Systematische gezinsopstellingen 2: Zus

Noot: ik hoop van harte dat ik door het plaatsen van de eigen teksten van mijn zusje niemand pijn zal doen.
Het ligt geenszins in mijn bedoeling mensen zwart te maken of ergens de schuld van te geven. Het is slechts mijn bedoeling om zelf te gaan begrijpen wat er is gebeurd.
En misschien ook wel om daarvoor (later) begrip hiervoor bij anderen te bewerkstelligen.
In de eerste plaats Neef.

Gister had ik al verteld over mijn vader. Vandaag wil ik wat meer vertellen over mijn zusje. Een paar dagen geleden had ik u al verteld dat ik voor een gevoel van veiligheid eerder bij mijn zus aanklopte dan bij mijn ouders, hoewel mijn zus en ik ook best vaak samen ruzie hadden, we verschilden dag en nacht.

De laatste jaren heb ik mijn moeder niet zien huilen. Ik vermoed dat ze haar gevoel gewoon aan de kant had leren zetten. (Daar ben ik ook een ster in geworden;-)

Echter, tijdens mijn pubertijd probeerde onze moeder vaak vanuit een slachtofferrol haar zin te krijgen.
Bij mij werkte dat helemaal averechts, ik verachtte haar er zelfs om, en ben nog steeds allergisch voor krokodillentranen bij andere mensen.

Maar kennelijk voelde mijn zus zich toch best een beetje verantwoordelijk voor mijn moeder haar gevoel van welbevinden, want zij bleef vaak ’s avonds beneden bij mijn moeder zitten luisteren.

Dat ze zich erg verantwoordelijk voelde voor de harmonie in huis blijkt ook uit deze horoscoop duiding uit 1990 die ze heeft overgeschreven vanaf een casettebandje dat er nog bij zit. -Ik heb er nog niet naar geluisterd, het zal zo heftig zijn haar stem weer eens te horen, en dan nog zonder gestotter en ‘ge-uh’s’ te horen vanwege de afasie die ze acht jaar geleden kreeg na haar infarct.-

Ze was tijdens deze sessie 26 jaar.
De astrologe heeft het trouwens ook over een belangrijke transit van Pluto die over twee jaar, in ’92, plaats zou vinden en grote veranderingen voor haar teweeg zou kunnen brengen.
Zus heeft het ook nog over trouwen en ‘eerst sparen voor een mooie jurk’, dus tussen M1 en haar zat alles nog redelijk goed.

Overpeinzing van vandaag:
Misschien heeft niet, zoals ik jaren heb gedacht, een kleine tia die we over het hoofd hadden gezien maar deze horoscoop duiding haar net dat ene zetje gegeven wat nodig was om uiteindelijk zò in gedrag te veranderen van plichtsgetrouw en verantwoordelijk naar wie ze uiteindelijk is geworden?

image

image

image

image

image

image

image

image

image

Advertenties

Mee maar school met Linda

Linda en ik zagen elkaar niet alleen op de camping, ook thuis zochten we elkaar op, en doordeweeks spendeerden we onze schamele centjes aan postzegels voor de dikke brieven die we elkaar schreven. -Voornamelijk dik door van alles wat we er bij inplakten als een shaggie, afgekloven kaugompje van een stille liefde, you name it!-

Gaandeweg was ik wel nieuwsgierig geworden naar de klasgenootjes waar Lins over schreef. ‘Nou, dan ga je toch gewoon een keer mee?!’
We verzonnen een smoes dat ik een schoolopdracht had om een dagje mee te lopen op een andere school. De klassenlerares van Lin was direct razend enthousiast. Ik was er van harte welkom.

Het moet een dag in november geweest zijn, toen ik vanuit Wormerveer op mijn fiets stapte richting Velsen-Noord. Het regende pijpenstelen, en pas met Lins samen op het pontje begon het een beetje licht te worden.

Linda zat op een huishoudschool in IJmuiden. De tafels stonden er met vijf of zes naast elkaar, vier of vijf rijen dik. Iedereen zat achterstevoren, er heerste een totale chaos, precies zoals Lin beschreven had in haar brieven.
De meiden waren erg aardig. Eentje was helemaal wild van Mazda’s herinner ik me. Sinaasappels vlogen in het rond over en weer. Sommige zaten te breien tijdens Engels. Niemand luisterde, iedereen praatte gewoon door de lerares heen. Het was de derde klas geloof ik, maar de lesstof die ze kregen had ik al lang en breed in de eerste gehad. Ik kon ineens goed begrijpen waarom Linda zo slecht kon spellen.

Na school gingen we naar Linda’s huis. Ik vond Linda haar ouders geen leuke mensen, maar lekkere macaroni maken en paling stoven kon haar moeder wèl. Haar vader kon geloof ik alleen maar mopperen.

