‘Another 45 Miles to go…’

Nou?
Wat vinden jullie van mijn nieuwe hulpmiddel?
Dat maakt het ‘Gewoon doorroeien’ toch een stuk makkelijker;-)

Valt me eigenlijk een klein beetje tegen dat jullie het niet hebben geraden hoor.

imageimage

Advertenties

U raadt het nooit!

Gister, toen ik thuis kwam uit mijn nachtdienst hoorde ik voor de allereerste keer ‘de specht’ weer in het park. Vraag me niet wat voor een het is hoor, ik ben al blij dat ik een paar jaar geleden al ontdekt heb wat dat gekke geluid toch was dat vanuit het park kwam. Wij bofkonten hebben inderdaad een park in de achtertuin.  -Oké dan, Rem wist wat het geluid was-.

Ja, na de cursus kon ik na een tussenstop bij de Burge.r Kin.g direct door naar mijn werk. Had ik zelf geroosterd natuurlijk (die nachtdienst, niet die hamburger) maar toen wist ik nog niet dat ik op de woensdagavonden naar cursus zou gaan.
Komende week wordt roostertechnisch ook weer één doffe ellende wat mijn rooster betreft: Zondag heb ik alweer een ochtenddienst omdat mijn collega graag wilde ruilen omdat ze zaterdagavond graag de verjaardag van haar pubertweeling wil vieren.
Op de andere dagen kwam ik niet uit, door alle roosterwensen waardoor ik mezelf behoorlijk benadeeld heb. Ga ik trouwens niet meer doen. (Mag niet meer van Rem). Ach, zelfs voor mezelf kan ik het niet goed doen hahaha!

De cursus was weer leuk en leerzaam. Die drie uur vliegen gewoon om!  Hoe ze mijn verhaal vonden? Juf Nicolien had de eerste halve bladzijde geschrapt, die was totaal overbodig, verder de nodige woorden en zinnen, wat spelfouten verbeterd, maar onderop gezet dat ze het ‘geestig’ vond (hoe toepasselijk), hoewel met ‘misschien wat veel plot’ voor een verhaal. Ook vond ze het hele gegeven op zich al grappig genoeg, zodat ze het niet echt nodig vond het ook nog op een grappige manier te schrijven. Verder vonden mijn bolleboze klasgenoten dat ik teveel namen liet vallen waardoor ze de draad een beetje kwijt raakten, en dat er veel komma’s en zo verkeerd stonden (en zo). Heb vannacht de komma regels op mijn werk maar even uitgeprint, en da ’t kofschip kon in een moeite door natuurlijk. 

Denk dat ik er nu maar een boek van ga maken. Heb er echt zoveel plezier in gehad om het te schrijven, kan ik straks gelijk door stomen naar de volgende cursus;-)
Heb inmiddels zoals u  weet fb vriend in de branche, Esther, die ik vast wel om advies mag vragen over temperaturen ed.

Wat een wind hè mensen, bah. Gister zei paps thermometer nog dat het mooi weer zou worden. Ja, voor die specht misschien.
Ik moet nu echt opstaan en naar de apotheek slaappillen halen en mijn kortingsbon inruilen voor nieuwe dagcrème voor de maand om is. 
Dan ga ik gelijk even naar de bakker en de slager. De rest haal ik dan morgen dan wel weer.

Morgen komt er trouwens een cadeau voor mezelf tussen 13:00 en 17:00 uur. U raad nóóit wat het is. 
Wat denkt u, zal ik er een prijsvraag van maken?
Nêh, u raad het toch nooit, da’s weer zo flauw!

Fijn weekend!

Gemismismis

Ik mis ze.

Vorige week heb ik het laatste beetje wit wasmiddel van zus opgebruikt.
Mams make-up remover pads zijn ook al bijna op. ‘Nee, niet die op waterbasis, hou die zelf maar, ik moet die pads op óólie basis hebben’. De laatste papieren tissues gebruik ik maar niet, die wil ik bewaren voor als ik ze ècht nodig heb.
En de rozenglycerine is ook al bijna op.
Ze had gelijk: het helpt prima tegen droge benen.

Steeds vaker ontdek ik mijn moeder in de spiegel. Gek, dat zag ik vroeger niet zo.
Steeds vaker tik ik op paps barometer.
En steeds harder, maar het helpt bar weinig.
Zus haar make-up tasje ruikt nog steeds naar haar.
Ik mis ze, ik mis ze, ik mis ze.

Van de week, toen ik in de auto naar een van paps cd’s luisterde dacht ik er in een flits over na om mijn haar weer kort te laten knippen, om direct daarachter aan te denken: Nee. Dat kan helemaal niet. Ik kan niets meer veranderen, alles moet blijven zoals het was. Zoals zij het kenden.
Míj kenden.
Zoals zij mij achterlieten.

Gek hè?
Dat kan natuurlijk helemaal niet, maar juist als dingen veranderen, of als ik gewoon iets leuks mee maak wil ik het zo graag met ze delen.
Vooral met mijn moeder.

