‘Voor wie ik lief heb’

Ik heb definitief besloten dat ik een echt boek ga maken.
Een écht boek.
Met een kaft.
Een boek dat je kunt sluiten.
Weggooien.
Tegen je hart kan drukken.
Aan kunt ruiken en voelen.
Dichtklappen.
Opbergen.
Een boek!

En dat word natuurlijk nog best een gedoe. Maar volgens het www moet het allemaal wel te doen zijn.

Dus ik ben een beetje op onderzoek gegaan en heb een werkplan gemaakt.

Allereerst ga ik al mijn blogs die ik voor het boek wil gebruiken kopiëren naar mijn Scrivener App en stuk voor stuk weer herschrijven. daar ben ik nog wel even mee zoet, ik doe er twee per dag .

Als ik dat zo goed mogelijk heb gedaan stuur ik het -met synopsis en dergelijke- op om het te laten corrigeren en redigeren.
Bij ‘Schrijven online’ kun je hiervoor onder andere terecht, maar tips zijn van harte welkom.

Pas daarna wil ik het gaan uitgeven in eigen beheer. Ik denk bij Brave New Books.
Wordt wel een duur grapje al met al, maar dat moet dan maar.

Ik maak me geen illusies maar mocht ik er ooit wel iets aan gaan verdienen dan zal de helft hiervan naar Neef gaan.

Wie weet zal zijn verleden dan ooit nog iets bij kunnen dragen aan een mooiere toekomst voor hem.

Het gaat een boek worden -voor Neef- over de periode 2013-2017 met tussendoor mijn herinneringen aan onze jeugd, zodat deze niet verloren hoeven te gaan als ik ooit dood neer val.

De titel weet ik denk ik ook al.
‘Voor wie ik lief heb’, een regel uit het bekende gedicht van Neeltje Maria Min.(Zie onder) 

De kaft zal uiteraard van Zus haar hand komen, precies zoals we dat vroeger al eens hadden besproken.

De reden waarom ik dit blog schrijf is ook omdat ik hoop dat jullie nog tips voor me hebben waar ik nog helemaal niet aan heb gedacht. Dus schroom niet hoor!

mijn moeder is mijn naam vergeten,

mijn kind weet nog niet hoe ik heet.

hoe moet ik mij geborgen weten?

noem mij, bevestig mijn bestaan,

laat mijn naam zijn als een keten.

noem mij, noem mij, spreek mij aan,

o, noem mij bij mijn diepste naam.

voor wie ik liefheb, wil ik heten.

Neeltje Maria Min

Vijftig jaar in vogelvlucht, happy B-day Rem❤️

Mijn Rem is jarig.
Vandaag is hij vijftig geworden.
Mijn vader had vandaag ook jarig geweest. Ik weet nog goed toen hij vijftig werd. Zie hem nog zo zitten in zijn tuinstoel in het hoekje terwijl hij ons cadeautje uitpakte. We hadden een verrekijker gekocht.

En je hoeft maar even met je ogen te knipperen of je eigen man wordt vijftig. Rem heeft nooit de mazzel gehad dat zijn eigen vader vijftig werd, zijn vader overleed toen hij negen was. -Kanker ja.-

Zoiets vormt een kind voor de rest van zijn of haar leven.
‘Kom eens….’ had zijn vader eens gezegd toen het bed inmiddels al beneden in de huiskamer stond. ‘Ik weet dat je mijn zoon bent, maar ik weet niet meer hoe je heet’.

Rem genoot in zijn pubertijd veel vrijheid. Lies, zijn moeder vond een baan en werkte vaak. Af en toe dus koken en boodschappen doen was voor hem heel normaal. Toen Lies een paar jaar later verkering kreeg met (mijn schone stiefvader) Geert, was Lies vaak in Frankrijk waar Geert destijds woonde.
Rems oudste zus studeerde al, en zijn vier jaar oudere zus die toen een jaar of achttien was lette een beetje op hem. Zij had toen net verkering met R.
mijn schoonbroer.

Rem groeide op in een volksbuurt onder de rook van Amsterdam. Soms mocht hij mee met zijn buurman op de vrachtwagen, iets wat hij geweldig vond. Hij was graag met zijn handen bezig, sleutelde graag aan zijn brommer en dat soort dingen. Hij kon best goed leren maar wilde gewoon het liefst naar de LTS.
De meeste dingen vogelde hij zelf wel uit, en als hij iets niet wist schroomde hij niet om op iemand af te stappen die het hem even uit kon leggen, zijn mondje had hij altijd wel klaar.

