaat het nooit meer worden.
En dat hoeft ook helemaal niet.
Dat is ook helemaal niet goed voor mijn gewrichten (ik heb poly artrose).
Hardlopen is dus eigenlijk helemaal niet zo heel goed voor mij, fietsen of zwemmen (O, gruwel) is beter, maar het màg wel van de reumatoloog.
En ik vind het gewoon zo lekker.
Ik mis het zo ontzettend.
Het doet zoveel goed voor mijn geest.

Maar goed.
Vanmorgen dus mijn loopschoenen weer eens aangesjord en daar ging ik hoor in Kyl zijn kei-fijne ‘Superdry’ jasje. (Merkte hij toch niets van, hij lag nog op 1 flapoor).
Het schema?
5 minuten wandelen
1 minuut dribbelen
3 minuten wandelen
1minuut dribbelen
3 minuten wandelen
2 minuten dribbelen
en daarna het schema nogmaals herhalen.

Gek toch, hoe je je grenzen gaat verleggen als je lichaam je door wat dan ook in de steek heeft gelaten.
Dat ik dit nu vandaag weer zou kunnen volbrengen, daar heb ik heel lang
niet van durven dromen.
En daar ben ik heel, nee HÉÉL dankbaar voor.

Bedpraat

-Welkom nieuwe lezers, leuk dat je me volgt. Nou ja, leuk?-

Om heel eerlijk te zijn gaat het namelijk eventjes niet zo heel tof met me. Ik ging de nachtdiensten maandag al niet superfit in. Voorslapen lukte weer eens niet, en van zondag op maandag had ik ook al niet veel meer geslapen dan vijf uurtjes, wat trouwens tegenwoordig eerder regel is, dan uitzondering.

Maandag overdag gelukkig wel goed geslapen. Ik had nog één normisonnetje over van de tien die ik na het overlijden van zus van dr. Spruitje had gekregen.
Woensdag, toen ik alweer uit de nacht kwam kon ik de slaap niet vatten, en in de nacht die volgde sliep ik ook maar vijf uurtjes, evenals donderdagnacht.
Vrijdagnacht lag ik om vier uur nog wakker. Ik had een dagdienst en kon niet slapen.
Zo ontzettend moe, en nìet kunnen slapen.
Ik meldde mij ziek.
Gelukkig begrepen ze het wel hoor. Toen ik eind van de ochtend de leidinggevende van de dagdienst belde om te melden dat ik er zondag tijdens mijn avonddienst wel weer zou zijn, vertelde ze mij dat het ze beter voor me leek als ik zondag ook nog even thuis zou blijven, en maandag even zou bellen. Dat luchtte me kennelijk meer op dan ik zelf vermoedde want ik begon direct weer te lekken.
Bah, al dat gejank!

Het breekt je op.
Slapeloosheid.
Het is zo’n vervelend gevoel, om je bloed door je aderen te voelen suizen.
En je hart die dan af en toe van die gekke huppeltjes maakt. Niets om je zorgen te maken, maar het voelt wel heel vervelend.
En die heup voel ik dan natuurlijk ook.
En die linkerarm/schouder.
Je gaat gewoon overal op letten.
Mijn ademhaling is inmiddels ook niet echt je-van-hèt meer, de Den Uijlbrug ga ik bij wijze van spreken vandaag echt niet over, en dan weet je het wel.
Bovendien word ik er zo labiel van als de pest allemaal.
En vatbaar.
Kribbig.
Wat niet?
Het put me gewoon uit.

Dinsdag maar eens kijken wat Good Old dr. Spruitje allemaal voor briljante oplossingen heeft.
-‘Dìnsdag Narda?’
‘Ja, dinsdag mensen. Op maandag zit hij toch altijd in het verpleeghuis? Niet steeds vergeten hoor!’-
Het wordt ook wel weer eens tijd om dr. Spruitje weer eens op te voeren op mijn blog. Jullie zijn vast ook zeer benieuwd hoe het met hem gaat en of hij inmiddels al een keer nieuwe cowboylaarzen heeft.
Toch?

Als ‘ie nou maar niet aankomt met een vage online slaaptherapie of zo.
Neuh….
Aan dat soort onzin doet ‘ie vast niet.
Hoop ik.
Ik weet het heus wel hoor, hoe je in theorie de slaap moet vatten:
-Lichaamsbeweging overdag.
-Blokje om ’s avonds.
-Warme anijsmelk of
1 glaasje Pleegzusterbloedwijn.
-Een dik uur voor je gaat slapen geen laptop, geen mobiele telefoon, geen cryptogrammen, heftige discussies of schokkende tv programma’s.
-Een goed schoon bed.
-Een lekker frisse kamer.
Nou ja, de rest Google je zelf maar even als je om meer tips verlegen zit.
Bij mij is inmiddels alles ‘check’ tot en met de homeopatische pilletjes en nachtelijke apneu-test bij Rem in het ziekenhuis aan toe.

Maar goed.
Wat gaan we vandaag dàn doen?
Niets geks natuurlijk, ben je gek.
Iets luchtigs ontspannends dacht ik zo.
De spullen van zus blijven dus nog even onder de pluchen deken in de hoek.
Ik had trouwens gister over haar gedroomd in de drie uurtjes die ik uiteindelijk nog sliep.
Het kwam allemaal heel realistisch op me over. Ze praatte weer normaal, zoals vroeger voor ze afasie kreeg.
We waren ontzettend melig en vervelend samen.
Er stond een jongen met een enorme bos zwart kroes haar naast ons. Zus gooide haar kauwgom weg en dat werd in de lucht zo’n een lange sliert die zich zo om het haar van de jongen slingerde, die vervolgens helemaal in paniek schreeuwde ‘Mijn haar, mijn haar’.
Als ik het zo vertel is het natuurlijk helemaal niet grappig, maar je had erbij moeten zijn, de tranen rolden over onze wangen.
Heb nog even gezocht in mijn dromenboek of ‘kauwgom’ er in stond, maar helaas droomt er verder kennelijk niemand over kauwgom.

Ik dwaal af. De vraag was wat ik dan wèl ga doen.
Piekeren heeft geen zin.
Mam is gister al geweest, en de twee dagen daarvoor heb ik haar ook al gezien, dus die redt zichzelf maar even. Vindt ze ook helemaal niet erg.
Ik denk dat ik misschien een foto ga maken van een beeld hier in het dorp.
-Nu gaan jullie je natuurlijk helemaal zorgen maken zeker?
Nergens voor nodig, je zult zien.-
Misschien kan ik dan gelijk een klein stukje fietsen:-)

Wat ik ook kan doen is verder gaan met mijn jeugdherinneringen opschrijven uit de jaren ’80. Met de jaren ’70 ben ik inmiddels wel een beetje klaar.
De beginjaren ’80 kan ik eigenlijk verdelen in twee gedeelten, namelijk op de camping met Linda (Lins) en mijn (het) leventje toen in Wormerveer.

Eerst koffie.
En de blogs lezen van de afgelopen dagen.
De laatste dagen kan ik me gewoon zo slecht op andere dingen concentreren, maar vandaag gaat het wel weer.
Wat een gezeur hè?
Nou, jullie zien vanzelf wel wat het geworden is.

Fijne zondag!
En slaap lekker vanavond;-)

Laten we hopen dat die miljoen wandelaars die in Parijs een blokje om gaan, vanavond ook gewoon weer lekker kunnen slapen.
Ik vind het maar eng allemaal.