Vrijwillige Brandweer en de Wormerveerse Stoomspuit in de jaren ’70

Mijn vader was naast dat hij chef werkplaats was bij een bedrijf dat de zogenaamde SRV wagens maakte, ook vrijwillig brandweerman. Hij was 1 van de mannen die met de materiaalwagen niet alleen ter plaatse was bij de branden, maar ook bij bijvoorbeeld auto-ongelukken.

Hij vertelde me laatst een keer in de auto op weg maar de Heel dat hij ooit een moeder en een zoon op tijd uit een auto heeft proberen te redden op Plein 13. Dat was niet gelukt.
Ook reed er wel eens iemand met zijn auto in de Nauernasche Vaart wat volgens mij ook niet altijd even goed afliep. ‘En toen bestond er nog niet zoiets als nazorg voor ons hoor’. Het had hem allemaal nog meer aangegrepen dan ik me als kind had beseft, al voelde ik wel degelijk de stemming destijds haarfijn aan.

Zijn laarzen en brandweerpak had hij klaar staan waar hij was, de broekspijpen al om de laarzen heen, klaar om er in te springen en de bretels over zijn schouders te halen als de pieper ging.

Ik kan me de storm van ’72 nog goed herinneren. Pap was uitgerukt. De storm was zo hevig dat er zelfs (stukken) daken van de flats afwaaiden. Ook ons dak maakte vreemde ‘whoeei’ geluiden. Mam. Zus en ik zaten doodsbang op de bank. Mam het meest, en zus -zoals altijd de held van ons drie-het minst.
De tv was uit. Moest uit, denk ik. ‘En niet bij het raam staan’.

Soms nam mijn vader ons de volgende ochtend mee om te kijken naar waar hij die nacht nog had geblust. Naar het Zuideinde bijvoorbeeld. De brand die mij echter nog het meeste bijstaat was de brand aan de overkant van de Zaan in Wormer. Het was 1 november, de verjaardag van mijn zus. Zoals zoveel mensen keek ik vanaf het Noordeinde toe hoe het hele gebouw in vlammen op ging. Mijn vader moest het brandende pand in. Wat hij daar nou precies moest doen ben ik vergeten. De reactie van mijn moeder niet.

Gelukkig zaten er ook leuke kanten aan het brandweerman-schap. Zo waren daar de Spuitfeesten, waarbij groots werden uitgepakt. In het jaar dat China het thema was mocht ik, verkleed als Chineesje, het kussentje dragen met de verschillende onderscheidingen. Daar ging natuurlijk een eindeloos passen en oefenen aan vooraf, ‘al’ die vrouwen bemoeiden zich met mijn outfit, maar het resultaat mocht er geloof ik wel zijn, ik kreeg een luid applaus. Ik deelde die avond mijn kleedkamer ruimhartig met Corrie Konings.
Als een echte diva keerde ik na mijn optreden met een taxi terug naar huis.
De ochtend na het feest was het altijd weer een verrassing wat mijn ouders hadden gekregen. Houten sake kommetjes bijvoorbeeld. Er was altijd wel wat leuks waar we wel iets mee konden. Het was zo’ n beetje de tijd waarin den Uyl ook ‘in den olie was’.

Op een goede dag begin jaren ’70 besloten de mannen op een maandagse avond in de kazerne dat ‘ze’ maar eens wat moesten met die oude stoomspuit die ergens in een hoek stond te vegeteren. Nu was mijn vader nogal handig, dus uiteraard weidde hij zich met veel enthousiasme aan dit karwei. In de avonduren mocht hij in de werkplaats van zijn baas zijn gang gaan. Avond aan avond was hij bezig met lassen en solderen. ‘Moet je nu alweer weg schat?’ Mijn moeder vond het niet altijd even leuk, en als ik mijn vader die maanden wilde zien, zat er weinig anders op dan mee te gaan naar de werkplaats, of de kazerne.

In de eerstgenoemde rook het heerlijk naar werkplaats. De geur van staal. De krullen op de grond. Ik kwam er graag. (Toen ‘project Stoomspuit’ ten einde was, heeft mijn vader daar nog een hele stalen boot in elkaar geflanst. Vertel mij wat over een zeeg, ha!)