Dat was waarschijnlijk ook de reden dat hij op zijn vijftiende al achter de tap stond in het buurthuis. Je moest zestien zijn om er binnen te komen, maar Rem verzorgde er bijvoorbeeld de filmavonden en rolde er joints voor anderen. Zelf begon hij daar niet aan, hij zag wat het deed.

Hij kreeg al op jonge leeftijd verkering met C. met wie hij in totaal zestien jaar is geweest.
Op zijn zeventiende kocht hij de auto van de buurman. Zijn moeder kon er dan mooi intussen in rijden terwijl hij nog aan het lessen was. Ook tikte hij een zeilbootje met kajuit op de kop. Die heeft hij zelf met C. in twee dagen tijd naar de jachthaven vlak bij zijn huis gevaren. Na de LTS deed Rem een opleiding voor botenbouwer.

Op vrij jonge leeftijd nog kochten Rem en C. een huisje aan het water. Nadat hij zelf de benedenverdieping had gerenoveerd plaatste Rem een dakkapel boven over de hele breedte van het huis. Na een paar jaar verkochten ze dit huis met zoveel winst dat ze er een casco penthouse voor konden kopen aan de Zaan. Inmiddels had hij zijn hart gevolgd en was, nadat hij eerst nog een paar jaar Planner buitenland was geweest, vrachtwagenchauffeur geworden. Al zijn buren vonden het maar niets dat een eenvoudige vrachtwagenchauffeur in een van de twee mooiste woningen van het gebouw woonde. Zijn vrachtwagen parkeerde hij gewoon beneden.
Toen de relatie tussen Rem en C
stuk liep verkochten ze het met 100% winst.

Tja, en nu zijn wij ook alweer ruim vijfien jaar samen, in voor- maar ook in tegenspoed. Ik hoef hier niet meer uit te leggen denk ik, wat hij voor mij betekent, naast mijn liefste is hij mijn allerbeste vriend. 

 Nee, kinderen heeft Rem nooit gewild, ook niet van een ander, maar soms wordt je zo verliefd en gaan de dingen gewoon zoals ze gaan. Hij is een geweldige vader voor Kyl. -Oké, iets te lang van stof soms-

Ach, we weten bijna niet beter meer hier.

Vandaag is hij dan vijftig geworden, mijn mooie lieve man.
Daarom wilde ik hem hier vandaag even in het zonnetje zetten,
mijn allertrouwste Lurker;-)

❤️u!

Mooier kan ik het zelf niet verwoorden…

Moet je hard zijn om te overleven?
Tot de tanden toe
bewapend voor je eigen veiligheid.
Moet je sluw zijn om te overleven?
Voor als het zover is, op het ergste voorbereid.
Niemand meer vertrouwen
Altijd afstand houen
En overal op je hoede
Met dat ernstige vermoeden
Dat iedere belofte wordt gebroken met de tijd

Moet je hard zijn om te overleven?
Knokken voor jezelf en alleen voor jouw belang
Zorgen dat je je nooit bloot zal geven
Je lach onder controle je huilen in bedwang
Naar voren ellebogen
Kleppen voor je ogen
Nergens zwakke plekken
Honden, hoge hekken
En geloof en hoop en liefde achter het behang

We weten dat het allemaal kan kantelen
Naar die blijde boodschap van vrede en veiligheid
Naar het wonder van ontwapenen en ontmantelen
In die betere wereld van ‘eenmaal komt de tijd’
Dat de liefde het zal winnen
Als we morgen maar beginnen
En dat wij op vertrouwen
Ook een toekomst kunnen bouwen
We weten het nog wel, maar het geloof dat zijn we kwijt

Want je moet hard zijn om te overleven
Onverschillig voor de wanhoop, onkwetsbaar voor verdriet
Met geen ander doel om naar te streven
Dan ieder voor zichzelf, verschanst op zijn gebied
Met niemand iets te maken
Koel berekenend schaken
Op kansen blijven loeren
Om de anderen te vloeren
Ja, dan zal je overleven
Maar leven is dat niet

Tekst: Paul van Vliet

Openhartig

Ik ben een echte zeikstraal de laatste tijd maar dat wisten jullie natuurlijk al;D
En natuurlijk ben ik mij er heus van bewust dat mijn openheid over mijn gedachten mij (virtuele) vriendschappen kan gaan kosten.
Dat is ook weer zo’n dingetje waar ik enorm zoet mee kan zijn in mijn hoofd.