Ik geloof dat ik die avond rond een uur of negen weer thuis was.
Het was een meer leerzame dag geweest, dan het die dag ooit op mijn school had kunnen zijn.

Misschien leuk om even te vertellen dat Linda inmiddels heel wat beter kan spellen dan ik. Haar oudste dochter is lerares Nederlands;-)
Linda was gewoon een hele pientere meid, maar dat werd denk ik nooit gezien. -Of ze wilden het gewoon niet zien-.
Ze is nu werkzaam als activiteitenbegeleidster in een revalidatiecentrum.

De dropping met Lins

Op de camping had ik een hele goede vriendin, Linda. Hoe wij vriendinnen geworden waren heb ik hier al eens verteld. Lins had een oudere zuster (Astrid) en een hele leuke knappe broer (Alex) waar ik later nog het nodige over zal vertellen. Linda zat een beetje in hetzelfde schuitje als ik thuis, ik denk dat zij het nog wel moeilijker had.

We struinden wat af op de camping met z’n tweetjes. Waren we niet de gokkast aan het saboteren in de kantine, dan waren we wel aan het ‘kloten’ bij de ‘Witte tent’. Dit was soort circustent waar tijdens de zomervakantie een aantal ‘EO-ers’ verschillende activiteiten organiseerden voor kinderen in alle leeftijden. Om de Witte tent stonden hun eigen tentjes waarin ze sliepen en een gemeenschappelijke bungalowtent waarin een grote tafel stond en een boekenkast met bijbels en dergelijke. Lins en ik waren kind aan huis aan deze tafel. We gingen er gewoon bij zitten. Meestal zaten we gewoon te klieren. Maar nu denk ik dat we gewoon nieuwsgierig waren naar de gesprekken die zij voerden. Naar wat hen bezielde. We hebben er heel wat discussies gevoerd over het geloof.
Maar we waren niet alleen maar aan het klieren hoor. We hielpen ze ook met 888 pannenkoeken bakken voor de kleintjes, of dierengeluiden maken in het bos.
Ik kan me een EO-er goed herinneren. Ze heette Anja, en was politieagente in Wormer.
We zijn zelfs in de winter nog eens bij haar op bezoek geweest thuis.

Hoewel Linda en ik altijd samen waren, waren we ook veel met Debby en Monique, twee wereldwijze vriendinnen uit Amsterdam, die er veel ouder uitzagen dan de dertien, veertien jaar die ze waren. Deb had (ook al) een leuke oudere broer en dat feit alleen was natuurlijk al reden genoeg om ons met wat jonger gepeupel in te laten. Maar het waren ook gewoon leuke meiden.

Er was echter ook een meisje van onze leeftijd dat steeds achter ons aanliep. Ilse heette ze. Gek werden we ervan. Op een avond deden Lin en ik mee met de dropping. We baalden enorm dat we waren ingedeeld in het team van Ilse en haar vader, een hele vervelende vent, die we er in de loop van de dag meer en meer van verdachten dit zo bekonkeld techebben met onze vriend Snijders, de boswachter.  We spraken dus met de jongens af dat we weg zouden lopen bij team Ilse en haar vader en naar strandtent X zouden gaan.
Dat viel natuurlijk niet mee, maar tegen ons toiletbezoek ‘achter dat bosje daar, even verderop’ kon de man natuurlijk niets inbrengen.
Liepen we dan, zonder eten, drinken, zaklantaarn. Het lukte ons na een poos toch om het strand te vinden. In een strandtent was er een feest gaande. We hadden hartstikke dorst. ‘Zullen we naar binnen?’

Linda had iets heel ontwapenends over zich, de meeste mensen vonden haar direct aardig. Al gauw deden we ons verhaal en kregen we drinken en lekkere hapjes aangeboden. We kwamen er achter dat we op een bruiloft op strand Wijk aan Zee aangespoeld waren. Het leek deze mensen maar het beste dat we er bleven tot het feest afgelopen was, en dan zouden ze ons wel een lift geven. Wij vonden dat natuurlijk best. De leut zat er al goed in daar, dus we hadden een bere-avond. Geen moment maakten we ons druk over Ilse en haar vader.

Eenmaal terug op de camping was iedereen al afgetaaid. Denk dat we rond vijven in Lin haar tent kropen. Later die dag bleek dat de hele camping in rep en roer was geweest. Lin en ik hielden het er op dat Ilse en haar vader niet meer op de plek stonden als waar we ze achter hadden gelaten. Sommige mensen vonden het maar schandalig. ‘Arme meiden, je zou zo’n vent toch?!’
Ja, we konden ook best bikkelhard zijn.
Op het wrede af soms zelfs…

Hoe het zo’n beetje ging…

Het is vandaag de sterfdag van mijn opa. De vader van mijn vader. Ik was geloof ik tien jaar. Volgens mij was het 1977.