In de kazerne klom ik dan op de materiaalwagen. Vandaar had ik een prima zicht op mijn vader en de Spuit.

Na een paar maanden was het ding klaar. Er zullen heus vast andere mensen aan meegewerkt hebben, maar IK heb ze nooit gezien. En ik ben toch regelmatig mee geweest. Wel de oude meneer Blij. Die kon poetsen dat het een lieve lust was.

Er volgden gezellige jaren waarin de Spuit bij vele evenementen haar opwachting mocht maken. Uiteraard stond ze altijd bij de braderie in Wormerveer en op de jaarmarkt op de Schans, maar ook elders in het land werden ze uitgenodigd. ‘Hoorn op stoom’, of wedstrijden. Gingen we weer met de caravan en het hele spul naar Warffum bijvoorbeeld. Oude meneer Blij (ook een Klaas) en zijn vrouw waren mee, en Hennie Blij, hun zoon. Meneer en mevrouw Charmant, meneer Coks, meneer en mevrouw Kooiman, meneer de Jong en natuurlijk ‘ome’ Piet en ‘tante’ Truus, de ouders van mijn vriendinnetje C. waarmee ik in de loop der jaren massa’s bitterballen heb weggewerkt. Ik ben er vast een aantal vergeten.
Dat het allemaal enorm gezellig was allemaal, dat natuurlijk niet. Op zolder bij mijn ouders liggen nog een aantal albums met foto’s van de oma’s van nu in de mini-rokken van toen.
Erg grappig.

Alle mannen hadden hun eigen taak. Meneer Zwart zat geloof ik meestal op het bokkie, ome Piet liet met zijn vaatje jenever de glaasjes van tijd tot tijd rond gaan, meneer Kooiman verkocht de kaarten en mijn vader was samen met meneer Blij 1 van de 2 stokers. (later werd dit Cees Whenis).

Ik zie nog zo voor me hoe ze om beurten de deur van de ketel dan openden, en verse kolen in het vuur schepte. Met zakdoeken veegden ze van tijd tot tijd het zweet van hun voorhoofd. De slangen werden uitgerold en in de Zaan of een sloot gehangen. De Spuit siste en schudde dan een beetje tijdens het heter worden van de ketel. Af en toe lieten ze dan wat stoom ontsnappen. Naarmate de druk in de ketel op liep,-3 bar?- schudde het ding meer en meer. ‘Ssssshhhht’ en ‘Oemph-oemph-oemph’ nog maar wat stoom laten ontsnappen. ‘Mag ik trekken pap?’ Een geluid dat ik voor de rest van mijn leven uit duizenden zal herkennen. Evenals de brandtoeter die mijn vader altijd om zijn nek droeg.

Ik was erbij toen hij deze toevallig opviste in het Noorderveld. Hij heeft hem een aantal jaar terug weggegeven. Aan café de Kroon geloof ik, waar destijds meer van dat soort brandweerdingen aan de wand hingen. Nu niet meer denk ik. De Kroon is overgenomen. Spijtig.

Als de Spuit uiteindelijk goed op stoom was kon er ‘geblust’ worden. Vaak had ik er na een minuut of wat alweer genoeg van om de slang vast te houden, dat ding was loodzwaar, maar de meeste kinderen vinden dat geweldig leuk om te doen.

Op een dag mochten de Stoomspuit haar opwachting maken tijdens het defilé op Koninginnedag in Soestdijk. Zus en ik zaten bij onze oma in Wormerveer uren lang aan het beeld gekluisterd, tot we de Spuit eindelijk door het beeld zagen langskomen. Samen met de grote zwarte Friese paarden zag het er zeer indrukwekkend uit. Ze hebben er de voorpagina van de Varagids zelfs mee gehaald. Zie foto.

C. en ik waren er vaak bij. Een keer mochten we samen op het bokkie vanaf de Zaanse Schans terug naar de kazerne. Natuurlijk ging dat stapvoets, maar toch, nu hoef je zoiets echt niet meer te proberen….
Tja, mooie tijden, en prachtige herinneringen.

20140104-112149.jpg

Advertenties

3 gedachtes over “Vrijwillige Brandweer en de Wormerveerse Stoomspuit in de jaren ’70

  1. Pingback: Narda’s gratis vakantietip 1: de Zaanse Schans | Beaunino

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s