Het zou in sociaal opzicht natuurlijk veel handiger en verstandiger zijn als ik gewoon lekker gezellig en luchtig blijf. Beetje kletsen over ditjes en datjes, beetje roddelen, beetje lachen. Ik benijd de mensen die dat goed kunnen en daar gelukkig mee zijn, zonder dat ze verder ook maar enige drang voelen hun innerlijk leven te delen op een blog met de rest van de goe-gemeenschap.
Maar helaas pindakaas: Zo zit ik zelf niet zo in elkaar.

Ja, ik stel mij kwetsbaar op door openhartig te zijn.
Ja, ik loop het risico dat mensen mijn woorden niet zo zullen lezen zoals ik ze heb geschreven omdat de context hen niet duidelijk is bijvoorbeeld, omdat de -o zo belangrijke- non-verbale communicatie volledig ontbreekt, of omdat de ontvanger niet zo goed tussen mijn regels door kan lezen.
Ja, ik loop het risico dat mensen mijn gedachten / woorden / handelingen veroordelen.
Of dat ze mij op eerder geschreven woorden vastpinnen terwijl mijn mening intussen allang is veranderd.

De POH vroeg het mij vorige week ook al.
‘Wat doet het je dan voor je, dat bloggen? Vertel er eens wat over’. Ik zat gelijk op het puntje van mijn praatstoel natuurlijk en kletste hem vervolgens wel tien minuten de oren van zijn kop over de waarde van het bloggen en de virtuele vriendschappen met o.a. Riet, Kakel en één of andere simpele ziel in Brugge. ‘Maar ik heb ook veel lurkers, en dat vind ik ook oké’. Dat woord kende hij nog niet, en ik vertelde hem over de reacties die ik (ook per mail) kreeg op mijn -door Klief bedachte- Nationale Ontlurkdag-blogje
‘Wat is er nou zo gevaarlijk aan om mijn gevoelens te delen P?
Waarom zijn sommige mensen daar nou zo panisch over? Ik begrijp dat echt niet. We kunnen toch alleen maar van elkaar leren? Mensen mógen mij toch veroordelen? Dan kunnen ze mij toch maar liever veroordelen om wie ik bèn, dan om wie ik níet ben? Ik snap het gewoon niet goed’.

Later dacht ik er weer over na. Misschien mis ik gewoon wel een bepaald schakeltje in mijn hoofd waardoor ik gewoon het gevaar niet zie van openhartig zijn op mijn blog, behalve dan de eerder genoemde kwetsbaarheid en het risico te worden afgewezen.
Dat neem ik dan maar op de koop toe.

En natuurlijk zullen er ook mensen zijn die mijn openhartigheid over vroeger veroordelen. Soms zijn de scheidslijnen tussen wat je wel kunt vertellen en beter niet maar zo flinterdun.

‘Loslaten Narda’

Ja, dat is best moeilijk. Ik schreef gister nog het vervolgende op een reactie op mijn ongezellige blogje van een paar dagen terug:

(…)
Het gaat hier alleen niet zozeer om het verwerken van hun overlijden, maar om te begrijpen wat er nou precies is gebeurd, waardoor mijn zus aan de drugs raakte en zo.
Mijn moeder was net 72, mijn zus net vijftig. Dat is veel te jong.
Het begrijpen waarom is voor mij van cruciale waarde. Ook wil ik voor mijn neef mijn visie duidelijk krijgen. Hoe zou jij je moeder willen zien? Als een egoïstische junk (zoals hij haar ziet, en neem het hem eens kwalijk) of als de ‘redder‘ die (tot haar achtentwintigste) zichzelf verloochende om haar ouders en zusje overeind te houden?
Met snelheid / haast om mijn verdriet om hun verlies te verwerken heeft dat minder te maken.
Ze deden hun best, echt. Ik hield van ze, heus, met heel mijn hart.
Maar laat ik alsjeblieft wel een lering proberen te trekken uit de fouten in onze geschiedenis met het oog op de toekomst.
(…)

 

Grip

Op het moment dat ik schrijf is Kyl de auto aan het poetsen. Een unicum dat ik natuurlijk zeker hier niet onvermeld wil laten!
Ik geloof dat hij nog het meest blij is met onze ‘nieuwe’ auto. De afgelopen weken is hij er heel wat keren met vrienden en vriendinnen op uit getrokken. ‘Even drankje doen bij club Zand’, even naar dit, even naar dat. ‘Nog boodschappen nodig mam?’
Hup, dakje en raampjes open, muziekje aan, zonnebril op en daar gaat ‘ie weer hoor, helemaal in zijn hum.

