Essie Erwt (lang verhaal!)

Es kwam pas in de vijfde klas bij ons op school.
Ik kan me de reden niet meer herinneren maar al in de allereerste pauze was het knokken tussen ons.
We werden door de meester uit elkaar gehaald toen de pauze voorbij was.

Tijdens verkeersles moesten we naast elkaar zitten. Al snel viel me op dat ze heel goed kon tekenen. De tekeningen in mijn verkeersschrift leken meestal nergens naar.
Es was niet gelovig. Dus terwijl de rest van de klas zich bezig hield met de voorbereidingen van het ‘Vormsel’, deed zij andere dingen. Op een dag tekende ze voor mij een fiets
voor me in mijn schrift, terwijl ik luisterde naar een preek van pastoor van het Hart. Een prachtige fiets, compleet met verlichting en remmen. Als dank deelde ik mijn laatste stophoestjes onder de tafel. Vanaf die dag waren we vriendinnen.

Op een zaterdag kwam ik voor het eerst bij haar thuis. Ze had een hele leuke moeder die net zo knap en blond was als zijzelf. Es woonde in een flat op de Lijsterstraat op de eerste etage. Zoals in veel huizen lag er bruine vloerbedekking, waren de wanden bedekt met beige jute behang en stond er een grote donkerbruine hoekbank in de woonkamer.

In haar slaapkamer stond een pick-up op een zelfgemaakt kastje van patio blokken. Ze draaide een LP met Motown- disco muziek. Ik meen iets van de band Chic ‘le frique’ of ‘The Commodores’, maar het zouden zomaar ook de Jacksons geweest kunnen zijn. Ik geloof dat er een 3-D poster met de afbeelding van een kitten aan de wand hing. Je had deze posters trouwens ook in andere uitvoeringen, zoals paarden, honden of, als je het helemaal niet meer wist jonge gele eendjes.

Essie en ik gingen die dag met de bus naar haar oma in Zaandam die vlak bij de kerk achter de Peperstraat woonde. Ook daar was het ook altijd erg gezellig. Haar oma was erg hartelijk, zeer betrokken en enorm bij de tijd.
Nu had haar oma natuurlijk niet zoveel kleinkinderen als mijn oma’s hadden, en Es had een half jaar lang bij haar oma gewoond, maar ik vond die band die ze met haar oma had wel heel bijzonder.

Die eerste keer gingen we samen naar de fop winkel. Je moest echt weten waar die zat anders vond je hem nooit. Met Spaanse peperkauwgom, kauwgom waarvan je mond zo knalrood kleurde dat het leek alsof je je tong had afgebeten en natuurlijk een paar doosjes stinkbommen gingen we weer naar huis.

Die stinkbommetjes zagen eruit als hele kleine glazen flesjes waarvan je de hals kon afbreken. Je kon hem ook gewoon met je schoen plat trappen, maar dan rook je nog dagenlang naar rotte eieren hadden we gemerkt.
Nadat we eindelijk genoeg moed hadden verzameld, braken we er een in de klas. Volgens mij was het nog half een ongelukje ook, veroorzaakt door veel ‘Nee, toe, doe jij nou’-s onder tafel vooraf.
Ze waren het geld meer dan waard geweest. Die woensdag gingen we om kwart voor twaalf al uit.

Je begrijpt dat Es en ik voor in de rij stonden toen de vuurwerkverkoop op de Noorderstraat vlakbij het Marktplein werd gestart.
We hadden ieder 25 gulden verdiend door kerstfolders rond te brengen voor mijn oom die mede eigenaar was van van de fa van Harlingen in Krommenie.
Volgens mij mocht de vuurwerk verkoop toen zo’n beetje twee weken voor oud en nieuw al beginnen.
Die weken brachten we door met rotjes in kiertjes van een muur stoppen, aansteken en dan maken dat we weg kwamen met de handen op onze oren. Het leukste effect gaf het in de lange donkere gangen bij de schuren. Tegen oud en nieuw kenden we zo’n beetje alle hoekjes en kiertjes van de meeste flats in Wormerveer wel. En tegen die tijd kenden de meeste bewoners ons inmiddels ook.

Na oud en nieuw moesten we natuurlijk iets nieuws verzinnen. Op een middag kwamen we erachter hoe we de kleine bezemkast die achter in de lift zat open konden krijgen. ‘Kom op, we gaan er in’. Het duurde een minuut of wat maar toen stapte er een vrouw in. Heel zachtjes begonnen we enge geluidjes te maken. Na een week hadden we een aardig repertoire opgebouwd van spookgeluiden variërend van kloppen tot gillen.
We vonden het zo hilarisch dat we bijna in ons broek piesten van het lachen. Uiteindelijk werden we natuurlijk weer gesnapt door een chagrijnige buurman.

Ik was graag bij Es thuis. Vaak dronken we warme Nesquik of thee- in echte Pickwick glazen-, en we hebben in die jaren talloze roze koeken en kilo’s groene erwten verslonden. Die laatste kochten we bij de DA op de Kerkstraat. Voor een gulden kreeg je een ons in een papieren puntzak.

