Halloween

image
Vandaag precies een jaar geleden vierde mijn zus haar vijftigste verjaardag. Een Halloween party, samen met ene Frans. Morgen zou ze 51 geworden zijn.

Kon ze nog maar een keer boos naar me kijken en ‘laat me’ tegen me zeggen, en ‘jouw zwarte schaap, jouw trouwste Fen’

Ze zeggen dat de grens tussen hemel en aarde het dunst is tijdens Halloween.
Veel mensen proberen in contact te komen met hun overleden dierbaren. 
Ik ben daar niet zo’n fan van.
Waarom zou ik ze storen?
Waarom zouden ze mij misschien de stuipen op het lijf willen jagen.
Nee, dat is zeker niets voor mijn vader en moeder, maar dat mijn zus ooit van zich zal laten horen, ach, wie weet.

Ja, zij geloofde wel in feeën, kaboutertjes, engeltjes en mooie sprookjes.
In kruiden, tarot, glazen bollen, rituelen.
In de hemel, in de sterren, de planeten,
en de lijnen in je hand.
Maar wat heeft al die wijsheid haar gebracht?

Het is natuurlijk leven en laten leven hoor. En een klein vleugje magie kan natuurlijk nooit kwaad.
Maar weet u, ik ken maar heel weinig mensen die zich met ‘bovennatuurlijke’ zaken bezighouden en daar nou echt gelukkig van zijn geworden.

Eigenlijk geen een.
En u?

Fragment uit mijn jeugd: ’83 strand Bakkum

‘Ben je nou klaar Kruif?’
San staat beneden in de keuken.
Snel prop ik mijn oude badlaken in mijn zelfgemaakte roltas met ijshoorntje applicatie en stamp gehaast de trap af in mijn veel te grote le Coq Sportief broekje.
‘Mag ik een fles cola mee mam?’
Hij zit al in mijn tas voor ze antwoord kan geven. Mam schudt haar hoofd. ‘En niet zo laat thuis hoor, zes uur gaan we eten’.

We gaan naar Bakkum. San op haar witte fiets met versnellingen, en ik op mijn zelfgeschilderde rode opoefiets met witte stippen.
-Zonder stippen en flatjes aan je voeten ben je nergens deze zomer-. We hebben afgesproken met de jongens bij de brug bij WFC. Twee andere vriendinnen van ons zijn er ook.
De jongens vertrekken al zodra we aankomen.
Het is te heet om lang stil te blijven staan.
‘Jongens, even rookpauze straks bij het viaduct?’
-Het viaduct bij Uitgeest.-

Op Bakkum gaan we linksaf. Ergens daar, net voorbij waar de houten vlonders stoppen, tegen de duinen aan is ons plekje, het plekje van Wormerveer.

Het is rustig op het strand.
Het is eind mei.
De meeste mensen werken, of moeten naar school.
Wij niet, wij hebben examen gedaan.
Zijn klaar, 16 als we zijn.
Bevinden ons in een vaag gebied ergens tussen verleden en toekomst, waar de wereld nog aan onze voeten ligt, veelbelovend, zinderend van beloftes, en met oneindig veel mogelijkheden en kansen.

De V. zet gelijk de ghettoblaster aan. UB’40 natuurlijk.
De voetbaltassen van de jongens liggen her en der in het zand.
Terwijl zij al aan het voetballen zijn leggen wij onze handdoeken netjes naast elkaar, lezen de Flairs die San mee bracht, en smeren elkaars ruggen in met Nivea.

‘Hé meiden’.
We heffen quasi verveeld onze hoofden naar de G. op.
‘Tegenwoordig is topless is de mode hoor’.
De jongens rusten even uit en openen een voor een behendig een flesje Heineken met de achterkant van een groene aansteker terwijl het Klein Orkest zingt over Koos Werkeloos, omdat sommigen de Top 40 wilden horen.
‘Ja, jullie hoeven je toch nergens voor te schamen?’ roept R.
-Ik ben smoorverliefd op R.-

‘Zwemmen?’
De jongens zijn alweer weg.
De bal gaat natuurlijk mee.
‘Komen jullie ook zo?’