Zelf voel ik me vandaag iets rustiger in mijn hoofd.
Gister heb ik een gesprek gehad met de bedrijfsarts, en daarna met mijn opper leidinggevende, en ik voel me daardoor wat minder stom en wat meer begrepen. De komende weken weer voorzichtig mijn uren opbouwen.

Verder heb ik me ingeschreven voor een schriftelijke  cursus (secretaresse)  van zo’n 20 maanden (waar ik maar liefst zes jaar over mag doen!) De afgelopen periode heb ik dan wel gesprekken met de loopbaanfunctionaris gehad, maar met enkel een Mavo-diploma zet dat verder natuurlijk ook bar weinig zoden aan de dijk. Ik ben eigenlijk best benieuwd hoe ik het ervan af ga brengen, zeker van de meer administratieve vakken. Rekenen is namelijk niet echt mijn sterkste kant. School is zo lang geleden voor mij, bovendien deed ik daar ook niet zo veel. -Nou ja, misschien wel veel, maar leren hoorde daar niet echt bij-. Ach, ik maak me heus geen illusies meer op mijn leeftijd maar ook al krijg ik daar waarschijnlijk geen andere baan door dan nòg is het nuttig. Er zit bijvoorbeeld onder ander ook Nederlands en Engels bij. Komt altijd van pas.
Heb bij voorbaat wel al een beetje faalangst, maar wat heb ik te verliezen? Een baan heb ik al!

Verder heb ik een plan gemaakt om de brieven / dagboeken van mam, zus en mij bij elkaar in mam haar buffetkast te doen. Misschien leg ik ze zelfs op chronologische volgorde.
Ook met de doos met losse foto’s van mijn ouders moet ik nog verder. Daarna ga ik pas een selectie voor Neef maken. Misschien moet ik ook nog een keer door hun spullen heen. In de kasten en onze tafel (kist) beneden liggen nog allemaal erfenisjes waar ik moeilijk afstand van kon doen.

Klinkt alsof ik weer veel te veel hooi op mijn vork wil nemen, maar dat valt in de praktijk wel mee hoor. Vooralsnog zit ik hier nog gewoon te nietsen in de tuin, maar een plan voelt gewoon heel erg goed. Alsof ik daardoor weer een klein beetje grip heb gekregen op alles.

Rem zit nu nog lekker autoracen te kijken. Hij heeft gewerkt. Aanstaande dinsdag wordt hij vijftig. We gaan die dag niets bijzonders doen. -Misschien even uit eten als hij een beetje op tijd is.- Zal ook wel een emotioneel beladen dagje worden voor me hoor. Naast dat Rem dus vijftig wordt is het namelijk de geboortedag van mijn vader en is het precies een jaar geleden dat ik vanaf half een ‘s middags tot de volgende morgen vroeg naast het sterfbed van mijn moeder zat.
Alweer een jaar.
Het voelt als gisteren.

Volgende week zaterdag vieren we Rems verjaardag klein met de familie. (Zijn familie dus). Kyl regelt de catering (tapas/ bbq hopelijk…dat komt wel goed), dus behalve hem assisteren heb ik er weinig omkijken naar, dat scheelt weer een hoop gestress voor me. Als ik 31 mei ook vijftig ben geworden geven we het weekend daarna een ‘samen 100’ feestje hebben we besloten.

Dinsdag (30 augustus dus)  is trouwens ook nog eens mijn vijftigste verwekdag.   Eerlijk waar hoor! Mijn ouders zeiden vroeger altijd (met een slokje op) tegen mij op mijn vader zijn verjaardag: ‘jij bent ook een beetje jarig vandaag’.
Toevallig had ik dat een paar weken terug eens zitten narekenen. Kyl is geboren met 39 weken en 1 dag, en neef ook weet ik. En wat denk je? Als je van 30 augustus doortelt naar 31 mei kom je ook precies op 39+1.
Geinig hè?!

Ach, iedere gek…;-D

Ben nog steeds niet wat gezelliger

Half Nederland puft en zucht. Mensen, wat een zomerhitte.

Misschien zou je denken dat ik lekker naar het strand zou gaan, maar dat is me veel te druk.
Bovendien durf ik op het moment niet goed te rijden, ik ben bang dat ik dan ga hyperventileren.