Op een dag hadden Es en ik een condoom in verpakking. Hoe we daar aan gekomen waren weet ik niet meer. Dat het ding natuurlijk nader onderzocht moest worden weet ik nog wel.
We besloten het condoom in de badkamer vol te laten lopen met water. Dat lukte aardig. Zo aardig dat het ding op gegeven moment vier keer het volume had van de wasbak waar hij in hing, voor hij uiteindelijk knapte…

Toen het een keer flink had gesneeuwd mocht ik mee naar Bergen. We vertrokken vroeg zodat we die dag als een van de eerste als kamikazes met onze slee van de duinen af konden razen. Es voorop natuurlijk. Altijd voorop. En Puppy, hun Cocker Spaniël achter ons aan. Met rode gezichten en bevroren tenen zaten we een paar uur later achter een beker warme chocolademelk in een restaurant langs de bosweg in Bergen.

Hoewel we inmiddels in de eerste klas van de Mavo zaten, waren we nog best in voor wat kattenkwaad op zijn tijd. Meestal zat ik boven op onze ouderwetse lederen schooltassen met mijn benen in haar groene fietstassen terwijl we door Wormerveer Noord reden, op zoek naar wat vertier.

In de winter periode ’79-’80 begonnen we ons ook te interesseren voor jongens.
Ik was nog een half jaartje twaalf, Es was in december 13 geworden en inmiddels nogal gecharmeerd van Erwin, een jongen uit 1A. Het was een knappe blonde jongen om te zien. Hij had mooie bruine ogen. Es was zelf ook een heel knap meisje. Ze had lange lichtblonde haren die ze vaak in een zij-staart bond, lichtblauwe ogen en volle roze lippen. Wij zaten in 1C.
Haar dertiende verjaardag vierden we met Erwin, nog twee jongens uit klas 1A en nog wat meiden op haar slaapkamer. We speelden 1,2,3,4,5,6 7.
O zo kinderachtig, maar wel enorm effectief;-)

Op een zaterdag ging ik na de soep en de ‘Dik Voormekaar- show’ achter op de sloot schaatsen met zus. Die ochtend hadden wij met mijn vader ons eerste paar Noren gekocht bij de fa. van Harlingen in Krommenie, waar ze behalve electronica dus ook schaatsen verkochten. Terwijl ik nog bezig was om mijn schaatsen aan te trekken kwam Erwin er aan. Hij was samen met een jongen aan het schaatsen die ik nog niet kende. Samen keken ze toe hoe ik mijn eerste ongemakkelijke slagen op mijn hoge Noren maakte en vervolgens languit op het ijs lag.
‘Je moet meer zijwaarts schaatsen’ zei die vriend van Erwin nadat ze uitgelachen waren.

Al snel wist ik dat die jongen met die blauwe muts-met-kwast voor zijn bruine ogen M. heette. Hij was een beetje mager, had best een grote neus en volgens zus leek hij sprekend op een konijntje.

De weken erna bleef het vriezen.
Es en ik waren uren op het ijs te vinden met deze jongens. Behalve achter op de sloot schaatsten we door de velden tussen Wormerveer en West- knollendam. Ergens daar, waar nu ongeveer de Gamma staat, stond een klein stalletje. Je moest bukken als je er in wilde, het had een klein voor portaaltje van 1 bij 1. Binnen was het ietsje hoger. Er lag een flinke laag vers hooi waar we met ons viertjes vaak in lagen. Op het laatst namen we zelfs sinas en chips mee. Ons geluk duurde niet heel erg lang. Op een goede dag werden we gesnapt door boer Zwart die ons met zijn bugs
beschoot terwijl wij schaatsten voor ons leven.

Daarna warmden we ons voortaan maar op in het kleine slaapkamertje van Erwin die op de grond een elektrisch kacheltje had staan. Om de 10 minuten lagen we dan twee om twee op de grond of op het bed. Ook zaten we vaak in de gang onder een flat in de Vondelstraat waar een oud bankstel stond te wachten op Grof vuil.

Een enkele keer kwamen we bij M. thuis. Zijn moeder vond dat met name heel erg gezellig. M. zat op het BRC (havo) in de tweede. ‘Eerst je huiswerk maken’. Terwijl M. dan zijn proefwerk Duits leerde, bekeek ik verveeld zijn stenen verzameling in de vensterbank. Ik vond M. er leuker uitzien in zijn trainingspak. Nu droeg hij mosgroene en bruine ribbroeken met geruite hemden die hij bijna tot boven aan toe dicht knoopte.
Boven op de plank van zijn opklapbed stond een globe.
‘Ben je al bijna klaar?’

De liefde hield nog even stand toen het ijs gesmolten was. Het was de kapper die onze liefde uiteindelijk definitief om zeep hielp door mijn lange goudkleurige lokken om te toveren in een kort ‘vlot’ jongenskoppie. Ik fietste de volgende ochtend samen met M. over de Kerkstraat. ‘Wat heb je nou gedaan? Wat zonde!’ Ik kon wel janken.
Dezelfde middag had hij het uitgemaakt. Vlak daarna liep ook de relatie van Erwin en Essie natuurlijk ten einde. Wat kon je immers nou doen met z’n tweeën? Thuis draaide ik ‘Still’ die ik voor de gelegenheid van zus mocht lenen, grijs.