We gaan lummelen.
Winnen kunnen we natuurlijk nooit, maar lachen is het wél.
We stoeien.
Bikinitopjes sneuvelen.
We laten het maar zo, mode bewust als we zijn.
Ook als we even later op onze buiken weer op onze handdoeken liggen.
Het is warm, en het blijft warm.
Onze lauwe cola verruilt zich voor bier.
We krijgen honger.
‘Patatjes eten?’
San en ik halen onze schouders op.
‘Best’.
-Wie wil er nou naar huis?-

Het wordt later en later.
Ik had allang thuis moeten zijn, maar het kan me niet schelen.
Even was het druk geweest op het strand, maar nu zijn de meeste mensen weer naar huis vertrokken.
Wij niet.
Terwijl de zon lager en lager zakt voetballen wij langs de vloedlijn.
En stoeien wat in de duinen.
‘Wie is er bruiner geworden?
De G, of Narda?’
‘Zwarter bedoel je?’

Ik zie hoe P. in een verlaten strandstoel wat voor zich uit mijmert in de branding terwijl de zon langzaam de zee in lijkt te zakken, verbazingwekkend groot, rood en vurig.
We hebben onze topjes en onze shirtjes met ballen weer aangetrokken.
Onze badlakens hebben zich inmiddels allang verbroederd met die van de jongens.
Hazes zingt, ergens ver weg, over een vlieger, een brief.

R. Heeft zijn arm om me heen geslagen.
De G. de zijne om San.
De V. met zijn gevoel voor dramatiek roept dat we dit, deze dag, en dit moment nooit meer mogen vergeten.
‘Nooit, nooit nooit’ voor hij naast Pascalle gaat liggen.

We waren 16, 17.
En innig verliefd op het leven.

Ik heb het tot nu toe onthouden.

En ik hoop zij ook.

Adams familly?

Eind oktober alweer.
Precies een jaar geleden was Zus druk bezig met de voorbereidingen van haar Halloween feest, ter ere van haar vijftigste verjaardag op 1 november.
De vele berichtjes op haar mobiel hieromtrent getuigen van voorpret.
Ik laad het ding nog steeds trouw op.
-Don’t ask-.

Gister is mijn stiefschoonvader opgenomen. Raar woord hé?
Rem zijn eigen vader was al overleden toen hij nog maar een jongetje van tien jaar was.
Kanker.

Mijn schoonvader, een flamboyante intelligente man, met een Joie de Vivre waar je U tegen zegt, is helaas een beetje de weg kwijt.
Zaterdag hebben we er toevallig nog een bakkie gedaan.

Mijn tante N, de vrouw van mijn ome J. die een paar weken voor mam was overleden gaat in een bejaardenhuis wonen. Zij heeft hetzelfde als mijn schoonvader.

Met buurman Tijmen is het ook niet zo best. Twee weken terug is hij opgenomen in de Schelp, het Hospice waar ook mijn moeder verbleef.
Ik kan het niet opbrengen om bij hem langs te gaan.
En gelukkig begrijpt hij dat.
Rem heeft zaterdag even een bloemetje en een kaart bij zijn vrouw gebracht.

Kip Lotte is een paar weken terug overleden. Nu ik toch bezig ben met al dat vrolijke nieuws. Op de dag van de oplevering van mijn ouderlijk huis. Over timing gesproken. 

Goed, even iets verfrissends: Op het werk zijn we begonnen te werken met een ander systeem, Epic. Over een tijdje zal dat wel weer gewoon worden, maar het kost wel een hoop energie hoor.
Je hoort het gewoon af en toe kraken, die ouwe grijze massa van me.

Morgen een nachtdienstje, en daarna hoef ik pas zondag weer een dagdienst.
Eigenlijk moet ik daar nog wat mee, met die dienst, want dan is er ook een mis in de kerk waar ze kaarsen voor Zus en Mam geven aan de nabestaanden.
Vorig jaar had ik samen met mam de kaars voor pap gehaald.
Hij staat nu in de kast op de plank. Tenminste, wat er nog van over is, mam brandde hem op feest- en gedenkdagen op de schouw.
Misschien kan ik morgen Lidy vragen om te gaan.
Ik ben er nog niet uit.
Misschien moet ik maar proberen of ik mijn dagdienst kan ruilen.

Van het crematorium nog niets gehoord. Dat zal ook niet lang meer duren voor ik de as van mam mag halen. En dan zet ik het maar naast de urn van zus tot het weer mooi genoeg is om door het Guisveld te varen. Misschien moet ik pap zijn urn dan ook maar halen, hij staat daar maar zo alleen. Vandaag heb ik twee lieve kleine bloemetjes voor hem gekocht, morgen maar even heen. Misschien kidnap ik ‘m wel. (Nee hoor). 