Ik zie nog zo de kist voor me in het kamertje voor in de kerk.
Mijn oma zat er naast. ‘Kom maar kijken meiden, hij ligt er zo mooi bij’. Achter mijn grote zus schoof ik aarzelend dichterbij.

Gek, maar op de angstige momenten in mijn jeugd als de tandarts of de dood lag mijn hand altijd in de hare. In die van Zus dus, daar zocht ik veiligheid, en niet bij mijn moeder.

Mijn moeder zocht zelf ook haar veiligheid bij mijn zus.
Zus was groot en sterk.
Zus was degene die altijd kalm bleef, en rationeel bleef denken in crisissituaties als lekke banden, parkeerbonnen, etc.

Uit hetgeen ik gister schreef heeft u vast al een beetje begrepen dat mijn ouders het niet makkelijk met mij hadden vroeger, en ik niet met hen.
Ik wil daar nu wat meer over uitleggen, voordat ik meer ga vertellen over mijn pubertijd.

Begin jaren ’80 raakte mijn vader zijn baan kwijt doordat het bedrijf waar hij werkte failliet was gegaan. Het was in die jaren crisis. Mijn vader was toen ook net gestopt met roken, -cold turkey natuurlijk, zo was hij wel.-

Tot de tijd dat ik er achter kwam dat mijn vader echt niet alles wist was ik altijd echt een vaderskindje geweest. Nou vond ik het nog niet eens zo vervelend om te ontdekken dat mijn vader niet alles wist, maar ik vond het wel heel naar als hij niet wilde toegeven dat hij het gewoon fout had, en toen ik een jaar of veertien was kon ik met de beste wil van de wereld niet meer doen alsof rood groen was. Mijn moeder en zus waren daar wel een kei in.
Soms dacht ik echt weleens dat ik gek werd, toch weigerde ik hem gelijk te geven.
-natuurlijk zal ik ook heus wel vaak gewoon ook ongelijk hebben gehad-.

U begrijpt vast dat een vrij autoritaire, werkloze, met roken gestopte vader en een nogal recalcitrante puber nu niet direct de juiste ingrediënten waren voor een gelukkig gezinsleven thuis. Tel daar een overspannen moeder en geldzorgen bij op, en u heeft het plaatje wel voor ogen denk ik.

Meestal zat ik dus op mijn kamer te lezen of in mijn dagboek te schrijven of was ik bij vriendinnen. Ik trainde in die tijd vijf keer per week bij Lycurgus. Vier avonden en op zondagochtend was er duintraining. Op school deed ik weinig. Huiswerk maakte ik bijna nooit. In de tweede klas ben ik blijven zitten.
Evengoed had ik bijna iedere dag wel ruzie. Meestal was dat iets tussen mijn vader en mij. Mijn moeder gaf mijn vader altijd gelijk, ook al was wit zo zwart als roet. Ik had daarom ook totaal geen respect voor mijn moeder in die periode, en trok me weinig aan van wat ze me vroeg. Ik vond het bijvoorbeeld belachelijk dat Zus en ik iedere week de badkamer en het toilet moesten schoonmaken. Ik was een kind wat zei:’Ja, doe het lekker zelf!’, maar zus deed dat gewoon hoor.
Ik denk dat ze kostte wat het kostte de vrede enigszins probeerde te bewaren in huis.
Eten was voor mij meestal een hel. Ook al had ik me zo voorgenomen geen ruzie te krijgen, meestal gebeurde dat toch.
Ik hou er -denk ik daarom- nog steeds niet zo van om ‘gezellig samen te eten’.

Mijn zus was denk ik zowel de steun en toeverlaat van mijn vader, mijn moeder als van mij.
En ja, natuurlijk had ze ook zelf wel eens ruzie met mijn ouders hoor, maar 19 van de 20 keer was ik het.

Ik denk wel eens dat mijn zus zichzelf in die jaren zo erg verloochend heeft, dat ze zichzelf later verbijsterd heeft zitten afvragen wie ze nou eigenlijk daadwerkelijk was.
Fenna, de perfecte verloofde, dochter, dierenartsassistente, huisvrouw, zus, vul maar aan.
Mijn zus is pas op haar 26-ste gaan puberen vermoed ik.

En het zou misschien best eens zo kunnen zijn dat dat haar uiteindelijk fataal is geworden.