Vorige week had ik wel met Karin mee gekund op de scooter maar dan voel ik me de hele tijd verplicht gezellig te doen, wat me niet zo goed lukt. En nee, natuurlijk verwacht ze dat heus niet van me, maar toch, de energie heb ik nu (nog) niet om lang onder andere mensen te zijn.

Het lijkt wel of al mijn energie naar denken gaat, tot op het obsessieve af (volgens Rem dan, en misschien heeft hij daarin ook wel gelijk). Hij laat me verder maar een beetje, weet dat het tijdelijk is, en zeurt gelukkig verder niet over huishoudelijke onbenulligheden als ramen lappen en dergelijke.

Maar goed.
Het geeft me allemaal wel te denken.

Ik bedoel: Stél dat mijn vader inderdaad autisme had?
Waar er één is zijn er meer zeggen ze toch?
En inderdaad:
de zoon van zijn broer (mijn neef) heeft ook ASS (begeleid wonen), en Neef, de zoon van zus heeft PDD NOS.

Ik weet het niet.
Van mezelf bedoel ik.
Ik ben echt wel gek op to do lijstjes en vind bla-bla gesprekken over niets best wel lastig, de associaties die ik tijdens het gesprek heb of krijg zijn soms een beetje vreemd voor anderen denk ik.
Daarentegen kan ik me volgens mij wel prima inleven in de gevoelens en beleving van anderen. Ook kan ik echt wel empathie tonen en voelen.

Mijn vader had dat echt niet. Ik weet nog goed dat ik drie jaar geleden zo ziek was (spieren, gewrichten) en dat ze gewoon niet even langskwamen
om me een hart onder de riem te steken.
Pas na een week of zes kwamen ze op zondagmorgen (uur of half twaalf) een leerboek van school brengen dat Kyl op de camping had laten liggen.
Nee. Ze konden echt geen kopje koffie drinken want het gras moest worden gemaaid. In het licht van autisme kan ik nu al die talloze vergelijkbare botte / ongevoelige / ongeïnteresseerde reacties wel plaatsen, maar vroeger kon ik er echt heel kwaad worden.
‘Dit ÌS niet normaal!’

Ik denk gewoon dat je als je maar lang genoeg met iemand samenleeft die autistisch is, je vanzelf bepaalde trekken overneemt.
Je wordt er mee opgevoed, nietwaar? Verder leer je daardoor stemmingen denk ik heel goed invoelen en erop in te spelen, iets wat mij in mijn pubertijd nog niet zo heel erg goed lukte;)
Gut, de zenuwtoestanden als mijn vader bijna thuis kwam. Zaten we alledrie verdiept in ons boek tot mijn moeder op de klok keek en riep, ‘Vlug meiden, je vader komt zo thuis. F. doe jij de badkamer, Narda doe jij de afwas dan pak ik de stofzuiger’.
En altijd moest de radio zacht.
-Een trekje dat ik zelf nu ook heb.-

Ik heb ontzettend veel bewondering voor mijn moeder, maar tegelijkertijd vond ik haar ‘laf’ door nooit genoeg voor zichzelf op te komen.
‘O kind, maar dat doe ik heus wel hoor’, zei ze dan.

En inderdaad kreeg ze met veel geduld mijn vader soms ook wel om. Het was haar toch maar mooi gelukt om hem die eerste keer mee te krijgen naar Spanje. (Vervolgens zouden ze daarna maar liefst nog 50 keer naar Spanje gaan;-)

Ik denk dat hij naarmate hij ouder werd meer problemen kreeg. Pas toen ik hem in het laatste halfjaar van zijn leven vaker zag heb ik hem gewoon benaderd alsòf hij autistisch was, ook al was er geen diagnose.

Ik accepteerde maar -als Rem erbij was- dat hij alleen met Rem praatte en mij gewoon volkomen negeerde in het gesprek. Als Rem dan zei:’ Klaas je dochter zegt wat’, zei hij:’ Ik kan niet horen wat ze zegt hoor’.
Of als ik de telefoon opnam. Nu moet ik daar wel om lachen, maar het is best wel bot om zonder verder enige plichtplegingen te roepen:
‘Nadda ik moet Remco hebben’.
Hij dacht er echt niet over na dat zulke dingen mij zou kunnen kwetsen.
Interesse in mijn school? Werk?
Hij had nagenoeg geen flauw idee wat ik dacht of wat ik deed, de gesprekken daarover waren zeer oppervlakkig. Toch heb ik ook wel van hem geleerd hoor. Deze wijze les bijvoorbeeld:
‘Je moet niet luisteren naar wat mensen zéggen, je moet kijken naar wat ze dóén’. Ik denk dat dat een van zijn manieren was om de wereld te begrijpen.
Ook een mooie waar ik hem dankbaar voor ben:
‘Zoals jij denkt dat het moet, zó is het goed’.