Morgen moet ik trouwens ook Memento Mori even bellen. Afgelopen zaterdag schoot me ineens te binnen dat we nog helemaal geen bedankkaartjes hebben verstuurd. Zo stom!
Had MM direct een mail gestuurd, maar nog geen redactie terug gekregen dus.

Hadden trouwens nog een diepgaand gesprek tijdens het eten vanavond. Over de dood, en dat ik dan zou willen dat mijn kist dicht gaat omdat ik nooit zou willen dat Rem en Kyl zouden moeten gaan beslissen of ik dan wel mooi genoeg zou zijn.
Laat mij maar liever donor zijn, een Win-win situatie voor allen lijkt me.
Een dood lijf is een dood lijf.
Je kunt het mooi aankleden, make up op doen, maar dood is en blijft dood.
Of misschien moet ik zeggen: zielloos.

Haha, we zijn af en toe ook net de Adams familie hier hè?
Kyl had zaterdag ook weer zo’n gezellig shirt in Hilversum gekocht:
image

Hij heeft er ook een broek van;-)

Nou, gezellig dat je er weer was hoor!

Groetjes, Morticia
Narda

Maak je niet (bloed)druk

Ik heb besloten toch een scan te laten maken van mijn hoofd.
Mensen die hier nog niet zo lang lezen denken nu vast ‘hé, waar komt dat idee zo plots vandaan?’
Nou, onder andere hier.

Afgelopen februari in het nagesprek over Zus is erfelijkheid natuurlijk wel ter sprake gekomen. Toen besloot ik mijn eigen hoofd op dat moment (nog) niet verder te laten onderzoeken.

Anyway.
Afgelopen 29 september was het Red Dress Day. Toevallig werkte ik die dag, dus ik maakte graag gebruik van de gelegenheid om gratis en voor niets bij de poli cardiologie mijn bloeddruk, bloedsuiker en cholesterol te laten meten, een prachtig initiatief voor alle vrouwelijke medewerkers.
Helaas was mijn bloeddruk wel wat aan de hoge kant, zodat ik geadviseerd werd om deze over te laten meten.
De volgende dag was hij weer hoog, dus toch dezelfde week maar even naar de huisarts gegaan.

En nu heb ik afgelopen donderdag een 24 uurs bloeddruk laten meten. Om de 20 minuten pompt de band om je arm zich automatisch op, en in de nacht om het uur. ’s Morgens was mijn bloeddruk wel oké, maar eind van de middag was hij weer erg hoog hoor. Als zo’n kastje niet liegt kwam mijn onderdruk af en toe boven de 100.
-Gek dat ik me af en toe niet zo tof voel?-

Zal allemaal de stress wel zijn van de afgelopen periode.
Of de stress van alleen al zo’n opgepompte stressband om je arm, waarvan je dan vanzelf weer nog meer stress krijgt als je de cijfertjes afleest, haha!

However, goed voor mijn vaten zal het zeker niet zijn, vandaar dat ik mijn hoofd nu dus toch ga laten onderzoeken.
En Becel.
Ik ga vanmiddag maar Becel kopen.
Van die hele dure.

En verder maak ik me vooralsnog maar niet druk.

In principe

‘In principe mensen’.

Kent u ze?
Mensen die het nooit na zullen laten als ze iets kunnen bekritiseren?
Of ‘hun recht’ kunnen halen?
Gewoon omdat het kan.
Mensen, waaraan je dan moet toegeven dat ze in principe natuurlijk wel gelijk hebben.
Maar waarbij je dan toch met een bepaald ondefinieerbaar gevoel blijft zitten.

Van die mensen, waarvan de verontwaardiging doorgaans vaker wel dan niet van het gezicht afdruipt, over de vermeende laksheid, luiheid, domheid, of gewoon het irritante gedrag van de ander?
Mensen, die daar vervolgens dan bij andere mensen, jou bijvoorbeeld, over klagen?
En waaraan je jezelf weer toe hoort geven dat ze ‘in principe natuurlijk wel gelijk’ hebben.

Mensen, die altijd wel wat te mopperen hebben, al dan niet op een cynische toon, of met een quasi luchtige toets.
Mensen die het altijd enorm goed bedoelen.
Mensen waaraan je dus -ja daar ga je weer- moet toegeven dat ze in principe natuurlijk alleen maar het beste met iedereen en alles voor hebben.
Want daar twijfelt natuurlijk echt niemand aan.