Begin aan een begin van de jaren ’80

Het vraagt misschien even moed, maar ik zal verder vertellen over mijn prille pubertijd.
En da’s best moeilijk zonder lelijke dingen te zeggen over de mensen die mij zo lief zijn/ waren. Ik bedoel, ik kan nu zeggen wat ik nu wil, wie zal mij nog zeggen dat ik lieg?
Ik kan wel alles gaan vertellen nu, maar dat wil ik echt niet, ga ik ook niet doen.  Ik ga het gewoon zó vertellen zodat het voor mij waar en goed voelt, en mij helpt om beter te kunnen begrijpen wat er -nou-eigenlijk-allemaal-is-gebeurd. 
Oké, jaren ’80.
Waar denk ik dan aan?
Ik denk, denk ik, aan Noors gebreide truien, of grijze sweatshirts met capuchons boven grijze joggingbroeken.
Aan mijn eerste menstruatie en de tampon die niet echt ‘lukte’, toen ik ’s avonds wilde schaatsten op de verlichte ijsbaan in het park met Carool.
Aan een kraantje dat omhoog kon spuiten in de kleedkamer van de Lts in Krommenie, waar we 1 X per week binnen
trainden. Aan Atletiek.
Aan Gruppo Sportivo. ‘Shave’.
The Commodores. Zus, verliefd op Sidney. Aan Cora, de zee.
Aan de kermis en Luilak. Aan voetbal op het schoolplein
Aan ‘The winner takes it all?’ Aan Roze lippenstift van de DA?
De wijn van de buuf?
Aan trainen met Ton van de A-selectie toen ik eenmaal in de B- selectie zat? Aan voetballen met een tennisbal bij het Jan Lighthartplein.

Aan de Bessen jus, met Peet, Irma B. en Hoon in La Bamba?
Aan Gerard Pg.
Aan het Duits waar San en ik -O-zo-slim- verzaakten, en waar klasgenootje C. zwanger raakte.
Aan mijn dagboeken.
Aan talloze broodjes pindakaas in bed met melk.
Aan mijn dagboeken.
Een kaarsje.
André Hazes.
Lins
Ess.

Doe -nog-Maar 

wat

jaren ’80
En zo….

Fragment uit mijn jeugd: ’83 strand Bakkum

‘Ben je nou klaar Kruif?’
San staat beneden in de keuken.
Snel prop ik mijn oude badlaken in mijn zelfgemaakte roltas met ijshoorntje applicatie en stamp gehaast de trap af in mijn veel te grote le Coq Sportief broekje.
‘Mag ik een fles cola mee mam?’
Hij zit al in mijn tas voor ze antwoord kan geven. Mam schudt haar hoofd. ‘En niet zo laat thuis hoor, zes uur gaan we eten’.

We gaan naar Bakkum. San op haar witte fiets met versnellingen, en ik op mijn zelfgeschilderde rode opoefiets met witte stippen.
-Zonder stippen en flatjes aan je voeten ben je nergens deze zomer-. We hebben afgesproken met de jongens bij de brug bij WFC. Twee andere vriendinnen van ons zijn er ook.
De jongens vertrekken al zodra we aankomen.
Het is te heet om lang stil te blijven staan.
‘Jongens, even rookpauze straks bij het viaduct?’
-Het viaduct bij Uitgeest.-

Op Bakkum gaan we linksaf. Ergens daar, net voorbij waar de houten vlonders stoppen, tegen de duinen aan is ons plekje, het plekje van Wormerveer.

Het is rustig op het strand.
Het is eind mei.
De meeste mensen werken, of moeten naar school.
Wij niet, wij hebben examen gedaan.
Zijn klaar, 16 als we zijn.
Bevinden ons in een vaag gebied ergens tussen verleden en toekomst, waar de wereld nog aan onze voeten ligt, veelbelovend, zinderend van beloftes, en met oneindig veel mogelijkheden en kansen.

De V. zet gelijk de ghettoblaster aan. UB’40 natuurlijk.
De voetbaltassen van de jongens liggen her en der in het zand.
Terwijl zij al aan het voetballen zijn leggen wij onze handdoeken netjes naast elkaar, lezen de Flairs die San mee bracht, en smeren elkaars ruggen in met Nivea.

‘Hé meiden’.
We heffen quasi verveeld onze hoofden naar de G. op.
‘Tegenwoordig is topless is de mode hoor’.
De jongens rusten even uit en openen een voor een behendig een flesje Heineken met de achterkant van een groene aansteker terwijl het Klein Orkest zingt over Koos Werkeloos, omdat sommigen de Top 40 wilden horen.
‘Ja, jullie hoeven je toch nergens voor te schamen?’ roept R.
-Ik ben smoorverliefd op R.-

‘Zwemmen?’
De jongens zijn alweer weg.
De bal gaat natuurlijk mee.
‘Komen jullie ook zo?’

