Over ‘230 km verderop’ en nog wat keuzestress 2

Gisteren naar ‘230 km verderop’ geweest voor de uitvaart. Het was een mooie, rustige en ingetogen plechtigheid. Net als mijn vader had hij het meeste al zelf geregeld met vooral niet te veel poespas.
Ex gaf net als bij zus weer een mooie (interactieve) speech met een lach en een traan. Hij gaat trouwens met de dag meer op Youri Mulder lijken. Neef zat voor de vierde keer binnen een paar jaar op de eerste rij. Ik zou zo graag willen dat zijn leven makkelijker zou zijn geweest. Of dat ik hem kon helpen.
Sommige knuffels kunnen helaas nooit meer dik genoeg zijn ben ik bang, zeker niet die van de (App)tante van 230 km verderop.

Via Zeist terug naar huis gereden om een definitieve beslissing over de auto te nemen. -Wij gaan hier niet over 1 nacht ijs zoals u merkt-. De afgelopen weken verliepen de gesprekken hier in huis niet veel verder dan:

Kyl of Rem: ‘Kijk Rem / Kyl deze is ook interessant’.
Ik: ‘Wat voor kleur?’
K/R: ‘Nog maar *30.000/*60.000 (*vul maar in) op de teller. Nap’.
Ik: ‘Toch geen zwarte hé? Ik wil echt niet nog een keer een zwarte hoor….’
‘R/K: ‘Uit welk jaar?’
Ik: ‘….die kan ik altijd zo moeilijk terug vinden. Ze lijken allemaal op elkaar’.
R/K: ‘lederen bekleding, trekhaak….’
Ik: ‘Met een open dakje?’
R/K: ‘Automaat?’
Ik: ‘Er zit toch ook wel een nav in hé?!’
R/K: ‘Nee. 6 versnellingsbak. …PK..(er volgt op dit punt een totaal onbegrijpelijke en oninteressante discussie omtrent de capaciteit van de motor over en weer waarbij ik uiteraard To-Taal wordt genegeerd).
R/K: ‘Best interessant’.
Ik: ‘Maar wat voor kleur is ‘ie nouwww?’
R/K: -Met verstoorde blik in koor-: ‘Wi-hit!’

Om een lang verhaal kort te maken: Ik heb gelukkig ternauwernood kunnen voorkomen dat ik de komende jaren in een schreeuwerig DS3 grafkistje met bling-bling dashboard door het dorp zal stuiteren, danwel in het vervolg met een aanhanger mijn boodschappen zal moeten doen in een of andere Mitu of Motu. 

U zult vast kunnen begrijpen hoe zeer ik uiteindelijk in mijn nopjes ben met onze witte middenklasser uit 2012, mèt schuifdakje uiteraard, een heerlijk rustig en overzichtelijk dashboard –‘Dat heet gewoon saai mam’-, schattige zwarte velgjes, nav, stille motor en geïntegreerde Bose installatie. Mijn eerste keus, en gelukkig -uiteindelijk- ook de eerste keus van Rem.
Gezien we maar gemiddeld hooguit 4 à 5000 km per jaar rijden kunnen we hier vast weer jarenlang rijplezier van hebben.
Vanmiddag gaan mijn mannen hem ophalen. Verheug me er nog het meeste op dat ik voortaan niet meer met mijn sleutel in de verkeerde auto sta te porren.
-Kent u dat?- Sterker, ik hoef voortaan helemaal niet meer met sleutels te porren, yee-ha!

Fijne vrijdag allemaal.

Advertenties

In alle staten…

In alle staten.
Dat was ik zojuist.

Even na half acht belde Rem me op mijn mobiel. Ik liep -na mijn nachtdienst- net de trap in het ziekenhuis af, op weg naar huis.
Koetjes, kalfjes, u kent het wel, en dan ineens, quasi tussen neus en lippen door de vraag:’ Zeg heb jij misschien nog een appje van Kylian gehad vannacht?’

Nu weet ik niet hoe het u vergaat bij zo’n opmerking, maar bij mij sloegen direct alle inwendige alarmbellen op tilt.
‘Hoezo? Lag hij niet in bed dan? Was zijn jas er niet, mijn fiets?’

Rem probeerde me natuurlijk te sussen. ‘…vast stappen, ergens blijven slapen, maak je nou niet meteen druk’.
Maar dat deed ik natuurlijk wèl.
Mijn kind werkt soms tot in de nacht.
Als hij de laatste trein niet haalt moet hij achter het CS de nachtbus nemen naar huis en dat zit me al tijden niet lekker.
Bovendien hebben we de afspraak dat hij me op de hoogte houdt als het later wordt, om wat voor reden dan ook. En dat doet hij ook altijd.

Ik probeerde hem direct (10 keer) te bellen natuurlijk terwijl ik naar de metro liep. Niets. Nada. Hij ging wel over. De laatste keer dat hij op zijn app gekeken had was 2.17 zag ik.
Mèn wat was ik ongerust.