Maar ondertussen heb je zo langzamerhand wel enorm veel lust gekregen om deze mensen eens flink achter het behang te gaan plakken.
Want eigenlijk, als je wat beter kijkt en luistert tussen alle regeltjes door zijn het gewoon zeikerds.

In principe;-)

PC/10-12 Beeld van een beeld: ‘Zorgvliet’, by Marjon Veerkamp

Mijn ‘Beeld van een beeld’ blogjes zijn er een beetje bij ingeschoten de afgelopen maanden. Om eerlijk te zijn was ik het gewoon vergeten door alles, tot ik deze foto’s van beelden van mijn collega Marjon Veerkamp op FB voorbij zag komen. Ze zijn gemaakt op de bekende Amsterdamse begraafplaats ‘Zorgvliet’, waar vele bekende Nederlanders hun laatste rustplaats hebben gevonden, waaronder bijvoorbeeld Martin Bril.

En natuurlijk mocht ik van haar een aantal van deze foto’s op mijn blog zetten, waarvoor dank.

image

image

image

image

image

Voor meer foto’s van Marjon zie:

http://marjonveerkampphotography.com/

Beeld van een beeld is een maandelijkse challenge. Voor meer informatie en bijdragen van andere bloggers verwijs ik u graag naar
http://nachtbraker.wordpress.com

Liebster Award, alweer😀

Ik ben wederom zeer vereerd dat ik ben genomineerd voor de Liebster Award. Deze keer door “Wildcard”. Dank je wel hoor😘

Ik zet even de regels op een rijtje:

– Bedank degene waardoor jij genomineerd bent.
– Beantwoord de vragen die jij hebt gekregen
– Nomineer 10 andere bloggers
– Bedenk 11 vragen voor degene die jij gaat nomineren
– Breng de genomineerden op hoogte

Goed, daar gaan we.
Met welk dier kan men je vergelijken? Een kat denk ik. -Helaas niet vanwege de souplesse-.
Wat zou je willen realiseren? Mijn allermooiste dromen en fantasieën.
Van welke bloemen hou jij? Ik hou erg van rozen, en dan het liefst gewoon in de tuin. Of veldbloemen, ook mooi.
Hoe ziet je ideale man/vrouw er uit? Waar ik het liefst naar kijk heeft weinig met looks te maken: prettige uitstraling, zelfverzekerde houding, liefdevol, humor, dat soort dingen. Gewoon, dat je al blij wordt als je hem alleen maar ziet.
Kan je goed koken? Ach. Mijn erwtensoep is snert.
Wat zou je doen als je een android kon worden? Als ik zou denken dat ik een Android kon worden zou ik me door laten verwijzen naar een psychiater.
Waarom ben je je blog begonnen? Ik zat in 2013 ziek thuis, en kon me amper bewegen vanwege ontstekingen in mijn lijf, heel erg naar was dat. Waarschijnlijk was het door een bacterie veroorzaakt. Nu heb ik gelukkig alleen nog wat restverschijnselen.
Hoe denk je over kinderen adopteren? Ik heb al veertig jaar een geadopteerde neef. Niets mis mee. Toch mooi als je een kind een toekomst kan geven?
Wat is je lievelingskleding merk? Ik koop gewoon wat ik leuk vind, van wel merk dan ook.
Kan je goed met geld om? Ik vind dat ik dat best goed kan hoor, mijn man vindt alleen van niet. Wel eens een klein twistpuntje.
Wat zou er bij je thuis moeten veranderen? Ons huis lijkt momenteel wel een museum/ antiekwinkel / winkel van Sinkel met al die spullen uit de erfenis van mijn ouders en zus. Dat biedt een beetje troost, maar dat kan natuurlijk niet altijd zo blijven.

Aan nomineren begin ik deze keer niet, want de Liebster Award is nu al aan de zoveelste ronde bezig.
Misschien verzin ik in plaats daarvan gewoon eens een nieuwe Award, eentje die je slechts aan een blogger mag doorsturen.

Hoop dat je wat wijzer bent geworden Wildcard.
Nogmaals bedankt!

Alles is….

Trots

Ik ben best trots.
Op mijn gezin, mijn familie.
#Het draait maar door.
Maar ook op mijn neven.
Wist u dat drie van mijn zes neven inmiddels weg zijn bij de moeders van hun kinderen en nu zelf doordeweeks zorgen voor hen?