We gaan lummelen.
Winnen kunnen we natuurlijk nooit, maar lachen is het wél.
We stoeien.
Bikinitopjes sneuvelen.
We laten het maar zo, mode bewust als we zijn.
Ook als we even later op onze buiken weer op onze handdoeken liggen.
Het is warm, en het blijft warm.
Onze lauwe cola verruilt zich voor bier.
We krijgen honger.
‘Patatjes eten?’
San en ik halen onze schouders op.
‘Best’.
-Wie wil er nou naar huis?-

Het wordt later en later.
Ik had allang thuis moeten zijn, maar het kan me niet schelen.
Even was het druk geweest op het strand, maar nu zijn de meeste mensen weer naar huis vertrokken.
Wij niet.
Terwijl de zon lager en lager zakt voetballen wij langs de vloedlijn.
En stoeien wat in de duinen.
‘Wie is er bruiner geworden?
De G, of Narda?’
‘Zwarter bedoel je?’

Ik zie hoe P. in een verlaten strandstoel wat voor zich uit mijmert in de branding terwijl de zon langzaam de zee in lijkt te zakken, verbazingwekkend groot, rood en vurig.
We hebben onze topjes en onze shirtjes met ballen weer aangetrokken.
Onze badlakens hebben zich inmiddels allang verbroederd met die van de jongens.
Hazes zingt, ergens ver weg, over een vlieger, een brief.

R. Heeft zijn arm om me heen geslagen.
De G. de zijne om San.
De V. met zijn gevoel voor dramatiek roept dat we dit, deze dag, en dit moment nooit meer mogen vergeten.
‘Nooit, nooit nooit’ voor hij naast Pascalle gaat liggen.

We waren 16, 17.
En innig verliefd op het leven.

Ik heb het tot nu toe onthouden.

En ik hoop zij ook.

Elfstedenkoorts?

IMG_6469
Taart by Kylian

Ik kan niet slapen.
Het is al 03:00 uur.
Blogje dan maar?

Morgen haal ik mam weer op.
-Vanmiddag bedoel ik.-
Gaan we lekker een paar uurtjes naar de Elfstedentocht kijken van ’85.
Lìve.
-Zouden ze soms echt mijn blog gelezen hebben?-

Ik weet het nog best goed,
die Elfstedentocht van ’85.
De kooi.
De start.
Het klunen.
Ik werkte nog in de bakkerij.
De banketbakker had zijn televisie meegenomen.
Eerst verwachtte ik er niet zoveel van.
Of liever, wist ik niet zo goed wàt ik er precies van moest verwachten.
Sterker nog: Ik hàd gewoon geen verwachtingen.
Niemand denk ik.
Behalve de banketbakker dan.
Martien, zo heette hij.
Ik geloof dat hij hem eigenlijk zelf ook had willen schaatsten.

Mijn ome Kees, de man van een zusje van mijn vader reed wel mee.
Drie keer heeft hij hem trouwens gereden.
Niet op één dag hoor, drie kruisjes heeft hij, als ik me niet vergis.
Ik zie mijn ome Kees niet zo vaak meer, maar nog steeds word ik blij als ik hem zie.
Grappenmaker.
Nu heeft hij Alzheimer.

Ik dwaal af.
We waren dus in de bakkerij, op die ochtend, op de kop af dertig jaar geleden.
Ik was zeventien.
En blond.

Terwijl ik de witte puntjes op de werkbank omtoverde in roombroodjes en Martien de chocola in brokken sloeg keken we toe hoe het langzaam licht werd in Friesland.

De winkelbel ging.
‘Volluk’
Vaste klant.
De meesten.
Zelfs de schooljongens die in hun pauze een pizzabroodje kwamen halen.
‘Wie ligt er op kop?’
‘Niesten er nog bij?’
Wij Zaankanters waren natuurlijk allemaal voor Jos Niesten uit Heemskerk, een achterneef van mijn moeder als ik het wel heb.

Om een uur of twaalf reed ik op mijn fiets naar huis om daar een broodje te eten.
De Zaan lag dicht.
De grote schotsen waren aan elkaar vast gevroren.
Het was stil op straat.

Naarmate de dag vorderde werd er meer en meer over de Tocht gesproken.
De Tocht begon meer en meer te leven.
Een eigen leven te leiden.
‘Kunnen jullie het wel een beetje volgen?’
Er werd een gebakje voor bij de tv gehaald.
Stokbrood voor bij de snert.
Ik meen dat er zelfs spontaan een Elfsteden aanbieding verzonnen werd.
Dat was het leuke van werken in een bakkerij.
De gezelligheid.
Knèuterigheid.
‘Drie volkoren en een knip wit?’
Meestal wist ik ongeveer wel wat ze wilden.
‘Ja, en doe maar wat van die Tompouces dan’.

Ik weet nog goed hoe de gekkigheid toe nam.
De rare acties.
‘Rollen wc papier mensen’.
De verbroedering.
Langzamerhand veranderde Friesland in één groot feest.
Kwamen er dorpjes op de kaart.
Brùggen op de kaart.