Nou ja, daar denk ik dus allemaal aan. Dat soort gedachten. Dat soort twijfels. Spijt, verdriet, toch ook heimwee, melancholie.

Hebben jullie trouwens zomergasten nog gezien zondag met Griet op de Beeck? Deed me goed om te zien dat er meer mensen zich kwetsbaar op durven te stellen, kennelijk ben ik dus niet de enige idioot;-D
Dapper van haar hoor. Ik heb (bewust) nog geen een boek van haar gelezen, maar toen ik eergisteren in de bieb was waren ze allemaal uitgeleend. Weet ook eigenlijk niet of haar boeken een goed idee zijn voor mij op dit moment.

Anyways, ik heb jullie weer genoeg verveeld met al mijn kronkels. Ik wou maar dat er weer wat ruimte in mijn hoofd was voor een beetje fantasie, het is gewoon (nog steeds) even niet anders.

Ik moet nu echt wat gaan doen.
Een beetje actie in de tent hier gooien. Voel me een stukje rustiger nu ik alles weer even opgeschreven heb. Maar het is nog maar zo’n klein beetje.
Een to do lijstje in mijn hoofd maken is niet zo moeilijk:
Fietsen, winde plukken, wasje draaien. Alleen aan de uitvoering schort nog even het een en ander;-D

De kip! (Narda legt nog ‘n eitje)

Blijven er toch nog twee vragen over die ik nog onbeantwoord heb gelaten, maar wat veel mensen zich misschien nog steeds afvragen.
1) Had mijn moeder nou een eetstoornis of niet?

Jessica, de halfzus van Kyl kreeg omstreden haar dertiende anorexia nervosa. In die periode heeft ze een paar maanden bij haar vader gewoond. Op de dagen dat haar vader werkte was ik het die haar ‘AN streken’ moest zien te handelen en haar ‘s morgens moest wegen. Ze was ongeveer 1.70 en woog iets van 40 kilo; nèt aan genoeg om uit het ziekenhuis te blijven. Ik weet dus van heel dichtbij wat AN is.

Mijn moeder had volgens mij geen AN.
Ze was totaal niet bezig met calorieën tellen, of voedingstoffen uitsluiten.

En nee, boulimia had ze denk ik ook niet.
Geen vreetbuien, geen spuugsessies, niets van dat al.
Ze gaf gewoon niet zoveel om eten, hoewel ze een palinkje op zijn tijd niet te versmaden vond.

Dus nee, geen eetstoornis als AN of boulimia vermoed ik, hoewel ze volgens twee tantes van mij heel vroeger wel een eetstoornis heeft gehad.

Ik denk gewoon dat eten -net als haar sherry’tje en sigaretje- voor haar gewoon iets was dat ‘helemaal van haar was’.
Niemand nam die controle van haar af. Dàt besliste ze zelf wel. In die zin was er dus misschien wel sprake van een eetstoornis. Daarnaast kreeg ze net als ik bij veel stress ook bijna geen hap meer door haar keel.

Zelf heb ik namelijk ook een periode gehad dat ik heel mager was. Toen ik in ’99 in Australië was woog ik nog maar 48 kilo. Jess -mollig destijds- zei altijd: ‘Owww, I wished I could be like you’, en ik kreeg maar niet uit dat koppie gepraat dat ik helemaal niet zo mager wilde zijn.
Bij mij was het gewoon pure stress, en ik vermoed dat dat ook een oorzaak is geweest van het ondergewicht van mijn moeder.

Later was de kanker er natuurlijk verantwoordelijk voor dat ze geen eetlust meer had. Zelf vond ze het echt niet leuk dat ze zo mager was geworden, ze deed echt wel haar best om wat te eten, en later om haar Nutridrink leeg te drinken.

Ach, nogmaals, dingen gaan soms helaas zo als ze gaan.
Voor mij vallen de puzzelstukjes nu wel op zijn plek.

2) De vraag of ze nu door een tia rond haar achtentwintigste dusdanig van karakter is veranderd dat ze drugs is gaan gebruiken kan ik nu ook wel beantwoorden:

Dat ze later zo ten nadele (mijn mening) is veranderd, kwam éérst door haar drugsgebruik en pas daarna mede door het zware herseninfarct op haar tweeënveertigste.
Ik denk dat ik door me steeds maar vast te klampen aan de gedachte dat mijn zus toen een tia heeft gehad, mij verder niet hoefde te verdiepen in andere oorzaken waarin ik zelf natuurlijk ook een grote rol heb gespeeld.