 (Ook respect voor de vrouwen die de zorg doorgaans op zich nemen natuurlijk. Bewonderenswaardig hoor, begrijp me niet verkeerd).
En eigenlijk ben ik ook heel trots op mijn ‘ouwe’ lieve tantetjes. Tantes Nel, andere tante Nel, tante Gre, tante Lenie. 
Zeker op mijn lieve tante Lenie, mijn peettante in Purmerend, die vandaag zelfs overgrootmoeder is geworden.
Vanavond heb ik haar even gesproken, en het doet me zo ontzettend goed te horen dat ze eigenlijk ook denkt dat haar zusjes (Agnes en Adri) nooit gewild zouden hebben dat wij nu zouden treuren om hen of hun broers. 

We moeten juist uitdragen voor hen dat het leven er juist voor bedoeld is om er een beetje van te genieten, en een beetje lief te zijn voor elkaar.
Mijn lieve nicht H. Is vandaag oma geworden. De dochter dus van mijn lieve Peettante.
Wat had ik zojuist een goed gesprek met mijn tante. En wat een mooi, leuk  nieuws voor de familie.
(daar gaan wij, zeker heel veel, en heel vaak op proosten;-)

Maar eens een foto middagje proberen te plannen in december;-D

Snap jij het?

Lieve mam,

Gek, als ik gewoon aan je denk valt het wel nog wel mee, maar zodra ik hier de woorden ‘lieve mam’ opschrijf biggelen de tranen al meteen over mijn wangen.
-ik mis je zo-

(Opnieuw)

Lieve mam,

Ik wou dat ik even met je kon praten.
Gewoon, even mijn gal spuien.
Over sommige stomme mensen. 
Over dat het me zo verbaast dat sommige mensen zich zo druk maken over van die kleine dingen.
Over dingen, die volgens hen ‘niet eerlijk’ zijn.

‘Ach kind, maak je niet druk’, zou je zeggen.
En het gekke is mam: dat doe ik ook niet echt.
Ik kan het alleen zo moeilijk begrijpen.
Al die drukte om bijna niets.
Waarom vallen ze míj daarmee lastig?
Dáár maak ik me wel druk om.
Snap jij het?

Soms heb ik gewoon zin om met een vinger in hun borst te priemen en te zeggen:
‘Weet je wat pas niet eerlijk is?
Als je je land moet verlaten omdat je leven daar niet meer veilig is.
Of als je je kind moet afstaan omdat je er zelf niet voor kunt zorgen.
Of als je in een tijdsbestek van anderhalf jaar je vader, je zus en je moeder moet verliezen’.

Maar ik weet ook wel, dat het komt door alles wat er gebeurd is.
Wat is er dan nog belangrijk?
Dat houd ik me dan maar voor.
En dan zeg ik maar niets en dan draai ik maar een beetje aan jullie ringen, dan is het net of jullie een klein beetje bij me zijn.

Ik denk dat ik steeds meer op je ga lijken mam.
Een klein deeltje van jou is denk ik achtergebleven in mij.

Wat zou je het zonde vinden van mijn tijd als ik me steeds druk zou maken om alles wat allemaal ‘niet eerlijk’ is.

En pap en Zus ook. 

Misschien is het juist daardoor dat ik er het beste van probeer te maken.

Dat is toch wel het minste.

Een beetje genieten.
Een beetje lief zijn voor elkaar.

Toch mam?

-Laat ze maar zeuren hé?-

  

Portugezen in huis, deel 3

Portugezen deel 3

Voor wat vooraf ging zie deel 1 en deel 2.

Naast het spelen van domino spraken we in de week die volgde veel over de mogelijkheden die we hadden om een eventuele rechtszaak aan te spannen.
Wat was het risico?
Hoe lang zou het kunnen duren?
Het zou moeilijk worden, er zouden ruzies komen.
Konden we daarmee omgaan?
Op elkaar vertrouwen dat we evengoed door zouden blijven gaan?
En bovenal:
Wat deden we Kylian aan, en zouden we geen gevaar lopen?
We haalden ons nogal wat op onze hals.