Eenmaal weer thuis stond de tv natuurlijk nog aan.
Één voor één kwamen we thuis en schoven we aan.
Bordje op schoot.
Aan de buis gekluisterd.
‘Kijk dan!’
Ja, ik weet het nog goed.
De laatste kruisjes.
Vreugde.
Verdriet.
Pijn.
Alles.
We leefden intens mee.

Man, man, man, wat was dat mooi.
Die Elfstedentocht in ’85.
Ik denk dat ik gewoon nog maar even wakker blijf.
-zo moeilijk is dat niet-.

Zoiets moet je gewoon niet willen missen toch?
————————;-D———————–

Gaan jullie ook kijken?
-de Elfstedentocht wordt vandaag van begin tot het eind herhaalt op NPO best. Start uitzending 05:00 uur-

Wat vinden de Vlamingen onder ons nou eigenlijk van onze Elfstedentocht?

Meisje van zestien

IMG_6348
Texel, 3 t/m20 augustus 1983. Koogerstrand Met Sandra voor de tent.

Hey stoere griet,

Hier even een brief van jezelf.
Ja heus!
Het schijnt deze week mogelijk te zijn om een brief te sturen naar het meisje dat ik was toen ik zestien was, en dat meisje ben jij.
Raar hè?! En ik ben dus jou versie van 47 jaar haha.
Nou, ik kon de kans om je even een hart onder de riem te steken natuurlijk niet voorbij laten gaan, dus voilà, hier is je brief😜

Ik vraag me af wat je aan het doen bent. Heb je zojuist soms stiekem weer van twee half opgerookte sigaretten een shaggie gedraaid? Getverjasses, daar moet je echt eens mee ophouden hoor. En nu zit je zeker op je bureau voor het raam naar buiten te kijken met je cassetterecorder aan?
Kijken of je MDG ziet, betrapt!
Laat me raden: je hebt ‘Will you’ op van Hazel ‘o Connor?
Of ‘Angie’, van de Stones misschien? UB40?
Balen dat je niet met de jongens mee naar het concert mocht hè?
Je wilde zo ontzettend graag.

Misschien pak je nu je voetbaltas wel in, en ga je zo trainen?
Je huiswerk zit je in ieder geval vast niet te maken, zo goed ken ik je wel!

En toch, zou het wél moeten doen. Je kan best redelijk leren als je wilt, en dat weet je!
Waarom nou dat geblow tussen je tentamens in? Dat is toch dom. En dan nog een lachkick krijgen onder het tentamen ook, dat was echt niet oké.
Ik schaam me er nog voor.

Maar ik begrijp het natuurlijk ook wel. Het is op het moment ook allemaal niet zo makkelijk voor je hè? Thuis doe je àlles verkeerd lijkt wel. Je krijgt óveral de schuld van, en nee, dat ìs ook niet eerlijk.
Meestentijds heb je gewoon hartstikke gelijk.
Maar ja, je bent maar zestien hè? Ik weet het wel hoor, ik herinner het me nog heel goed.
Zo frustrerend.

Probeer het je maar niet zo aan te trekken.
Adem in, adem uit en probeer bij jezelf te blijven.
Wat dat is?
Nou, zoiets als schrijven in je dagboek.
Dan zet je alles even op een rij en kom je weer een beetje tot rust.
Of knuffel Pork maar eens flink, die komt toch altijd bij je als je verdrietig bent?

Weet je meissie, het heeft geen enkele zin om steeds maar te blijven proberen gelijk te krijgen, of je ‘recht’ te halen.
Wen er maar vast aan: de wereld is gewoon niet altijd eerlijk en rechtvaardig.
Punt.
Al loop je honderd keer weg,
je gelijk, dàt krijg je toch niet, dat weet je toch inmiddels wel?

Misschien moet je soms een beetje meer doen zoals je zus doet: Gewoon ‘ja, nee, en amen’ knikken. Niet steeds die confrontatie opzoeken. Je wint het toch nooit.
Nou ja, misschien overdag wel van je moeder, maar is dat nou echt wat je wilt?

Je moet niet zo op haar neer kijken omdat ze het niet alleen af kan met jou. Al lijkt het nu misschien niet zo, ze is veel sterker dan jij nu kan vermoeden, en later, veel later zullen jullie het zelfs heel goed met elkaar kunnen vinden.
Ze heeft het echt niet makkelijk met je hoor.
Je bent soms zo brutaal en zo scherp met je tong.

Ook de relatie met je vader zal in de loop van tijd wat makkelijker worden. Er zullen nog steeds af en toe flinke botsingen zijn, maar je zult beter in staat zijn om ermee om te gaan als je eenmaal begrepen hebt hoe het eigenlijk allemaal in elkaar zit.
Wat er nou eigenlijk achter zit.
Geduld dus griet.