Mijn moeder en zus zouden zo gelachen hebben om mijn verhaaltje over ‘de Zaak’.  Zelf zouden ze ook nog wel een paar ideeën hebben gehad voor het Uitvaartcentrum. Vroeger lagen we blauw van het lachen om de absurde boeken van Tom Sharpe. 

Ik kon om niemand zo verschrikkelijk lachen als om mijn zus vroeger. We zijn eens op vakantie geweest toen ik 27 was, en zij 29. We stonden op een jongerencamping in Zuid Frankrijk. Het was juni, en samen met een stel jongens van 18 waren we de enige gasten tussen van de twee mannelijke hosts / cq entertainment-team.
Ik zal er binnenkort eens een (Pannenkoeken) blog aan wijden.

Herinneringen ophalen.
Ervaringen delen.

Iemand die onvoorwaardelijk van je houdt.
Die je kènt, als haar eigen broekzak.

Dát gemis voel ik nu.

De Zaak: fictief met een beetje van mezelf

Fictief geschreven voor les 2 van de schrijfcursus.-



Terwijl de familieleden van de overledene de mappen met voorbeeldrouwkaarten bekeken, las ik snel de binnengekomen berichtjes in de groepsapp op het toilet.
Het eerste was van mijn zoon Moby, die meestal door iedereen gewoon Mooi-Boy of MB werd genoemd. De slimmerik had weer een as-uitstrooi-ceremonie op locatie inclusief catering aan de man weten te brengen. Het tweede was van mijn man Kees, die op dit moment ergens tussen de zonnebloemvelden in Zuid-Frankrijk moest rijden en daarbij natuurlijk ondertussen de tussenstanden van onze nieuwe E-manager irritant nauwlettend in de gaten hield: ‘Jongens, waarom brandt het licht in de badkamer nog?’ Het derde bericht was van Anita, mijn schoondochter in spé. Ze had een foto gestuurd van het rouwstuk dat ze zojuist gemaakt had. Zoals altijd was het weer een bijzonder gedrocht geworden waarvan niemand die ook maar een beetje beweerde verstand te hebben van goede smaak de term wanstaltig ook maar in zijn mond durfde te nemen: ze waren zeer gewild. Misschien zou ik haar als beloning voor haar inzet van het afgelopen jaar meenemen naar de workshop ‘Postmortale make-up’ die binnenkort in Amsterdam van start ging. Kon ze mooi rijden! Tevreden wilde ik net mijn iPhone weer in het binnenzakje van mijn colbert opbergen en mijn rok naar beneden trekken toen er nog een piepje volgde.
Het was van Dini.

Ze kwam naar huis.

Voor de allereerste keer reed ik terug naar de zaak zonder naar de crematie top 100 te luisteren.
Ik moest nadenken. Om de een of andere reden had ik nooit gedacht Dini Leeflang ooit nog terug te zien. Hoe ging ik dit in vredesnaam oplossen?

Het was allemaal zo snel gegaan.
Nog maar een jaar geleden was ik mede eigenaar was geworden van Uitvaartcentrum ‘de Witte Lelie’.
Het eerste wat we trouwens gedaan hadden toen we hoorden dat mijn compagnon Dini tijdens familiebezoek in Australië na een zwaar CVA in coma lag was de naam wijzigen. Wie wil er nou zo’n stinkbloemen uitvaart?
Daarna was ik er pas achter gekomen dat de boeken niet helemaal klopten; de zaak bleek financieel op sterven na dood.
Als ik niet snel actie had ondernomen had ik Ernst Doderer, ons enige personeelslid die zowel de lijken chauffeerde, ze aflegde, en de koffie rondbracht (en wiens cake bovendien onovertrefbaar was!) binnen de kortste keren moeten ontslaan, wat een absolute ramp zou zijn geweest.

Gelukkig had Victor Brandenaar, de manager van het dichtstbijzijnde crematorium, mij de eerste periode een beetje geholpen tot ik mijn diploma ‘uitvaartverzorging’ binnen had. Ik had Vic leren kennen tijdens de negen crematies die ik de afgelopen twee jaar van onder andere mijn ouders en zusje had bijgewoond.
Hij was zeer onder de indruk geweest van de rouwredes die ik had voorgedragen, en
sindsdien had hij mij weleens gevraagd of ik wat bij wilde verdienen door voor wildvreemde mensen een toespraak te schrijven en/of voor te dragen.
Ik had het altijd graag gedaan, al was het alleen maar om dicht bij hem in de buurt te kunnen zijn.

Op een dag, toen hij mij mee had genomen naar de kelder om mij eens te laten zien hoe het verbrandingsproces nu eigenlijk precies in zijn werk ging (wat slechts een excuus van mij was om hem onder vier ogen te kunnen spreken) had ik hem mijn financiële probleem voorgelegd.
‘Think out of the box meissie, dan komt het wel goed’, had hij gezegd, terwijl hij zijn smetteloos wit gestreken zakdoek uit zijn broekzak viste en de druppeltjes op mijn voorhoofd vervolgens met één ferme streek uit mijn gezicht veegde.