Als ik vroeger niet zo recalcitrant was geweest, mijn vader niet zo autoritair en onredelijk, en mijn moeder niet zo labiel en volgzaam had mijn zus niet zo haar best hoeven doen om voor iedereen in huis ‘te zorgen’. Ze was vroeger de wijste, stabielste, en -samen met mijn moeder- de liefste en zachtaardigste van ons vier.

Ik hoop dat ik haar nu een klein beetje recht heb kunnen doen door al mijn blogs over haar.

Nee, ik loop niet rond met een heel groot schuldgevoel nu.
Dingen gaan gewoon zoals ze gaan. Er was totaal geen kwade opzet in het spel, maar waarschijnlijk wel een stoornis uit het autisme spectrum bij mijn vader.
Daar raak ik naar mate ik er meer over lees steeds meer van overtuigd.

Vechten of vluchten?

Kom ik toch weer bij de coping strategieën en congruentie uit na het schrijven van mijn vorige blog:

Hoewel ik veel van mijn vader hield en hij in wezen het hart echt op de juiste plek had, was het vaak een moeilijke man in de omgang. Hij vertoonde -achteraf bezien -veel aan autisme verwante trekjes, misschien heeft Neef zijn PDD NOS ook wel niet van een vreemd.

Bij ons thuis was het de onbeschreven regel dat mijn vader gewoon altijd gelijk had, ook al beweerde hij dat pimpelpaars groen was, iets waar ik dan altijd weer tegenin ging.
‘Laat nou maar Nar’, zeiden mijn moeder en zus dan.

Om maar zo veel mogelijk weg te zijn van huis ging ik vijf keer per week naar de atletiektraining. (Ik had een superconditie;-)
Later was ik bij Sandra kind aan huis, ik sliep daar bijna ieder weekend. School interesseerde me verder ‘geen hol’, en op feestjes eindigde ik bijna altijd in tranen.
Echt zo’n vreselijke jankerd was ik dat mijn tranen nu gewoon op zijn;-)

Waarmee ik eigenlijk wil zeggen dat ik in ieder geval flink gepuberd heb, in tegenstelling tot mijn zus dus, die volgens mij pas op haar achtentwintigste ging puberen.

Mijn moeder was altijd de mildheid in eigen persoon. Een paar maanden voor haar overlijden hebben we (met Rem erbij) nog over vroeger thuis gesproken. Ik vroeg haar waarom ze het nooit voor me op had genomen.
Ze heeft toen alsnog haar excuses aangeboden. Ik ben nu heel blij dat we daarover gesproken hebben, al was het toen natuurlijk best een heel moeilijk gesprek.

Tot op de dag van vandaag vind ik het moeilijk om op een gepaste manier te reageren als ik het gevoel heb dat mij ‘onrecht’ word aangedaan. Òf ik reageer veel te mild, of ik reageer veel te fel. Ik heb moeite om een reactie daartussenin te geven. Dat felle reageren is voor mij gewoon een ingebakken coping strategie geworden.
En misschien was mijn vechtstrategie dan wel een veel betere dan de vluchtstrategie van mijn zus destijds, maar nu wordt het tijd voor wat verse strategieën.

Even voor de duidelijkheid hoor:
Nog steeds hou ik veel van mijn ouders en zus. Boven alles hielden wij van elkaar. We hadden alle vier onze eigen karaktertjes, maar bij niemand van ons was er sprake van kwade opzet om de ander verdriet te doen.
Onkunde misschien. Onmàcht. Autisme?

Ik hoop (ook voor jullie) dat ik er voorlopig even over uitgeschreven ben. Begrijpen doe ik het denk ik wel, maar dat neemt niet weg dat ik me soms een beetje boos voel.

-Boos omdat ik nu achter ben gebleven.
-Boos, op de zogenaamde vrienden van mijn zus.
-Boos, omdat ik alles maar kan regelen.
-Boos, om de moeilijke jeugd die Neef heeft gehad.
Enz.

Dat zal ook wel allemaal bij het verwerken horen en ik weet het ook heus wel te relativeren.

Maar vóelen mag ik het dus ook!!