En hoewel je je zus nu af en toe niet kan uitstaan omdat ze gewoon ‘de Perfecte Grote Zus’ is, aan wie jij nooit zult kunnen tippen, laat het nou maar zo.
Leg je erbij neer.
Kijk gewoon alleen naar jezelf, vergelijk je niet met haar.
Jullie houden zoveel van elkaar, blijf nou maar gewoon van haar spullen af, dan hebben jullie minder ruzie, al hebben jullie natuurlijk ook vaak de grootste lol met elkaar hoor, dat weet ik.
Geniet van die momenten.
Ze zijn kostbaarder dan je denkt.

Toe.
Niet huilen.
Het is allemaal echt niet zo hopeloos als het nu lijkt. Ik weet niet in welke maand we nu zitten als je dit leest, maar ook al dreigen pap en mam steeds dat je níet mag, je gaat in ieder geval wél met je vrienden naar Texel hoor.
En dat wordt een geweldige vakantie, dat kan ik je verklappen.

Nou, hop hop, pak die voetbaltas in en gaan met die banaan. San staat zo vast voor de deur.

O nee.
Wacht nog even.
Misschien wil je nog wat tips van je oude gekke ikkie?
Even denken hoor…

Ik denk dat de beste tip die ik je kan geven is dat je ervoor moet zorgen dat je het goed kunt vinden met jezelf. Zorg dat je op jezelf kunt bouwen en
zoek het geluk in jezèlf, niet in andere mensen of materiële zaken.
Op jezelf moet je altijd en ten immer terug kunnen vallen.
En met je lichaam moet je nog jaren doen.
Zul je dus een beetje lief zijn voor jezelf en je lijf?
Mooi zo!
Maak je trouwens niet zo druk om je gewicht. Wees juist blij dat je zo slank bent nu. Oké dan, mager.
Dat komt vanzelf wel goed.
Meer dan goed.

Als tweede tip wil ik je meegeven dat je niet moet luisteren naar wat de mensen zèggen, maar dat je moet kijken naar wat ze dóén.
Mooie woorden zijn makkelijk gesproken, maar de daden, dáár draait het om, daar moet je de mensen op beoordelen.
Denk de woorden dus wèg.

Nog eentje dan en dan hou ik echt op: de 80/20 regel. 80 staat dan voor gezond, en 20 voor lekker/ leuk. Een beetje hetzelfde als ‘alles met mate’ ja.
Blijft ook na jaren gewoon een goede tip. Wat vandaag als gezond wordt aangemerkt blijkt over een jaar of wat juist ongezond en vice versa.
Eet dus veelzijdig, en wissel van producten / merken.

Nou meissie, zet hem op.
Nog even op je tanden bijten hoor.
O, en doe me een lol, ga over twee jaar op het MBO nou niet alleen in die keet op het schoolplein zitten blowen, koffieleuten en hartenjagen om geld hè?!
Je zult hem zelf helemaal op eigen kracht moeten scheppen, die toekomst van jou.

Het komt allemaal echt wel goed, geloof me.
Er komen heus nog wel meer moeilijke jaren, maar ook heel veel fijne.
Jij kunt straks gewoon de hele wereld aan, let maar eens op.

Nou hop-hop, droog je tranen en pak je voetbaltas.
(Niet slootje springen hè;-)

Zul je ook een beetje zuinig op je dagboeken zijn?
En op je oude vrienden?
Je moet trouwens de groeten hebben van de San van 46.

Dag hoor meissie. Hou je haaks hè?!

Dikke kus van je oude ik.
(((X)))

Brieven schrijven aan meisjes van zestien werd mogelijk gemaakt door Kelly en Lies. Kijk bij #boostyourpositivity voor meer brieven aan meisjes van zestien en de volledige uitdaging.

De dag van gister.

IMG_6260

Maandagmiddag.
Ik heb niet alleen zitten janken hoor maandag. Ja, heel goed, inderdaad, ik was ook naar de Bieb geweest, maar dáárna kwam Esther van Memento Mori nog even langs. Niet onverwachts hoor, ze belde ’s morgens of ik tijd had. De rekening van de uitvaart was namelijk klaar.

Hoewel we door de pastor en Esther waren gewaarschuwd, vond ik het toch teleurstellend dat het crematorium 180 euro had gerekend voor slechts vijf minuten extra tijd in de aula. Na zus was er geen uitvaart meer, dus er zat (lag) niemand te wachten. Typisch gevalletje van ‘de één zijn brood’.

Van de rechtbank hebben we nog niets vernomen. Omdat zus door de Volkskredietbank haar geld liet beheren (halleluja) is het wachten daarop. Tot op heden is niemand gerechtigd haar geld op te nemen. Neef is minderjarig. Een klein gedeelte van zus haar uitvaartpolis wordt op haar bankrekening overgemaakt. Een groter gedeelte werd gelukkig rechtstreeks naar Esther uitgekeerd. Maar goed.
Of mam dus maar weer even een paar duizend voor wil schieten.
-En ja, ik zou kunnen bellen. Misschien zou ik eens móéten bellen, maar ik steek liever nog even een week mijn kop in het zand, en hoop van de week gewoon echt wat van de rechtbank te horen.
Ex ook.
Bizar!