‘Mam, ik denk dat we de zaak een beetje moeten pimpen, en een klein beetje meer sjeu aan de uitvaarten moeten geven’, had ook MB nog dezelfde avond gezegd. ‘Op deze plek wil je toch niet dood gevonden worden?’
Het had me al met al reden genoeg gegeven om MB en zijn vriend Doderik, een tweedejaars student binnenhuisarchitectuur een beetje de vrije hand te geven.
Ze hadden nogal uitgepakt bleek later. Nou ja, iedereen weet hoe dat gaat: je denkt aan een nieuw behangetje en twee maanden later herken je alleen je deuren en ramen nog. Mooi was het wel, ultramodern met veel glas en chroom, en volgens Do en MB konden we er weer jaren mee voort. Dat wij als tegenprestatie vijf jaar lang ‘een heel klein beetje’ reclame moesten maken voor “Doderik, trendsetter in house styling& binnenhuisarchitectuur” had ik pas begrepen toen ik de reclame op een ochtend levensgroot op de rechterzijde van mijn auto had ontdekt. Sindsdien had ik mijn aanrij routes maar afgestemd op de ernst van de gelegenheid. Nee, echt spijt van de metamorfose had ik niet gekregen.
-Nou ja, met uitzondering van die Slimme meter dan-.

Door de nieuwe look van de Zaak hadden we al snel de interesse gewekt bij jongeren. Nu was dat natuurlijk nou niet direct de doelgroep waarop wij ons wilden richten, maar schijnbaar hadden ‘een paar kleine aanpassingen op de site’ toch wel enig effect gehad.
Net als bij de reclame voor Doderik had het even geduurd voor ik erachter was gekomen dat wij onder andere uitvaartpartijen organiseerden, wat inhield dat de kist van steigerhout op een prominente plek in de zaal stond terwijl de genodigden op de favoriete muziek van de overledene op ‘gepaste wijze’ afscheid namen. Natuurlijk waren we niet zo gek om het lijk daarin te leggen. De temperatuur kon behoorlijk oplopen tijdens zo’n feestje, vooral als we Kees niet goed in de gaten hielden.
MB volgde de HBO evenementenorganisatie dus ik nam maar aan dat hij wel wist wat hij deed.
Anita liep dan wulps in haar zwarte rokje tussen de feestende meute door te wiebelen op haar stiletto’s met een schaal vol oude en jonge kaaskistjes met zeeroversvlaggetjes.

Mijn telefoon piepte wederom. Er kwam weer een bericht op de groepsapp binnen. Ik las het snel toen ik even voor het rode licht moest wachten. ‘Mam, denk jij dat we op korte termijn aan een glazen kistje kunnen komen?’
‘Straks in het Dagelijks Overleg MB’, antwoordde ik, en gaf een dot gas.
Zelf had ik het afgelopen jaar ook niet stil gezeten. Intussen had ik al een stuk of twintig urnen van papier-maché gefabriceerd die ik exposeerde in de hal. De verkoop liep als een tierelier. Voor diegenen die ook gebruik wilden maken van onze ‘Uitstrooi ceremonie’ maakte ik voor nop een extra strooideksel.

En net nu na een half jaar buffelen de cijfers eindelijk weer een heel klein beetje in de lift zaten zou Dini thuis komen!

Toen ik de auto voor de zaak parkeerde besloot ik die informatie nog even voor me te houden.

Droge kost

Druk weekje achter de rug en een druk weekje voor de boeg.

Vrijdag had ik de CT scan angio van mijn hoofd. Wel een gek gevoel hoor, als je die contrastvloeistof door je lijf voelt gaan. Eerst heel warm in mijn hoofd, en een paar seconden later voelde het net alsof ik moest plassen.

’s avonds gezellig met Yvonne, Alice en Jaqueline gegeten bij het Ruijterhuis in Castricum.

Zaterdag ben ik lekker wezen winkelen met Kylian in Zaandam, en ’s avonds ben ik verder gegaan met mijn huiswerk waar ik vandaag weer mee verder ben gegaan.
Ik weet nog niet of ik het hier ga plaatsen, het is nogal een bizar verhaal geworden, wat tamelijk dicht bij mijzelf ligt, maar tegelijkertijd volstrekte onzin bevat.
U zou er misschien iets van kunnen gaan denken.

Morgen werk ik een dagdienst, dinsdag tot 20:00, woensdag heb ik eerst cursus en ga ik direct daarna twee nachtdiensten in en zondag wederom een dagdienst. Kortom: druk.

Kyl gaat morgen beginnen aan zijn lange stage, dus van hem hoef ik voorlopig ook weinig hulp te verwachten.

Gelukkig komt Yvonne morgen de ramen lappen, ik dacht vorige week al dat ze zou komen, maar had mij vergist, wat een domper was dat zeg;-)

Wens jullie vast een fijne (werk) week.
💋