In de Metro besloot ik het hotel te bellen. De stagebegeleider vond het ook niets voor Kyl en stuurde een bericht uit in de groepsapp. Toen ik in de trein zat belde hij terug. ‘Ze zijn met een paar gaan stappen’.
We beloofden elkaar te bellen zodra er nieuws was.
Stappen. Dat was in ieder geval wat.
Enge vieze mannen, kidnappers en roofovervallers maakten plaats voor beelden van onpeilbaar diepe zwarte grachten zonder trappetjes om eruit te klimmen / drank en malafide taxichauffeurs.
In de trein bekeek ik de meldingen van de nacht van politie en ambulance.
-Zou ik het ziekenhuis al bellen?-

Ik besloot op het station te kijken of ik zijn -lees mijn- fiets zag.
Zowaar, daar stond hij.
Snel reed ik naar huis.
-Zou hij dan toch een taxi genomen hebben?-
Ze deden het erom: de auto’s, de fietsers, de verkeerslichten. Pas na een kwartier reed ik de straat in.

Ik voelde mijn hartslag in mijn hals kloppen terwijl ik de deur opende. Zijn jas hing niet aan de kapstok.
Snel opende ik de deur naar de woonkamer.
Daar lag zijn jas!
Met twee treden tegelijk rende ik naar boven en opende zijn deur.
Gelukkig. Daar lag hij.
Onder zijn dekbed.
Ongehavend.
Veilig.
Thuis.
Ik kon wel janken.
-en deed dat later ook op het toilet-.

‘Waar zat jij nou verd….??’

Geloof me.
Het kost je twee jaar van je leven zoiets.
Mínstens.
Met meneer ga ik nog een hartig woordje babbelen.
Maar nu eerst anijsmelk.
En wat proberen te slapen maar.
De adrenaline giert nog steeds door mijn lijf.

Ik was zo verschrikkelijk bang…

Kent u dat?

:-(

Het was weer niet eerlijk hoor.
Weet u wat Rem en Kyl gisteravond hier thuis hebben gegeten?
Dit: image

Ik bedoel maar even.
En wat at ik?
Nassi van het ziekenhuis:-(
En alles was natuurlijk weer op toen ik gisteravond thuis kwam.

Vorige week aten ze tijdens mijn avonddienst dit:
image

En de week er voor deze:
image

In week 45 had ik dit ook al gemist:
image

Van deze heb ik trouwens ook alleen maar de foto’s mogen zien:
image

image

image

Eten ze bij u thuis ook altijd expres hele lekkere dingen, nét als u er niet bent?image
imageimage

Gewoon een beetje saaie update

De dagen zijn onopgemerkt voorbij gevlogen. Mam zit inmiddels alweer ruim een week in de Schelp, en begint al aardig te wennen.
Inmiddels kan ze zelf vanaf haar kamer naar het afdakje met Scotty. Zonder de boel te slopen. 

Afgelopen maandag heeft ze voor het eerst visite gehad. Kees en Fenna (een zusje van mijn vader), Lidy en Verra, die onverwachts ook nog even kwam kijken.
Heel gezellig, maar wel heel vermoeiend vond ze het. Vrijdag komen ome Jan en tante Joke. Ik vraag het bezoek steeds rond drie uur te komen want dan hoeft ze niet steeds na te denken hoe laat de visite ook al weer zou komen. Bovendien heeft ze veel houvast aan haar terugkerende regelmaat.

Soms haal ik haar op, net als voorheen, rond vijf uur. Dan breng ik haar acht uur, half negen weer terug en drink ik nog wat daar met haar. Als ze niet hier ‘eet’ ga ik ’s middags en ’s avonds bij haar langs.

Vanmiddag ga ik om half drie heen. We gaan een klein beetje de buurt verkennen. Klinkt raar, maar ze heeft nog steeds geen gevoel voor waar de Padlaan ligt, en waar de Noorderhoofdstraat. (Ik heb mijn geweldige richtingsgevoel niet van een vreemd. Zus en pap lazen altijd de kaart vroeger).

Hoe het met haar gaat?
Ze gaat langzaam achteruit. De hoge temperaturen vorige week vond ze zalig. Eindelijk had ze het weer eens ‘lekker warm’. Ze heeft zich dinsdag voor het eerst laten helpen tijdens het douchen en we hebben haar daarvoor de hemel in geprezen. (Dat moet je natuurlijk ook weer niet te enthousiast doen hè!) Het feit dat ze hulp aanvaard vertelt me heel veel.

De mensen in de Schelp zijn allemaal erg lief en behulpzaam. Naast mam logeren er twee heren.
De ene is de vader van een oud klasgenootje van me.
We hebben een gemeenschappelijke vriendin. Mam heeft van de week haar palingfileetje met hem gedeeld.
‘O, hij vond het zo heerlijk!’
De andere man is totaal bedlegerig. Van hem zien we alleen de visite.