Woensdag.
Kijk aan!
Een check van maar liefst 10! pond van de vader van Kyl die geen alimentatie -ook geen achterstallige!- meer hoeft te betalen van de rechtbank omdat hij geen inkomen heeft.
Een week na de uitspraak liet Kyl me zijn Facebook status zien: ‘Kan niet kiezen. Zal ik naar Griekenland of naar Londen’. Een paar weken later had meneer ineens weer een baan als anesthesie assistent.
Ik ben niet haatdragend.
Heus niet. Ik vergeef veel. Snel. Maar deze man is voor mij een person non grata.
Ging hij me op de dag van de euthanasie van mijn vader ineens bellen. En na de dood van zus ook. Lazer toch op.
Ik heb heel rustig en aardig gezegd: ‘Sorry, I do not want to speak with you, goodbye’ en vervolgens de verbinding verbroken.

Donderdag.
Kijk nou!
Nóg een check van de vader van Kyl.
Vandaag krijgen we 250 pond.
Wil zeker zijn schuldgevoel afkopen.
Nou, als dat zo doorgaat iedere dag, kom maar op hoor.
-Bij de veertienduizend geef ik wel een seintje oké?-
En dan ben ik nog soepel.

Vrijdag.
Wonderschone witte wereld.
Weet ik nog?
Van vroeger?
Met zus op de slee?
Mam trok.
Opeens stond ik op en rende plotseling naar de overkant.
Mam gilde.
Boem!
Een auto raakte mij frontaal.
Ik viel precies voor het wiel.
Gelukkig had ik een glad jasje aan. Ik gleed meters mee tot waar de auto tot stilstand kwam.

Ik weet het nog.
En over vijftig jaar zal ik het nog weten.

Als de dag van gister.

IMG_6261

IMG_6262

Het mooiste krukje ooit…

‘Ja hoor, dat mag wel. Hij staat in de schuur. Ik kan hem toch niet meer tillen’.

Met het oude Brabantia keukentrapje onder mijn arm verlaat ik vorige week het huis van mam. Het voelt een beetje alsof ik uit ben op haar spullen. ‘Wel raar mam. Weet je het wel zeker?’
Ze kijkt een beetje weemoedig. ‘Ik had het al voor ons trouwen’.
‘Weet je nog dat zus en ik er altijd op zaten tijdens de afwas vroeger?’ Nou ja meestal zat ik. Zus was ouder, die mocht helpen. ‘Wat zal ik veel gezongen hebben op dit krukje, weet je nog?’
Mam knikt.
Er komen meer beelden voorbij.
1001 Peertjes koken van onze perenboom.
Mijn grote stoere zus van vier of vijf die via het trapje op het aanrecht klimt om dropjes te pikken.
‘Weet je nog dat we vaak boterkoekjes bakten?’
Ik weet het nog. Met mijn knietjes op de kruk
versierde ik de deegballetjes met een natte vork.
Daarna mochten we met onze vinger de kom uit likken.
‘Niet teveel hoor, daar krijg je wormen van!’
Nog meer herinneringen.
Mam die een pleister plakt, de zoveelste, op mijn kapotte knie. ‘Kusje erop, over!’
‘Weet je nog dat ik droog paardrijles op de kruk kreeg van zus?’

Mam ziet de beelden ook voor zich.
‘Neef en Kylian hadden er ook zo’n lol van. Weet je nog dat je vader met een gladde plank er een glijbaan van had gemaakt voor de jongens?’
Ik zat dan vast te buffelen op het werk. ‘Nee, dat weet ik niet’.
Mam vertelt lachend dat ze dan zo -ploeps!- in het schelpbadje met water gleden.
‘En een lol dat ze dan hadden!’
Zachtjes laat ze haar hand nog even over het krukje gaan.
‘Dank je wel mam. Ik zal er heel erg goed op passen’.

Rem is bijna klaar met de keuken als ik met het krukje thuis kom.
‘Ga je hem schilderen?’
Ik bekijk het krukje aandachtig.
Hier zit wat rode verf, dezelfde kleur als waar pap de mooie zwarte gietijzeren potten ooit mee heeft verknald.
Daar wat groen.
Groen van zijn boot.
Van de stoepen.
Een druppeltje bloed.
Wat wit, van wat later op het bovenste treetje.
Roest.
1000 krassen.
En 1001 herinneringen.
‘Nee. Natuurlijk niet’.

Kijk hem eens mooi zijn!

20140823-160821-58101225.jpg