Tijdens de lessen maar ook daarbuiten schreven we veel briefjes naar elkaar. De meeste gingen over jongens. ‘Zal ik nu met..?.. Of met ..?..’ Dat was zij dan hè! Ik had meer een adviserende rol. Waar ik ook erg van genoot.

Ik was dol op haar. Als ze weer eens buikgriep had, speelden we uren ‘Levensweg’, onderbroken door talloze overgeef-sessies waarbij ik geduldig de bak voor haar op hield.
De liefde was wat dat betreft niet wederzijds. Toen ik op een nacht ons tentje had onder gekotst kroop ze doodleuk bij mijn ouders in bed.

Het werd lente en Es en ik zinden op manieren om wat geld te verdienen. Van auto’s wassen kregen we al snel genoeg, en de klandizie was ook niet om over naar huis te schrijven zodat we op een woensdag middag besloten de marktkramen eens af te struinen voor werk. ‘Komen jullie om vier uur maar eens terug bij Janneman meissies, dan zullen we wel eens kijken of jullie ome Piet kunnen helpen.’
Die middag gaven we voor de eerste keer de bakken mutsen, onderbroeken en bh’s aan ome Piet, die hij vervolgens op de juiste volgorde in de oranje VW bus zette, klaar voor transport. De zwarte bakken met huidkleurige korsetten die onderin moesten wogen als lood. Eerst de zwarte, dan de rode, en pas op het laatst de lichte blauwe bakjes. We waren er anderhalf uur zoet mee. ‘Goed gedaan meissies, kom volgende week maar weer terug’. We hebben er samen gewerkt tot Es naar Andijk verhuisde.

Die eerste middag kochten we van onze verdiende vijf gulden ieder een patatje en een milkshake om het te vieren. Voor het overgebleven geld kochten we natuurlijk groene erwten om de hoek.

Op een woensdag nadat we klaar waren met ons werk op de markt praatten we het erover dat we wel eens op een brommer wilden rijden. We zaten achter een patatje oorlog aan de hoge tafel in Java. Buiten stormde het zowat. De jongen van de kaaskraam hoorde ons praten en vroeg of we misschien een stukje op zijn brommer wilden rijden. Dat lieten we ons natuurlijk geen twee keer zeggen. ‘Pak hem maar hoor’.

Het starten lukte niet echt.
We hadden het pedaal dat hij had vastgezet al per ongeluk los getrapt. ‘Geeft niets. Maar je moet rennen en als hij aanslaat op het zadel springen ‘.
Es had die dag haar lange teddy-beren-bonte jas aan die haar moeder zelf had gemaakt. Ik zie haar nog zo rennen met die jas open naast dat oude ding. Ik pieste zowat weer in mijn broek van het lachen. Uiteindelijk lukte het haar. ‘Kom op Nar, springen!’
En terwijl we kriskras tussen de lege kramen scheurden die stuk voor stuk omver werden geblazen door de wind, voelde ik me intens gelukkig op die oranje brommer.
Zoals altijd, bij Essie achterop….

Advertenties

12 gedachtes over “Essie Erwt (lang verhaal!)

  1. Weer met plezier gelezen, Narda.
    Wat ik mij afvraag: sla je jelevensverhalen ook nog ergens anders op? In Word ofzo? Als je er ‘later’ een heleboel hebt is het leuk om ze te bundelen. Is het niet voor jezelf dan wel voor je zoon. Tegenwoordig zijn er een hoop manieren om via internet je eigen boek uit te geven.
    🙂

    Like

    • Hoi Nanda, Dank je wel. Ja, ik sla de meeste nu op hoor. Nog niet alles gedaan, maar af en toe doe ik er een paar. Hoor van steeds meer mensen dat ik zo’n goed geheugen heb;-)
      Ook Es heeft dit met veel plezier ( en een traantje) gelezen.

      Like

  2. Ola Senora Narda

    Sinterklaas en pieten zijn blij te zien dat het u gelukt is het schoentje op uw log te plaatsen.

    Het is prima zo hoor….. een linkje mag er natuurlijk altijd bij maar dat willen wij niet verplichten 😉
    Al kan het wel handig zijn want een bezoeker hier hoeft dan niet eerst aan u te vragen, en op antwoord wachten, als hij/zij graag wil weten waarvoor het schoentje dient…

    Pepernootse groetsels

    Like

  3. Helemaal gelezen, knap he? Zo leuk dat al die bekende huizen, straten, plekjes er in voorkomen.
    Juist in die tijd maakte ik de beroerdste tijd van mijn leven mee. Pas een jaar of 5 later begon mijn echte leven, met de geboorte van mijn dochter.
    Prachtig verhaal, Narda… boek van maken. Eigen beheer. Gewoon voor de kinderen. Ben ik het helemaal mee eens.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s