Aan het eind van de week was de kogel door de kerk: Chico zou naar huis gaan.
Chico had bijna geen bewijs. Al zijn correspondentie en loonstroken had hij weggegooid. Bovendien zou het over een paar weken veel te koud gaan worden op de zolderschuur, en in huis hadden we geen plek voor hem.
Rem had een zwart baantje voor Chico geregeld als timmerman in de buurt van zijn eigen werkgever. Het was natuurlijk best een gok, maar de baas van Chico was zeer content met hem, hij werkte als een paard, en hij was een echte vakman. ’s Morgens reden ze samen naar het werk. Soms was Chico dan al om vijf uur daar, en moest hij twee uur wachten op het stoepje voor zijn baas de werkplaats opende. En ’s middags idem dito, Rem maakte destijds vaak dagen van twaalf uur. Maar Chico bleef altijd vrolijk, en was heel blij dat hij nu zijn bijdrage kon leveren aan de kosten en kon sparen voor zijn terugreis.
Hij was stapel gek op Rem.
Na vijf weken is Chico teruggegaan naar zijn vrouw en dochter in Porto. Later belden we hem nog wel eens op, en dan ging hij helemaal uit zijn dakkie:
‘Remcoooo. Good friend. You okay? Narda Okay? Kylian okay? Nino okay?’
En dan vroeg Rem: ‘Chico okay, wife okay? Daughter okay?’

Helder en Vania verhuisden van Kylians kamer naar een tweepersoons matras op de vliering, zodat Kyl weer terug kon van de kastenkamer naar zijn eigen bedje.

Terwijl de rechtszaak tegen de laatste werkgever van Helder werd opgestart probeerden we er samen in huis het beste van te maken.
Helder bleef enorm veel last van zijn rug houden en wandelde heel veel met Nino. Om hem heen hing altijd een zweem van pijn, teleurstelling, depressiviteit, schuldgevoel etc. Vania was sterker, slimmer ook, ondanks dat ze nog maar 23 was.
Op de dagen dat ik werkte zorgden zij samen voor het huishouden en het eten. Ze konden heerlijk koken.
De namen van de gerechten weet ik niet precies meer. Vaak kwamen onze buren met hun drie kinderen ook mee eten. En uiteraard sponsorden ze dan brood, wijn of wat dan ook.
Ondanks alle problemen en zorgen hadden we het vaak ook reuze gezellig. In oktober ging Helder voor ons tamme kastanjes poffen in de tuin. Vuurtje erbij, dekentjes, Vino tinto. Natuurlijk kookten wij op onze beurt stamppot en dergelijke voor hen. Soms leek het wel een commune.

Wij probeerden ze zoveel mogelijk te leren over onze gebruiken en gewoonten en vice versa. We keken bijvoorbeeld iedere dag naar ‘Man bijt hond’.
En ook Sinterklaas vierden we natuurlijk samen. Ik had Vania een tientje gegeven en haar verteld dat het meer om de pret ging dan de cadeautjes op zich. Mijn ouders waren er ook en mam had natuurlijk ook cadeautjes gekocht voor Vania en Helder. Dikke sokken, een muts, een shawl, dat soort dingen. Mam had een Sinterklaas gedicht in het Spaans gemaakt. Vania en mijn moeder konden elkaar in het Spaans begrijpen, en pap, nou ja, die sprak natuurlijk zijn universele gebarentaal.

Naar mate ze langer bij ons woonden begon Kylian zich ook steeds meer aan hun te hechten.
Ze kregen zelfs een zoen op hun wang als hij ging slapen. Vania bracht hem ook wel naar school of pikte hem op. Soms bakten ze koekjes met hem, of brownies, of taart. Ze zijn zelfs met me mee geweest naar het open podium van Kyl op school en waren zo ontzettend trots op hem.
Best bijzonder hé?

Natuurlijk was het niet altijd koek en ei. Helder zag het af en toe totaal niet meer zitten. En soms, als ik dan thuis kwam uit mijn werk en er niets gedaan was in huis dan werd ik ook wel kribbig hoor. Tot overmaat van ramp werd de opa van Helder ook nog heel ziek. Deze man was als een vader voor hem, Helder was bij hem opgegroeid.

Ondertussen waren we natuurlijk ook druk met ‘de zaak’ op zich.
Ik schreef verschillende politieke partijen aan, -zonder overigens veel respons-, we zochten contact met de Portugese ambassade, het SIOD, het Noord-Hollands dagblad, en ‘Expresso’, een grote krant in Porto en omstreken.
Er kwamen een journaliste en fotograaf van deze krant naar Nederland en naast dat er een grote reportage in deze krant verscheen, werd er een video gemaakt voor ‘Expresso tv’.
Het Noord-Hollands dagblad plaatste vlak voor de rechtszaak een artikel van een halve pagina.
Maar we waren met veel meer dingen druk.
Ik vond bijvoorbeeld dat Helder best recht had op een uitkering…

Wordt vervolgd.