De jongens (logerende Neef en Kyl) vermaken zich prima. Vorige week heeft Kyl heel veel met zijn vrienden in ons Beautje gevaren en gezwommen op de Ham. Funtube mee, meiden op het zonnedek, helemaal leuk. Deze week is het weer wat minder natuurlijk. Gister zijn ze naar Amsterdam geweest en eergisteren hebben ze vanilletaart en stroopwafelcake (“voor oma”) gebakken. Heus, dat kunnen zij als de beste!
Oma vond het hééérlijk!

Zaterdag willen Rem en ik eindelijk ook iets voor ons tweetjes doen, en een dag niet naar mam. Lekker varen, -met of zonder de jongens- of als het weer toch onverhoopt minder mocht zijn samen met de motor weg. Niet ver hoor. De Koemarkt in Purmerend zou al heel leuk zijn. Ik hoop echt zo dat we kunnen varen, dat zou voor ons de eerste keer zijn dit jaar.
Alice, mijn kapster/oud vriendinnetje werkt ook als vrijwilligster bij de Schelp.
En net komende zaterdag natuurlijk. “Gewoon lekker gaan varen hoor Nar!”, appte ze me. En ook mam vind het helemaal niet erg om een dagje alleen te zitten.

Over een paar weekjes gaat Kylian naar Lloret de Mar.
Ik hou mijn hart vast.
Ik moet er niet aan denken dat mijn moeder net zou overlijden als hij daar zit.
Pffff….niet aan denken. Stop. Denk Scarlett ‘O Hara:

image

Quality pubertimes;-)

‘Moeten we nog wat voor jou meenemen?’
We staan op de drempel van de schuurdeur.
Rem is druk in de weer met het sorteren van steeksleutels, zagen en snoeischaren. ‘Weet je wel hoeveel je er hebt?’ Zo te zien heb ik er wel een stuk of twintig. Groot, klein, scherp, bot, oud en nieuw. Allemaal liggen ze weer keurig in het gelid.
Braaf knik ik als hij vraagt of ik ze nu voortaan alsjeblieft op de juiste plank terug wil leggen.
‘Maar moeten we nou nog wat voor je meenemen?’
‘Doe maar wat van die grote rode appels’.

‘Eerst even langs de Hema hoor. Kijken of ze die lage rosé glazen nog hebben’.
Kyl zucht. ‘We zouden toch alleen naar de Albert Heijn mam?’

Nadat we rosé- èn latte macchiato glazen hebben gekocht mag ik bij Gods gratie ook even het boetiekje aan de overkant binnenwippen. ‘Heel snel dan hoor!’
-Ja, zo is er natuurlijk niets aan-.

Na de bakker gaan we naar de slijter. ‘Kijk, ze hebben hier Bacardi Melon mam, die heb ik nog nooit ergens gezien’. Kyl loopt rond als een kind in een snoepwinkel met ogen als schoteltjes zo groot. Al die verschillende bieren en likeuren vragen er gewoon om nader bestudeert te worden. Het assortiment is dan ook wel zeer aantrekkelijk moet ik toegeven. Ik zwicht voor een kromme fles Prosecco voor mijn nicht. Kyl wijst op een andere fles.
‘Weet je wel wat déze hier zo ongeveer kost mam?’
-Hij wèl kennelijk-.

Hoe kort is het nog maar geleden dat hij uren kon doorbrengen voor de aquaria met de visjes, en de kooien met de ratjes en de hamsters in de naastgelegen dierenwinkel?
Those times are gone: ‘Kom op mam, nee we nemen géén konijn.
Hier is je graan.
Ga je nou mee?’

We moeten ook nog even wat leuks kopen voor tante Nel bij de bloemenboetiek.
‘Dat doe je nou altijd. Je zei dat we “echt alleen even” naar de AH zouden gaan mam…’

Een half uur later komen we dan toch met de weekendboodschappen uit de AH. Voor onze volle kar loopt een vrouw met een hondje. ‘Chanel, netjes náást hoor’ roept ze. Kyl schiet in de lach. ‘Alsjeblieft mam, beloof me dat je nooit een Chiewawa neemt. En hem al helemaal geen Chanel gaat noemen. Wie noemt zijn hond nou Chanel?’ Kyl schudt zijn hoofd terwijl hij de boodschappen voor me in de achterbak tilt.
‘Ehh…wij hebben onze haan Lummel genoemd, weet je nog?’

‘Nou, best gezellig dat je weer eens mee was hoor Kyl’, zeg ik terwijl ik de auto start. 
‘Is goed hoor mam. 

Mag ik trouwens de auto even lenen vanmiddag?’

Als ik de straat in rij sla ik verschrikt mijn hand voor mijn mond.
‘K##%t Kyl’.
‘Wat is er mam?’
‘Ja, wat denk je?

Zijn we de appels voor Rem nog vergeten!’

image