Waar ik was…

Nu zult u zich misschien afvragen waar ik in die periode was.
-Of misschien vraagt u zich helemaal niets af, en stoort het u enkel dat ik zo openhartig ben op het internet, dat kan ook.
Misschien vind u het not-done dat ik haar teksten hier toon. Op de Hemelvaartdag dat mijn zus haar been brak op het station heb ik al toestemming van haar gekregen om over haar te schrijven. Nu is ze er zelf niet meer om mijn teksten eerst te lezen, dus doe ik dat op mijn gevoel.-

Daarnaast heiligt het doel in dit geval ook een beetje de middelen. Neef en ik zijn degenen die hier uiteindelijk verder mee moeten. Ik denk dat de prioriteit nu bij ons moet liggen. De mensen die hier evt. kritiek op hebben zal ik alleen maar willen vragen: ‘En waar was jij?’

Maar goed, de vraag is nu: Waar was ik in ’92?
In die tijd woonde ik nog samen met Martin. Op de dag van de Bijlmerramp ben ik ook met haar meegeweest naar 230 km verderop, en in de weken/ maanden daarna heb ik veel op haar ingepraat. ‘Gebruik je gezonde verstand!’
(Niet lang daarna liep mijn eigen relatie spaak, en had ik het druk met mezelf).

En dat was nou net hetgeen ze niet langer wilde, haar gezonde verstand gebruiken. Wat had dat haar tot nu toe gebracht? 
Ze was haar hele leven altijd al de verstandige, wijze grote dochter geweest. Ze had altijd al die rol gespeeld die iedereen van haar verlangde en verwachtte. Nu was het haar beurt. 

Waar ik tussen mijn veertiende en zeventiende ontzettend recalcitrant was en in een nagenoeg continue strijd met mijn vader verkeerde, bleef mijn zus in die periode het lieve, verstandige meisje waar iedereen op kon bouwen.

Ja, inderdaad. Ze schrijft het goed. Ze heeft zichzelf ontzettend verloochend. Kwam, net als mijn moeder, veel te weinig voor zichzelf op. Cijferde zichzelf weg. Ik kon me er vreselijk boos over maken als ze zeiden: ‘Laat nou maar’. 
Ik heb misschien niet veel goed gedaan in mijn pubertijd, maar mezelf verloochen etc. deed ik niet.

En misschien is dat wel de reden waarom de dingen met ons zijn gegaan, zoals ze zijn gegaan.

Zus / 1992

Nogmaals wat teksten van mijn zus gelezen. Ze was zo wijs voor haar 28 jaar maar ze was ook zo onzeker, depressief en zoekende, voelde zich nergens gewenst en kampte daarnaast met schuldgevoelens voor van alles en nog wat. Ze had besloten eindelijk haar hart te volgen.

Misschien was dus wel degelijk haar depressiviteit (en voor insiders: de return van Saturnus waar ze het zelf ook veel over heeft in de teksten) de onderliggende oorzaak en niet een TIA, zoals ik altijd zo graag wil geloven

Ze zocht het antwoord in droomanalvses, meditaties, regressietherapie, bachremedies, etc. Ze volgde een opleiding tot astrologe, werd handlijnkunde, kreeg Reiki inwijdingen en gaf consulten. Ze begon (weer) kleuren om mensen te zien, een gave die ze volgens eigen zeggen een poosje kwijt was geweest(!)

Natuurlijk heb ik niets tegen deze dingen (behalve op regressietherapie). Met mate zouden ze best een diepere betekenis kunnen geven aan het leven, zolang je de werkelijkheid en je aardse verplichtingen maar niet over het hoofd gaat zien, en je maar niet de antwoorden gaat proberen te vinden in de zogenaamde ‘geestverruimende middelen’.

Maar de vrienden die ze op haar zoektocht naar zichzelf tegenkwam brachten haar dus wèl in contact met drugs. Eerst nog tamelijk onschuldig met spacecake en wiet, maar al in ’92 gebruikte ze dus ook al coke lees ik.

Deze mensen hebben haar gewoon (ik noem het) gehersenspoeld onder het mom van zelfontplooiing. ‘Nu jij!’, ‘Volg je intuïtie’, ‘Je hebt echt bijzondere helderziende gaven’ etc.

Ik kan en zal natuurlijk niet al haar teksten overnemen maar de onderstaande teksten verduidelijken veel voor mij, en hopelijk kunnen deze teksten ook andere mensen ervan overtuigen dat ze gewoon een kwetsbaar meisje was, dat uiteindelijk niet veel meer verlangde van het leven dan liefde geven en zichzelf kunnen en mogen zijn, vrij van schuldgevoel.

image

image

image

image

image